
Aan de rand van het Tour-circus vinden we de belangrijkste figuren. Jeremie Debeuf, hoofd productontwikkeling bij Van Rysel, leidde de fietsen van Decathlon naar een hoger niveau. Hij zet ons mee aan het stuur van het ontwikkelproces en leert ons hoe de samenwerking tussen ploeg, renners en fietsfabrikant ineensteekt.


Peyragudes
Voor we het ontwerpproces van A tot Z meebeleven, spoelen we vooruit naar de 13e etappe van de Tour 2025. Daar wacht een breinbreker voor renners en staf: een klimtijdrit met een vlakke aanloop zorgt voor het nodige wikken en wegen. Met een wegfiets starten of toch even voorsprong opbouwen tegenover de concurrenten op een tijdritmachine? “De wegfiets is de snelste optie”, antwoordt Jeremie Debeuf resoluut nog voor we de vraag stellen. Na de vele simulaties, testen en gesprekken met de stafleden en renners van Decathlon AG2R La Mondiale, klinkt het hoofd productontwikkeling bij Van Rysel behoorlijk zeker.
“Bij dergelijke keuzes betrekt de ploeg ons als fietsfabrikant heel nauw. Het vormde 1 van de centrale vraagstukken van deze Tour. Wij beschikken als ontwikkelaar over de data en kunnen simulaties doen met onze aero- en tijdritfietsen. Op basis van de feedback van de renners en staf deden we aanpassingen aan de set-up om tot het best mogelijke resultaat te komen.”
Debeuf neemt zijn rol zeer serieus en oogt het hele interview geconcentreerd en precies in zijn uitleg. Als we polsen of er een kinderdroom als renner schuilt achter zijn passie als bike designer, breekt echter een brede glimlach open op zijn gezicht. “Bij het ontwerpteam van Van Rysel zijn we allemaal erg gepassioneerd door het wielrennen. De laatste 5 km van de Tourritten zal je ons allemaal achter het Tv-scherm vinden. Schrijf het gerust op, onze baas moedigt ons hier in aan”, grinnikt hij.



Compromissen
De tijd vliegt al even snel als de fietsen van Van Rysel: anno 2025 staat het merk al voor de 2e keer aan de start van de grootste wielerwedstrijd ter wereld. Vorig jaar 2024 kreeg het grote publiek voor het eerst de RCR-F te zien, de aerofiets van het Noord-Franse fietsenmerk. Dit jaar zullen we geen grote nieuwigheden spotten in de Tour. “We deden een paar kleine aanpassingen aan de set-up, maar het 2e jaar is vooral het jaar van de bevestiging”, weet Debeuf. “In de vorige Tour reden 3 renners met het aeromodel, dit jaar breiden we dat uit. Met die input kunnen we dan verder gaan ontwikkelen.”
Aerofietsen moeten sprinters en klassieke renners naar de beste prestaties pushen. Toch komen aan de tekentafel ook klimmers en klassementsmannen in beeld die de RCR-F gebruiken tijdens de vlakke etappes. Hierdoor dienen de ontwerpers compromissen te sluiten tussen de verschillende type renners: waar Sam Bennett het carbon nog stijver zal willen, vraagt Felix Gall om iets meer comfort.
Debeuf neemt ons mee in de cockpit van de ontwikkeling van de RCR-F. “We begonnen helemaal met een blanco canvas, al hebben we wel de fietsen van de topconcurrenten gemeten. Als je de beste wil verslaan, moet je hun sterktes kennen en uitzoeken waar nog kansen liggen. Het start met het stellen van doelen: we wilden de meest aerodynamische fiets op de markt neerzetten. Hij mocht ook maximum 7,5 kg wegen in maat Medium. De belangrijkste zoektocht draaide rond de stijfheid, om de krachtige sprinters te bedienen. Alles samen testten we 15 verschillende frames.”



Ontwikkelproces
“We besteedden ook veel tijd aan de cockpit en zadelpen. Je moet het zien als een geheel: soms haal je winst in 1 onderdeel, maar benadeelt dat een ander onderdeel”, legt Debeuf uit. “Nadat de prototypes uit de 3D-printer rolden, werkten we samen met Swiss Side, onze performance partner. We gebruikten een windtunnel in Duitsland om tests uit te voeren. Dat was pas de 1e stap, want dan moet je het juiste carbonrecept creëren om aan de noden van de renners tegemoet te komen. De beste efficiëntie haal je niet alleen uit stijfheid, want je moet de goede balans vinden. Te stijf vraagt te veel energie van de renner.”
In die fase komt de renner in beeld. “Net na de 4-daagse van Duinkerke 2024 gingen we in het veld testen met de renners. We introduceerden hen de verschillende modellen en trokken naar de kasseien van Parijs-Roubaix en de bergjes in Vlaanderen. Zo verzamelden we zowel feedback als data met onder andere Sam Bennett, Dries De Bondt en Oliver Naesen”, legt Debeuf uit. “Door te werken met renners met verschillende profielen konden we de perfecte stijfheid identificeren. In de 2e stap breidden we dat uit met een aantal klassementsrenners en klimmers. Het is een compromis, want zij rijden op de RCR-F om energie te sparen en mee te kunnen strijden in de wind tijdens vlakkere ritten.”
Dit jaar 2025 moet dus de bevestiging van het aeromodel worden. Benieuwd of Felix Gall de waaieretappes in het Tour-begin overleefde dankzij de fiets.
