desselgemkoerse16Seingevers. Zonder hen geen koers. Geen parking ook, zo blijkt als ik me bij aankomst in Desselgem aanbied bij het lokale O.C.. 2 heren op leeftijd, getooid in fluohesjes en met obligate pet, wijzen me een plek. Niet dat een acuut plaatsgebrek zich opdringt, daarvoor ben ik veel te vroeg. Mijn ietwat voortijdige opwachting geeft me wel meteen de kans om beide mannen aan te spreken.

Al gauw gaat het over de onvriendelijkheid van sommige automobilisten. De oudste seingever, stevig in de 70, blijkt zowaar de helft van een heus seingeverskoppel te zijn. Maar vrouwlief heeft zich recent zodanig opgewonden over een hitsige chauffeur dat ze met een te hoge bloeddruk in het ziekenhuis werd opgenomen. “Ja meneer, al meer dan 40 jaar doe ik dat. Niet voor het geld, maar wel uit liefde voor de coureurs. Maar volgend jaar stop ik ermee. Genoeg is genoeg.” Dan kantelt het gesprek naar opvolging. Wie zal na hen nog zo gek zijn om voor 2 pistolets met gekapt, een bescheiden bijdrage en een paar bierbons uren in de wind, regen of brandende zon te staan, om dan maar al te vaak te fungeren als pispaal?

desselgemkoerse162Advies van een Tourwinnaar

Van mannen met een geel hesje is geen sprake in de gelegenheids VIP-ruimte. Wel een resem lokale notabelen, vriendenclubjes en een handvol oud-renners. Onder hen Roger De Vlaeminck en Lucien Van Impe. ‘Seete’ geeft aan de microfoon toe dat hij en zijn Flandria-ploegmaats ploegleider Briek Schotte – Desselgem Koerse staat bekend als de G.P. Memorial Briek Schotte – wel eens een loer durfden te draaien. Van Impe gebruikt z’n spreektijd om het dalend aantal kermiskoersen aan de kaak te stellen. “Ik gebruikte kermiskoersen als training: 1 dag wedstrijd, een dagje rust en dan opnieuw een kermiskoers. Gek van al dan draaien en keren was ik niet, maar zo raakte ik wel in vorm. Elke prof zou dat moeten doen.”

Een oud-Tourwinnaar die het nut van een kermiskoers benadrukt, het zou op de muren van elk wielerclublokaal gekalkt moeten worden. Het aantal profrenners in de 74e editie van Desselgem Koerse is echter beperkt. Onder hen wel mannen als Zico Waeytens, Sep Vanmarcke, Jens Debusschere, Iljo Keisse, een aantal Topsport-renners en een delegatie van de Nederlandse Roompotploeg. 1 van de in het oog springende namen is die van de Roemeen Daniel Crista. Waar de man vandaan komt, weet niemand. Na de koers vertrekt hij opnieuw naar niemandsland, voorzien van een uitpuilende rugzak met daaraan nog eens twee reservewielen gebonden.

desselgemkoerse163Pintenvelo

En dan de koers zelf. Van in het eerste wedstrijduur wordt koers gemaakt. Sep Vanmarcke trekt de boel bijzonder snel op gang. Na 1 uur koers is er al 47 van de 155 km afgehaspeld. Leuk om het zoevende peloton vanuit een schaduwrijke plek – de thermometer gaat vlotjes de grens van de 30 graden voorbij – te aanschouwen, dat zeker. Tussen de passages door lijkt het alsof de organisatie voor een heuse vedettenparade heeft gezorgd. Passeren de revue: een Pantani-lookalike, de alom bekende ‘Programma’s’-man, dikbuikige heren in een te krappe tenue op een te dure fiets en nietsvermoedende, gehaaste passanten op de stadsfiets van wie wielerauteur Tim Krabbé wel eens zou durven beweren dat de ‘leegheid van hun levens’ hem een schok zouden bezorgen.

1 man op de fiets wordt door mijn metgezel aangesproken. Geen blinkende bolide onder de kont van deze wielerfan. Wel een afgeleefde velo – in dit geval is het woord ‘velo’ pas écht van toepassing, veeleer dan het mooier klinkende ‘fiets’. “Mijn pintenvelo”, zo omschrijft S.V. uit D. zijn stalen ros. “Niet mijn beste velo, maar wel uiterst geschikt om pinten te gaan drinken.” En waarom dan precies, vragen wij ons af? “Mijn zadel staat op wankelhoogte. Bij neiging tot dronkenschap kan ik vanop die hoogte in geval van nood heel snel voet aan de grond zetten.” Het gesprek valt even stil: tegen zoveel wijsheid kunnen wij niet op.

Sep en de bakvissen

Intussen snelt de koers naar de laatste ronde. Brian Van Goethem, winnaar van Desselgem Koerse 2015, springt weg uit een kleine kopgroep. Meer dan 15 seconden krijgt de Roompotter niet, maar de Nederlander houdt stand. Geen verhoopte zege van man-van-de-streek Sep Vanmarcke, wel een 2e opeenvolgende overwinning van de sterke Van Goethem. Op het geïmproviseerde podium – na de aankomst wordt nog snel snel een bord vol sponsors geïnstalleerd – mag Van Goethem met de champagne spuiten. Dan al dreigt de kleine Nederlander letterlijk en figuurlijk in de schaduw van Sep Vanmarcke – 3e – te verdwijnen.

Eenmaal van het podium is het zover. De Roompotter kan in alle rust wegstappen, Vanmarcke moet op de foto met een bende bakvisjes, die duidelijk hun alcohollimiet hebben bereikt. Rijzige Sep laat het zich allemaal welgevallen. Maar net als seingevers maken zij mee de koers. Net als de rondtrekkende vedettenparade die voor de renners uitrijdt. Zonder hen kunnen renners evengoed zelf op de lappen gaan en hun blinkende bolide degraderen tot een pintenvelo.

 

Fotomateriaal: Roland Desmet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*
*