In het kader van de professionalisering van het vrouwenwielrennen voert de UCI vanaf 2025 procontinentale teams in. Bij de indeling van ploegen wordt een extra niveau in het leven geroepen. Zoals bij de mannen tussen WorldTour en continentaal. Proximus-Cyclis heeft plannen om daar vanaf 2026 op in te spelen. De vrouwenploeg van manager Eddy Van Bunder wil tegen dan procontinentaal worden.


Nathalie Bex
De voorbereiding op die stap is begonnen. Procontinentale teams moeten ook bij de vrouwen met voltijdse profs werken. Bij Proximus-Cyclis zal dat in 2025 nog niet het geval zijn. Wel vanaf 2026. David Boucher (44), die in z’n actieve carrière vaak in vroege ontsnappingen kroop, is performancecoach bij het vrouwenteam. Vanaf 2025 wordt hij sportdirecteur. De voorbije weken werden heel wat transfers afgerond.
“Ik ga mijn ervaring als renner doorgeven aan onze rensters”, verduidelijkt Boucher, Belg in hart en nieren en ook officieel sinds 2011. “In 2025 verandert er veel bij onze ploeg. We trokken heel wat nieuwe rensters aan. Betere rensters ook, omdat we op middellange termijn op internationaal vlak willen meespelen. Daarvoor moeten we een beetje sterker worden. Vandaar ook dat we ons op de transfermarkt gooiden.”
De Nederlandse rensters Lente Boskamp en Deborah Veerman blijven in 2025 bij Proximus-Cyclis. “We nemen enkele rensters over van Team Krush, een ploeg die ermee ophoudt”, verwijst Boucher naar de komst van de Britse Henrietta Colborne (26), de Nederlandse Marissa Baks (25) en haar landgenote Renée van Hout. “Die rensters kwamen vrij en bouwden al enige ervaring op. Ook Nathalie Bex komt bij ons.”



Meer durf
De Limburgse komt over van Chevalmeire, eveneens een team dat verdwijnt. Ook de 32-jarige Julie Sap stapt over naar Proximus-Cyclis. De West-Vlaamse verdedigde het voorbije seizoen de kleuren van het devoteam van Fenix-Deceuninck. “We willen in 2025 al sleutelen aan de ploeggeest”, benadrukt David Boucher. “Het is de bedoeling om een team te worden dat voor elkaar wil rijden en strijden.”
Daarover heeft Boucher een duidelijke visie. “Op middellange termijn is het niet de bedoeling aan de streep iemand te hebben die 15e eindigt, een andere renster 17e en nog een andere 22e”, benadrukt de Fransman. “We gaan niet individueel koersen, we willen resultaten en punten pakken. We streven naar een goeie ploeggeest. Om tot die cohesie te komen gaan we de nodige stages doen, gaan we groepstrainingen geven. Zodat de rensters elkaar goed leren kennen.”
Waar hij zelf zo sterk in was, wil hij in de toekomst bij Proximus-Cyclis zien. “Rensters mogen geen schrik hebben om mee te gaan in een vroege en lange vlucht”, benadrukt Boucher die onder meer voor Landbouwkrediet, La Française des Jeux en Tarteletto-Isorex vele uren in ontsnappingen doorbracht. “In de toekomst moet het shirt van de ploeg echt gezien worden tijdens de talrijke rechtstreekse uitzendingen op tv. Door in de achterste regionen van een peloton te rijden, krijg je geen publiciteit.”



Veldritploeg
Om de plannen om procontinentaal te worden te kunnen uitvoeren en om 15 tot 20 rensters een volwaardig loon te kunnen geven, is zonder twijfel extra budget nodig. “Dat is het werk van andere mensen, ik hou me enkel met de sportieve kant van de zaak bezig”, verduidelijkt Boucher, die ook betrokken is bij het veldritteam van Proximus-Cyclis.
“Onze wegploeg wordt opgewaardeerd, maar de crossploeg blijft minstens even belangrijk”, verduidelijkt de ploegleider. “We behielden de ploeg van vorig seizoen. Met onder meer de ervaren Loes Sels, met Femke Gort, maar ook met Tessa Zwaenepoel en Meg De Bruyne die zich concentreren op de nationale crossen en af en toe internationaal rijden. Met Francesca Baroni hebben we een sterke renster. Ook het niveau van Adèle Hurteloup en van Bloeme Kalis, die weer begint te crossen, mag worden gezien.”
De rensters van het veldritteam van Proximus-Cyclis zullen ook tijdens het wegseizoen worden ingeschakeld. “In 2025 wordt het belangrijkste om op de weg zo veel mogelijk UCI-punten te sprokkelen”, besluit Boucher. “Om later op internationaal vlak mee te spelen en eventueel overwinningen te pakken.”


