
Verplaatsten ze een volledige col naar een andere bergketen in Frankrijk? Toen we achtergrondinformatie opzochten voor we Luz Ardiden beklommen, wreven we ons 2 keer in de ogen. Tijdens de laatste 4 km bleek de klim naar het skioord toch echt over een eigen identiteit te beschikken. Goed voor prachtige plaatjes.


Alpe d’Huez verhuisd?
Neem de omslagfoto van dit stuk samen met een aantal statistieken en je kan je zomaar van regio vergissen. De 1e haarspeldbocht na de andere, verspreid over een dikke 13 km aan een stijgingspercentage van 7,5%, dat komt verdacht in de buurt van de Alpe d’Huez. Toch bevinden we ons in de Pyreneeën. Deze col pakt zelfs uit met 27 haarspelbochten, nóg meer dan zijn Alpen-evenknie.
Luz Ardiden lijkt op papier minder lastig dan Alpe d’Huez. Daar loopt de weg gemiddeld net iets meer omhoog en krijg je de openingskilometers als een zweepslag in je gezicht. Hier krijgen we de kans om ons tijdens de 2 beginkilometers rustig in te rijden. Dat dachten we althans. Vanaf nu vertrouwen we geen enkele statistiek meer en keren we hem telkens 5 keer om. Hele korte vlakke stukjes leiden veel steilere pentes in, zo kom je natuurlijk ook aan 5 à 6% gemiddeld. Gelukkig toont de col genade en klimmen we de 1e km in de schaduw. Het plan om eens voluit te gaan van de voet tot de top laten we al snel achter ons, zeker omdat we al snel aanvoelen dat de hittegolf zich de afgelopen dagen meer in ons lijf nestelde dan gehoopt.
We laten de Col du Tourmalet aan de voet letterlijk achter ons, al krijgen we hem dankzij de vele bochten tijdens de beklimming meermaals te zien. Luz Ardiden deelt Luz-Saint-Sauveur als toegangspoort met de reus van de Pyreneeën. De weg ernaartoe raast het verkeer dan ook langs ons heen, maar op de klim zelf regeert de rust. Wie hier een slechte dag heeft, zal een tocht door de eenzaamheid naar de top beleven.






Armstrong-Ullrich momentje
Onze ervaring tijdens het begin van de klim zet de toon voor het vervolg. Op de bordjes die de kilometers aftellen, lezen we verdacht hoge stijgingspercentages in vergelijking met de profielen die we online vonden. De klim blijft na die onregelmatige start wel gelijkmatig oplopen, waarbij het nooit onder de 8 en 9% gaat. Volgens ons geeft dat gemiddeld toch echt meer dan 7,5% – tenzij ons geheugen selectiever is dan we denken en we enkele bordjes in onze rekensom negeren. Om maar te zeggen dat je deze brutale klim beter niet onderschat.
3 km voor de top zien we achter ons een renner opdoemen die naar boven danst. We herkennen hem als deel van het groepje dat we aan de voet ter plaatse lieten. Zijn outfit lijkt van ver sterk op dat van Lance Armstrong in zijn begindagen… en dan beginnen de radartjes in ons hoofd te werken. Tijdens de klim van Luz Ardiden bleef Armstrong in 2003 haken aan een tasje van een toeschouwer en kwam ten val. Jan Ullrich besloot de gele trui op te wachten, die hem ijskoud in de ogen keek en versteend ter plaatse liet. Wij beleven een flauwe afspiegeling van dat moment, wanneer de berggeit even naast ons rijdt, ons in de ogen kijkt, ons met een grijns sterkte toewenst en ervandoor vliegt.





Peter De Clercq
Luz Ardiden betekende voor verschillende renners een belangrijk scharniermoment in hun carrière. In 1985 werd de klim voor het eerst in het Tour-parcours opgenomen, het jaar van de laatste Tourzege van Bernard Hinault. De Das wankelde tijdens de klim, een voorbode voor het einde van zijn tijdperk.
Miguel Induraín bevestigde er zijn potentieel als klimmer door voor de 2e keer in zijn carrière een bergrit te winnen en zou de volgende 5 jaar regeren over de Ronde van Frankrijk. Voor Richard Virenque begon zijn heerschappij als bergkoning er dan weer in 1994. Met zijn 1e Tour-etappezege ooit pakte hij en passant de bollentrui over van Peter De Clercq.
Tot een 4-tal km voor de top is Luz-Ardiden een mooie, maar zeker geen onvergetelijke klim. Vanaf dan barst het bochtenfestival echter helemaal los, zeker omdat we door de afnemende begroeiing langs de kant een steeds beter zicht hebben op de bochten die we al achter ons lieten. Een prachtig beeld, zeker met de majestueuze bergtoppen op de achtergrond. Het geeft deze klim zijn eigenheid en maakt hem de moeite waard om je eraan te wagen. Tussen de haarspelbochten vlakt het in de slotkilometers af en toe wat af, waardoor we alle tijd krijgen om van het spektakel te genieten.


