
Veldrijder Keije Solen (19) sluit zijn wegseizoen af met enkele laatste wedstrijden op de weg. Zondag reed hij de GP Rik Van Looy tussen Westerlo en Herentals. Straks volgt nog de GP Cerami. Daarna volgt een periode van rust, om in november opnieuw het veld in te duiken. “Ik ga dit jaar toch een paar goede weken rust nemen, en dan rustig opbouwen richting de cross in Hamme”, aldus de Nederlander van Wanty-Nippo-ReUz.


1e echte seizoen op de weg
De veldritwinter is voor Keije Solen ook voor 2025-2026 geen bijzaak, maar een essentieel onderdeel van zijn programma. Geen onlogische vraag die we hem toewierpen, want zijn uitspraak dat hij ooit de Tour wil rijden, blijft hem wellicht nog een aantal jaren achtervolgen. “Ik ga weldegelijk met serieuze ambities de winter in”, bevestigt de vicewereldkampioen Veldrijden bij de junioren van 2024, waar hij in Tábor werd afgetroefd door de Italiaan Stefano Viezzi. “De focus ligt op de Wereldbekers en de kampioenschappen. Het EK komt misschien wat vroeg, maar ik wil juist pieken op die momenten, niet de hele winter constant rijden.”
De overstap naar de beloften verliep beter dan verwacht. “Op de weg is de stap naar de U23 enorm, maar in de cross valt dat mee. Als je technisch vaardig bent, kan je goed mee. Ik had het moeilijker ingeschat”, blikt Solen nog eens terug. Zijn doel is komend seizoen om meer voor de prijzen mee te doen. Afgelopen seizoen reed hij al meerdere Wereldbekers bij de beloften, dit jaar wil hij dat programma verder uitbouwen.
Naast het veldritprogramma rijdt Solen anno 2025 zijn 1e volwaardige seizoen op de weg. In de kleuren van Wanty-Nipoo-ReUz, de opleidingsformatie van Intermarché-Wanty. En als crosser staat hij uiteraard in kort contact met sportdirecteur Bart Wellens. De weg leverde hem de voorbije maanden liefst 3 podiumplaatsen op, waaronder een 2e plek in Grand Prix de Pérenchies. “Van tevoren had ik weinig verwachtingen van dit wegseizoen, gewoon plezier maken”, klinkt het relaxed. “Dat ik meerdere keren op het podium stond, is een verrassing. Pérenchies was absoluut het hoogtepunt, ook al baalde ik dat ik de sprint niet won van Toon Vandebosch. Winnen is toch nog iets anders dan 2e worden.”



Groter trainingsvolume
Het debuutjaar smaakt naar meer. Solen voelt dat hij de koers steeds beter begint te begrijpen. “Ik merk dat ik meer ambities krijg op de weg en het spelletje beter leer spelen. Toch wil ik het crossen niet opgeven, daarvoor doe ik het te graag.” De Tour de France rijden blijft vooral een doel op lange termijn. “De Tour is de mooiste wedstrijd die er is. Of het voor mij haalbaar is, moeten de komende jaren uitwijzen. Voorlopig is het een droom, maar wel een realistische.”
De vraag of zijn combinatie van weg en veld in dat perspectief houdbaar is, vindt hij interessant. “Er zijn meerdere renners die het doen, dus het is mogelijk. Voor mij persoonlijk moeten we nog zien of dat werkt. De ploeg kijkt mee en beslissingen maken we samen. Een belangrijk thema in mijn ontwikkeling is alvast de bewuste keuze om de trainingsbelasting stap voor stap op te voeren. Ik zat de afgelopen jaren op vrij weinig trainingsvolume. Dat was bewust, want we willen duurzaamheid. Veel jonge renners maken snelle stappen, maar hebben moeite bij de profs. Dat proberen we te vermijden.”
Nu het trainingsvolume toeneemt, merkt Solen duidelijke vooruitgang. “Ik zet reuzenstappen en hoop dat dit zich komende winter vertaalt in resultaten.”



Geleidelijke groei
Voorlopig noemt Solen zichzelf zowel wegrenner als crosser. “Het is nu echt 50-50. Op de weg krijg ik steeds meer ambities, maar ik kan me geen winter zonder cross voorstellen.” Vergelijkingen met Mathieu van der Poel en Wout van Aert duiken snel op, al relativeert hij die meteen. “Dat zijn natuurlijk voorbeelden, maar welke richting ik opga, weet ik nog niet.”
De Nederlandse belofte staat aan het begin van een loopbaan die zich zowel op de weg als in het veld ontwikkelt. Zijn 1e wegseizoen leverde podiumplaatsen en vertrouwen op, terwijl hij in de cross mikt op Wereldbekers en kampioenschappen. Met een voorzichtige maar duidelijke trainingsopbouw en de ambitie om ooit in de Tour te rijden, kiest Solen voor het pad van de geleidelijke groei. “Stap voor stap sterker worden, dat is nu het belangrijkste”, vat de poulain van Bart Wellens samen.
