
Crabbé-Dstny bouwt verder aan de toekomst van het wielrennen. De jeugdploeg doet dat sinds 2026 aan de zijde van Alpecin-Premier Tech. Mede dankzij een hoogstaand internationaal programma. Teammanager Jo Van Gossum benadrukt ook dat fun centraal staat en de ploeg mee wil bouwen aan het meisjeswielrennen.


Puntjes op de i
We stappen een gezellig aangekleed kantoorgebouw in Zaventem binnen. Het is iets voor 8 uur op 6 maart 2026, de avond valt stilaan over een alweer zonovergoten winterdag. “Het seizoen is vorige week begonnen, maar we nemen nog graag de tijd om onze partners en stafleden die elke week klaarstaan voor de renners, in de bloemetjes te zetten. Daarvoor is een ploegvoorstelling het ideale moment”, vertelt Jo Van Gossum, teammanager van Crabbé-Dstny, enkele uren later, met de nodige trots en nuchterheid.
Dat kantoorgebouw is de thuisbasis van Dstny, co-naamsponsor van de jeugdploeg en welbekend in het wielrennen. Het bedrijf is al enkele jaren partner van het team én zal dat ook blijven. De reden voor het geslaagde huwelijk is niet ver te zoeken. Bij Dstny is het mantra naar eigen zeggen ‘amuseer je’, een ingesteldheid die ze ook bij de ploeg hanteren. “Fun is de 1e regel, zeker bij de kleinsten”, aldus Van Gossum.
Ook op de ploegstage afgelopen februari was er plaats voor plezier. “Een wielerploeg zonder stage, dat gaat tegenwoordig niet meer. Het is het ideale moment voor de laatste loodjes trainingsarbeid, maar de renners worden er ook goed gesoigneerd”, blikt hij terug. “Na terugkeer uit Spanje hadden we nog een week tot de eerste wedstrijden. Zo konden we echt profiteren van de stage en de puntjes op de i zetten.”



Uitgebreid programma
Van Gossum zoomde ook in op een nieuwe samenwerking met een ploeg uit het profpeloton. “Daan De Wever van Dstny bracht ons in contact met Philip Roodhooft van Alpecin-Premier Tech. Zij waren op zoek naar een jeugdploeg gespecialiseerd in het opleiden van nieuwelingen en junioren die bovendien een mooi wegprogramma kan voorleggen. Na een kwartier was het geklonken.”
“Wij rijden zowat alle grote UCI-wedstrijden in binnen- en buitenland. Ook bijvoorbeeld de Valromey Tour – een 5-daagse rittenkoers in Frankrijk – staat op onze planning. Op dat vlak doen we niet onder voor de grote devo-ploegen zoals Grenke Auto-Eder of JEGG-SKIL-DJR. De term devo-team nemen we niet graag in de mond, maar eigenlijk fungeren we zo wel voor de ploeg. Zij het bij de jongere categorieën”, vertelt Van Gossum.
“Dankzij ons uitgebreide UCI-programma kunnen wij unieke kansen bieden aan onze renners en dat is exact wat zij zochten. Daarom stallen ze ook een 4-tal jongens, waaronder de talentvolle Lars Peers, bij ons. Uiteraard moeten we daar een beetje rekening mee houden, maar als je de kans krijgt die jongens in je team te hebben, zou het niet verstandig zijn om dat af te wimpelen”, lacht de teammanager.



Meisjes op de fiets krijgen
Verder wil Crabbé-Dstny meebouwen aan het vrouwenwielrennen. “Bij de meisjes zit de koers ondanks alle pogingen nog steeds niet in de lift. We willen ons daar volledig mee achter zetten. Het blijkt bovendien goed te lukken om de betere jeugdrensters aan te trekken. 2026 is een beginjaar met beperkte kern. Vanaf volgend jaar hopen we uit te breiden en een heel mooi programma te rijden. De toekomst zal uitwijzen of dat mogelijk is”, vertelt Van Gossum in Zaventem, waar intussen een heerlijk gezapige sfeer hangt. “Het draait niet enkel om de kampioenen, maar ook om het grote plaatje. We willen alle meisjes op de fiets krijgen.”
Een jeugdploeg draait om ontwikkeling, waarbij Crabbé-Dstny ruimte laat voor verschillende disciplines. “Een renner presteert pas als hij of zij zich goed voelt. Als zij daarvoor een combinatie willen maken, moet je hen laten doen. Het is onze taak om te luisteren en hen erop te wijzen dat ze voldoende moeten rusten en hun programma goed moeten uitbalanceren. Mathieu van der Poel combineert verschillende disciplines, onze renners kunnen dat zeker ook.”
De komende weken staat de ploeg aan de start van een kermiskoers in eigen gouw, maar ook grote wedstrijden als Nokere Koerse en de Guido Reybrouck Classic. In de zomer wachten nog belangrijke afspraken, met Valromey op kop. “Dat is echt een heel grote wedstrijd, met een loodzwaar parcours. Vorig jaar reden we top 10 met Seff Van Kerckhove. We moesten hem – door bizarre regelgeving – laten vertrekken. Maar misschien hebben we wel een nieuwe Van Kerckhove in onze rangen”, besluit Van Gossum.

