Tourkoorts: achter de schermen van het trainingskamp van Franse topformatie

De Ronde van Californië en die van Picardië zijn net afgelopen. De Giro heeft zopas zijn eerste rustdag pas verteerd. Wie denkt er nu al aan de Tour? Velen! WielerVerhaal mocht het trainingskamp van AG2R bezoeken en trok naar de Alpen.

Op de top van de Col du Lautaret, 2.058 meter hoog, pronkt het Hotel des Glaciers, drie sterren rijk. Het is net aan de voet van de Galibier, die door de sneeuwval momenteel gesloten is. Om ter plaatse te geraken moet je even creatief zijn. De normale weg is afgesloten door een tunneltje dat op instorten staat. Bij de Tourorganisatie vrezen ze al dat het straks niet tijdig in orde komt. We hadden via de Fréjus-tunnel kunnen omrijden, maar kozen finaal voor een trip door het wonderbaarlijke van de Alpen. Het duurt iets langer, maar is zo prachtig. Zeker als de zon broeit en je het spektakel dat zich hier straks zal afspelen al voor de geest kunt halen. Via Lyon en Grenoble hebben we er een trip opzitten langs Gap en Briançon. Vele views onderweg zullen we niet snel vergeten. Laat die Tour maar al komen, denken we dan.

_COT1692 (1)Twee speerpunten

Sinds woensdag 13 mei wordt het hotel voor vijftien dagen ingepalmd door een rennerscollectief, dat van AG2R – La Mondiale. Het Franse team moet zich voor de sponsor vooral richten op belangrijke wedstrijden in eigen land, genre Dauphiné, Parijs-Nice en uiteraard La Grande Boucle. De Tour voorbereiden, dat kan beter op grote hoogte, dachten ze bij AG2R, en dus namen ze voor het eerst hier hun intrek. We arriveren in de namiddag en een uurtje later sijpelen een aantal renners binnen. Als iedereen straks paraat is, zullen ze met twaalf zijn. Riblon en Van Summeren komen nog achter, maar we zien alvast Jan Bakelants en Ben Gastauer. Met in hun zog dé twee grote speerpunten voor aankomende Tour: Jean-Christophe Péraud en Romain Bardet. De ene opgegroeid als mountainbiker en zijn debuut in het profpeloton pas gemaakt in 2010, bij Omega Pharma – Lotto nog wel. Vorig jaar werd hij op zijn 37e tweede in de Tour, op ruim zeven minuten van eindwinnaar Nibali. Met die krachtpatserij hield hij maar mooi Valverde en Van Garderen van het podium. De andere moet zijn grote opvolger worden bij AG2R, want stilletjes hopen ze bij het team dat Romain Bardet, pas 25, ooit de Tour kan winnen. Zijn statistieken gingen de voorbije jaren alvast crescendo. 15e in 2013, 6e vorig jaar. De hoop is dus gerechtvaardigd. Wie straks de uitgesproken kopman wordt, zal moeten blijken na de eerste Tourweek. “Daarin kan veel gebeuren”, grijnst Péraud, wanneer we hem op weg naar zijn lunch aanspreken. “Met de wind en de kasseien weet je maar nooit.”

Fietsen, eten en rusten

Hier op de Lautaret komen beide Tourpretendenten de basis leggen om straks weer te vlammen. Het zijn zij waar wij als wielerliefhebber straks weer voor zullen staan schreeuwen, voor tv of langs de weg. Dus kunnen ze maar beter in vorm zijn. “Zo’n trainingskamp, da’s fietsen, eten en rusten”, zegt sportief directeur Julien Jurdie ons vanuit zijn volgbusje. “Elke dag staat er een groepsrit gepland en daarbuiten hebben de renners nog wat individueel werk op te knappen. Dan gaat het om massages, maar ook krachttraining en drie keer anderhalf uur techniektraining. De renners hebben verschillende nieuwe fietsen en dan kan het geen kwaad om de houding wat te perfectioneren. We besteden ook een paar ritten aandacht aan de ploegentijdrit. Daarvoor trekken we naar de omgeving van Briançon, waar er veel vlakke wegen zijn. Het is hier werken, werken, werken”, lacht Jurdie. “Maar het is ook fun, want de renners leren elkaar beter kennen en door met elkaar om te gaan leren ze elkaar ook meer appreciëren, waardoor de teamspirit beter wordt.” De renners moeten het die twee weken wel degelijk met elkaar doen, want als we bij mediachef Yves Perret terloops informeren of de vrouwen welkom zijn, krijgen we een kordaat antwoord: “Interdit!” Met elkaar dus, en met de sportieve staf. “Ik ben hier als sportief directeur samen met een trainer, een mecanicien, drie masseurs, een perschef en communicatieverantwoordelijke”, zegt Jurdie. “Voor het overige loopt hier regelmatig nog wat volk binnen en buiten. Dokters, osteopaten, managers,….”

Uren en kilometers

Straks moeten de renners weer de Galibier, l’Alpe d’Huez, La Toussuire, Col du Glandon en de Croix-de-Fer op. De drie Touretappes in de Alpen worden hier al tot in de puntjes verkend, terwijl ook de kilometers tellen. “Twaalfhonderd kilometer zullen de renners in de benen hebben op die vijftien dagen”, vertrouwt Jurdie ons toe. “Maar belangrijker zijn de uren op de fiets. Het is echt opbouwen. De eerste dag hebben we twee uur gefietst, de tweede dag drieënhalf uur, de derde dag wegens de sneeuw enkel wat op de hometrainer, de vierde dag vier uur en de vijfde dag vijfenhalf uur. Daarna begint de cyclus opnieuw. Wel liefst zonder dat hometrainergedoe”, kan er nog net een lachje af. “We blijven in de Alpen, behalve één nachtje. Dan verkennen we twee dagen de omgeving in La Toussuire, dat op 1.800 meter ligt.”

De komende weken focust het team op de Dauphiné en de Ronde van Zwitserland, op het Frans kampioenschap tijdrijden en het verkennen van de Pyreneeën. En dan, Le Tour!

 

Foto : Yves Perret Médias / AG2R – La Mondiale

In this article