Kobe Berix van Sport en Moedig Genk kende een ongewone weg naar het wielrennen. Pas in de zomer van 2025 reed de renner uit Leut, bij Maasmechelen, zijn allereerste koers. Sindsdien zette hij grote stappen vooruit. Vandaag combineert hij zijn passie voor de fiets met studies Burgerlijk Ingenieur in Leuven. Onlangs reed hij zijn 1e podium, maar op het BK geraakte hij niet voorbij de… startmeet.


Ziekte verstoort BK
Het Belgisch kampioenschap moest een absoluut hoogtepunt worden voor de jonge Limburger, maar het draaide uit op een teleurstelling. Berix verscheen wel aan de startlijn, maar moest uiteindelijk onverrichter zake huiswaarts keren. “Ik was heel graag gestart, maar ik voelde me die ochtend al niet top”, vertelt hij. “Ik ben toch gegaan met het idee dat het maar 1 keer per jaar een BK is. Tijdens de opwarming voelde ik me steeds slechter, dus heb ik besloten om niet te starten. Ja, dat is een stevige ontgoocheling.”
Die beslissing kwam hard aan, vooral omdat zijn conditie de laatste weken begon te pieken. “De topvorm was inderdaad aan het komen”, bevestigt de renner uit Maasmechelen. “De vorm was goed en ik had een uitstekend gevoel op de fiets. Ik had recent nog 2 keer top 5 gereden, op de nationale feestdag zelfs nog in Mechelen-Bovelingen. Het is extra jammer dat ik die goede lijn niet kon doortrekken op dit BK.”
Zijn sterke prestaties leverden hem op 11 juli in zijn thuiskoers ‘Wielerweekend Sport en Moedig Genk’ zelfs zijn allereerste podiumplaats bij de beloften op. Dat is een opmerkelijke prestatie voor iemand die nog maar een jaar in het zadel zit. Wat voor type renner hij precies is, werd de voorbije maanden stilaan duidelijk. “Mensen zeggen dat alles behalve puur sprinten me wel redelijk ligt”, lacht Berix. “Ik kan redelijk goed klimmen en heb ook wel die punch voor het kortere werk, maar een echte sprint is absoluut niets voor mij.”


1.12 en 1.13
De wielercarrière van Berix is nog erg pril. Hij begon pas in juni 2025 met competitief wielrennen. “Ik heb eerst altijd gevoetbald op provinciaal niveau bij Stokkem VV en Lindeboys Leut”, legt hij uit. “Maar dat vond ik op een gegeven moment niet meer leuk. Daarna heb ik een paar jaar niets gedaan van sport, gefocust op school en beginnen studeren. Heel af en toe fietste ik op zondag wel eens met papa, maar dat was hooguit 2 keer per jaar.”
Toch vond hij uiteindelijk zijn weg naar het peloton. Het jaar voor zijn 1e officiële koers kroop hij steeds vaker op de koersfiets. “Ik had het idee dat mijn conditie goed was, dus ik wilde wel eens een wedstrijdje proberen”, vertelt hij. “Zo ben ik er stap voor stap ingerold.” De aanpassing aan het wringen in een peloton verliep verrassend vlot. “Daar had ik op voorhand inderdaad veel schrik voor, maar eigenlijk het ging direct vrij goed. Al doende leer je wel natuurlijk. Gewoon voorzichtig beginnen en je dan af en toe eens voorin gooien waar het veilig kan.”
Na 2 wedstrijden in de nevenbonden stroomde hij snel door naar het zwaardere werk, met een aantal 1.12 en 1.13 koersen. Ook de winter heeft duidelijk zijn vruchten afgeworpen. “In de loop van de eerste maanden van dit jaar voelde ik dat ik snel beter werd”, klinkt het. “Na 3 of 4 koersen begon de conditie echt snel te verbeteren.” Hij vond onderdak bij Sport en Moedig Genk. “Het is een soort opleidingsploeg. Ik voel me er enorm thuis en we hebben een heel goede omkadering.”


Op kot
Naast zijn sportieve ambities volgt Berix ook een veeleisend academisch traject. Hij studeert voor Burgerlijk Ingenieur in Leuven, waar hij ook op kot zit. Die combinatie vergt veel planning. “Ik probeer niet te ver vooruit te kijken”, zegt hij over zijn ambities. “2 jaar geleden wist ik niet eens dat ik koersen ging rijden. Ik blijf gewoon mijn best doen en zie wel wat mogelijk is, zeker in combinatie met de studies.”
Het studentenleven in Leuven maakt het trainingsschema er niet eenvoudiger op. Hoewel de regio zich leent om te trainen, kiest hij voor een andere aanpak. “Ik probeer zoveel mogelijk thuis te trainen”, legt hij uit. “Op kot is het logistiek wat moeilijker. Daarom probeer ik vaak een dagje eerder naar huis te komen of een dagje later naar kot te vertrekken, puur om zoveel mogelijk te kunnen trainen.”
Ondanks de drukke agenda blijft de motivatie torenhoog en kijkt hij vol vertrouwen naar de rest van het seizoen in het Elite 2-circuit. “Voor dit jaar zou ik heel graag een koers winnen”, spreekt hij zijn ambitie uit. “Wat de toekomst verder brengt met werk en dergelijke weet ik nog niet, maar wellicht zal ik altijd wel blijven koersen.”