
Met boeken over de geschiedenis van de Ronde van Frankrijk kan je meerdere bibliotheken vullen. Voor de literatuur over de vrouwenversie kom je echter toe met een boekenplank. ‘Vive le tour, Vive les femmes’ voegt nog echt iets toe. Eindelijk nog eens een Tourboek waar we veel van bijleerden. De auteurs weven er een inleiding in de geschiedenis van het vrouwenwielrennen tussen, waardoor je bij het lezen 2 vliegen in 1 klap slaat.


Wat was nu de échte Tour?
De verhalen uit de geschiedenis van de Tour de Femmes liggen zomaar voor het rapen, want er is al amper over verteld. ‘Vive le tour, Vive les femmes’ van Julia Mullié en Tim de Vries trok dan ook onze aandacht. Een eerste moeilijkheid waarmee de auteurs mee geconfronteerd werden, is het bepalen van hun beginpunt. La Course kende immers 2 voorlopers. Welke zich daarvan de ‘echte’ Tour mag noemen, is voer voor stevige discussies. De auteurs omzeilen het debat handig door het oordeel aan de lezer te laten – ze leggen wel alle argumenten op tafel.
Het boek begint met een straf verhaal: al in 1908 verwees Marie Vervingt alle argumenten tegen koersende vrouwen naar de vuilbak. Zij legde zich niet neer bij de weigering omtrent haar deelname aan de mannen-Tour en bracht ritten van meer dan 400 km tot een goed einde. Volgens de overlevering had ze zelfs als 2de geëindigd tussen haar mannelijke collega’s. Wellicht is dat laatste meer een fabel dan een feit, maar de toon is wel meteen gezet. Ook de vrouwen bedwingen hoge cols en leveren hevige strijd voor ritwinst en de leiderstrui.
Een leuke extra: doorheen het boek krijg je de geschiedenis van het vrouwenwielrennen cadeau. Begin 20ste eeuw al bijvoorbeeld leverden rensters strijd in korte, vinnige wedstrijden die daardoor een grote populariteit kenden.



Le Tour est arrivé
In 1955 was het eindelijk zo ver: de eerste Tour de France Féminin! Met 372 km over 5 dagen maakte die een voorzichtige start. Niet de officiële Tour-organisator, maar Jean Leulliot van de concurrerende krant kwam met het idee voor de proppen. Mogen we het dan wel een echte Tour noemen? Millie Robinson kroonde zich na een sterke tijdrit als eerste eindlaureate. Je leest het goed: in tegenstelling tot de moderne Tour de Femmes stond de tijdrit toen wel meteen op het programma.
Helaas geen reden voor gejuich, want na 1 keer hield de organisatie er al mee op. Pas in 1984 kregen we terug een rittenkoers die de naam ‘Tour’ draagt. Toen stond de ‘echte’ Tourorganisatie wél aan het stuur, met dank aan Felix Lévitan. De vrouwen dienden letterlijk als opwarmertje voor de mannen, want ze werden vooruit gedreven door de reclamekaravaan en het mannenpeloton. Vanaf dan trokken de vrouwen wel over serieuze cols.
De dominantie van de Nederlandse vrouwen blijkt geen modegril, want ze monopoliseerden de eerste 7 ritten. De gele trui in Parijs haalden ze echter niet binnen. Lévitan was blijkbaar progressiever dan de UCI, want tegen hun regels in stonden er maar liefst 18 ritten op het programma. Lévitan omzeilde het jaar nadien opnieuw de regels van de UCI door een inventieve truc uit te halen. Die hogere wiskunde laten we u zelf ontdekken in het boek. We verklappen alvast dat hij zijn tijd ver vooruit bleek: in die Tour-editie kon je wél een wissel inbrengen tijdens een grote ronde.



Geschiedenis ontdekken
Het vrouwenwielrennen bleek in een pril stadium al verrassend internationaal. In de 2e Tour de France reed zelfs een Chinese ploeg mee. De Chinese rensters startten zonder ervaring maar groeiden doorheen de race. 1 van hen streed zelfs mee voorin op de Tourmalet.
Aan de hand van korte portretten leren we de prominente rensters beter kennen. Niet alleen de mooie verhalen komen voorbij: we lezen over eetstoornissen, incompetente coaches, het dopingspook en de reductie van vrouwen tot lustobject. Gelukkig passeren ook heel wat leuke weetjes: zo slaagde Hanka Kupfernagel er in 1997 in om de gele trui al te dragen tijdens de 1e rit. Met enig leedvermaak lazen we dat Emma Pooley in 2013 ASO bombardeerde met bijna 100.000 mails om de deur open te wringen naar de moderne Tour de Femmes. Er sneuvelt zelfs een mythe: het minieme verschil tussen LeMond en Fignon na de slottijdrit blijkt geen Tourrecord.
Naarmate we steeds dichter naar de recente Tours opschuiven, beginnen we namen te herkennen. Jeannine Longo, Leontien van Moorsel, Zulfiya Zabirova en uiteraard Marianne Vos. We verklapten al te veel, dus houden we de rest voor onszelf. Nog 1 iets verdient absoluut de spotlights: mocht Lotte Kopecky de Tour weten te winnen, dan zal ze niet de 1e Belgische zijn die daar in slaagt. Bedankt, Heidi Van de Vijver!
Shop het boek bij onze partner Boekencafé!

Nieuwe reeks tickets te winnen voor het Wattage Festival in Oostende!

