Cancano, nabij de Fraele-torens (1964 m), is een plateau met een hoogte van bijna 2000 m boven de bergen van Bormio, Livigno en Zwitserland. Er zijn 2 grote kunstmatige meren die worden gebruikt om de nabijgelegen waterkrachtcentrale in Premadio van stroom te voorzien. De 14 km lange beklimming naar Cancano was vroeger vooral bekend bij mountainbikers, maar sinds de volledige asfaltering enkele jaren geleden is het een topbestemming geworden voor elke fietser die wel een colletje kan smaken.

“Cancano is zonder meer 1 van de aantrekkelijkste beklimmingen van deze regio”, zegt Daniele Schena. De uitbater van het Funivia Bike Hotel in Bormio kan het weten: hij is zelf een doorgedreven fietser en doet tijdens de sneeuwvrije maanden wekelijks een handvol cols in de omgeving. “Lang geleden stond deze beklimming te boek als de oude vluchtweg naar Duitsland”, vertelt Schena. “We spreken dan al van de 12e eeuw. Toen gebruikte men de weg door Passo delle Scale omdat de houten treden makkelijk te verwijderen waren bij een aanval. Ik denk dat het vooral een strategische goederentransportroute was naar Zwitserland, Oostenrijk en Duitsland.”

Switchbacks

De voorbije jaren is de klim naar Cancano bijzonder populair geworden, al moet je de streek wel kennen om hem te vinden. “Van april tot november kan je hem beklimmen met de zon op je snoet”, weet Schena. “Het is een leuke klim die heel zachtjes aan begint in het dal van Bormio. De echte beklimming begint pas wanneer je van de ene switchback in de andere begint te fietsen. Tussen de 2 torens van Fraele door, wanneer je de tunnel uitkomt, heb je een weergaloos uitzicht op de klim, en bij uitbreiding op heel Bormio. We noemen deze erg bochtige beklimming ook wel eens ‘De Princes’. De klim is geweldig om te doen, maar hij is ook niet té lastig. Dat maakt hem zo populair. Er is ook zelden gemotoriseerd verkeer, ideaal dus voor een stevige inspanning.”

Eens je boven bent aan de torens van Fraele kan je een stukje doorfietsen over onverhard wegdek. Blijf de weg licht bergop volgen en je komt bij het kunstmatig aangelegde Lago di Cancano. Je kan er ook iets drinken en/of eten in een gezellige pub. Aan de overkant van de stuwdam heb je het Lago di San Giacomo. Met een mountainbike kan je er fantastisch rondfietsen. Je kan er ook de oversteek maken naar Livigno en zelfs Zwitserland.

Dimitri Claeys

Ook voor profs is de Cancano-klim interessant terrein, laat Schena verstaan. “De bedoeling van een stage is dat je hoog slaapt en laag traint. Daarom komen er velen overnachten in Livigno of op de Stelvio, om vervolgens in het dal te kunnen trainen. Vorig jaar zat ik plots in het wiel van een Belg met een shirt van Cofidis Pro Team. Dat het een prof was, zag ik aan zijn slanke taille, geschoren benen, powermeter en zijn fietsnaamsticker. Het bleek Dimitri Claeys te zijn, een vriendelijke gast die vooral ook heel down-to-earth is. Ik gaf hem wat tips om hier uit het verkeer te blijven en we hebben samen de Cancano omhoog gereden. He was zijn 1e keer. Een paar dagen later won hij een rit in de 4-daagse van Duinkerke. Toen hij terugkwam op hoogtestage is hij met zijn vader in ons fietshotel blijven dineren. Hij had ook een gesigneerd shirtje meegebracht met een persoonlijke boodschap. Schitterende kerel!”

Om de Cancano te gaan beklimmen, is Funivia Bike Hotel in hartje Bormio en aan de voet van de Stelvio de ideale uitvalsbasis. Fietshotel met alles op en aan en een uitbater die elk weggetje in de wijde omgeving als zijn broekzak kent. Hij kan dan ook advies op maat geven, of hij gaat gewoon met je mee als je dat wilt.

Total
20
Shares

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*
*