Bikepacken wint snel aan populariteit. Waar vroeger vooral wielerclubs richting Lourdes of Santiago de Compostella trokken, domineren nu duo’s, gezinnen en solofietsers de Europese fietssnelwegen. Wij trokken op een 5-daagse fietstrektocht en delen graag onze ervaringen. De sleutel tot een succesvolle trip ligt in een doordachte voorbereiding, de juiste materiaalkeuze en de durf om het toeval een kans te geven onderweg.


De kunst van het weglaten
Een cruciaal aspect van de voorbereiding is zorgen voor uiterst compacte bagage. Het is essentieel om de weersvoorspellingen nauwlettend te bestuderen. Voor onze 5-daagse tocht namen wij slechts 2 T-shirts, een short, 2 onderbroeken en teenslippers mee. Kousen lieten we thuis, we wisten dat het overwegend warm zou blijven. Wij kozen bewust voor overnachtingen in hotels en pensions. Het thuislaten van een tent en handdoeken scheelt enorm in gewicht, hoewel er tegenwoordig uiterst compacte tentjes bestaan. Een scheermes bleef thuis, een tandenborstel uiteraard niet.
Naast kleding is een basisuitrusting voor pechverhelping onontbeerlijk. Onze fietstassen bevatten 2 reservebandjes, bandlifters, kleine gasflesjes en een sleutelset. Zelfs als je gespaard blijft van mechanische problemen, neemt dit materiaal veel stress weg. Een powerbank is absoluut noodzakelijk om de smartphone en fietscomputer op te laden, een les die we vorig jaar tot onze schande leerden. Tot slot stopten we noodrantsoen zoals koekjes en energiegelletjes in de bagage voor momenten waarop we over een langere afstand geen eetgelegenheden tegenkwamen.
Het inpakken van het materiaal vraagt om een strategische aanpak. Wij propten onze spullen in diverse formaten fietstasjes van onze trouwe partner SKS. Niet onbelangrijk dat de tassen stevig vastzitten en niet hinderen tijdens het trappen. Daarbij hielden we maximaal rekening met de aerodynamica. We kozen ervoor om de grootste tas onder het zadel te monteren, zodat die achter het lichaam schuilgaat en minder wind vangt. Voor het vertrek controleerden we de spanriempjes op slijtage en voerden we een testrit met bepakking uit.





Materiaal en fysieke belasting
De keuze van de fiets en de banden stemden we af op het voorziene traject. Wij voorzagen onze gravelbike van gladde banden met een breedte van 32 mm. We wisten vooraf dat we hoofdzakelijk geasfalteerde wegen zouden berijden. Vorig jaar kozen we op onze terugweg vanuit de Champagnestreek bewust voor onverharde wegen en monteerden we 45 mm banden met een grof profiel. Onze recente route stippelden we uit via een online routeplanner, waarbij we maximaal gebruikmaakten van het Europese fietssnelwegennetwerk. Dat garandeert rustige fietspaden in uitstekende staat.
Een gedegen fysieke voorbereiding is onmisbaar bij bikepacken. Wij zorgden ervoor dat we in vorm stonden door in de aanloop naar onze trip ritten van 100 km of meer af te werken. Toch leerden we al doende dat het ritme tijdens een meerdaagse tocht anders ligt. Wij voelden ons het best door na zo’n 50 km een langere pauze in te lassen. Die rustmomenten koppelden we steevast aan het bezoeken van een bezienswaardigheid of een stadje. De benen wilden meestal wel verder, maar de rest van ons lichaam begon tegen te pruttelen.
Vele uren onafgebroken in het zadel doorbrengen, zorgt voor een aanzienlijke belasting van zitvlak, rug, nek en schouders. Om die lichamelijke ongemakken te verlichten, monteerden wij een tijdritbeugel op ons stuur. De voornaamste reden was niet de aerodynamica, maar de mogelijkheid om tijdens het fietsen een compleet andere houding aan te nemen. Op die manier konden we specifieke spieren en gewrichten tijdelijk ontlasten. Even afstappen, op een stoel zitten of een kort eindje wandelen tijdens een pauze vormt op zulke momenten een noodzakelijke verpozing.




Het onverwachte en de gemeenschap
Wat we toekomstige bikepackers stellig moeten afraden, is het vooraf vastleggen van de overnachtingsplaatsen. Je weet immers nooit vooraf hoe een fietsdag exact zal verlopen. De fysieke conditie, weersomstandigheden, mogelijke pech en leuke stopplaatsen bepalen uiteindelijk je werkelijke afstand. Wij zochten pas rond de middag uit waar we wilden slapen en contacteerden dan de uitbaters. Eén keer vertrouwden we blind op een navigatieapp in Vianden. Een hotel 15 km verderop bleek gesloten, en na een loodzware klim naar Dasburg bleek het overgebleven pension ronduit ondermaats. We waren in de aap gelogeerd, maar dat is deel van het avontuur.
Tijdens de rit viel ons op dat de groeiende groep bikepackers een hechte, spontane community vormt. Elke collega-fietser die we tegenkwamen, knikte vriendelijk of zwaaide enthousiast naar ons. Bij het inhalen is het de normaalste zaak van de wereld om een informeel gesprekje aan te knopen over de bestemming. Ook naast de fiets, op een terras, is het ijs tussen gelijkgezinden razendsnel gebroken. In het Luxemburgse Bollendorf wisselden we nuttige tips uit met 2 Nederlanders die onze route in tegengestelde richting reden. Tussen Metz en Thionville ontmoetten we een lokale fietsster die ons de schoonheid van haar thuisstad aanprees.
Uit al die dagelijkse, spontane interacties spreekt een enorme verbondenheid. Er heerst onder bikepackers een onuitgesproken solidariteit die je reiservaring verrijkt en tegelijk veiliger maakt. Wanneer een lotgenoot met mechanische pech langs de kant van de weg staat, schrijft de ongeschreven regel voor dat je hulp aanbiedt. Dat vangnet zorgt voor een geruststellend gevoel tijdens de hele tocht. Het maakt dat je, zelfs wanneer je de volledige route helemaal alleen fietst, nooit echt aan je lot bent overgelaten.