Wie herinnert zich nog Steve Schets? De 36-jarige Limburger reed geen grootse carrière bij elkaar, maar hij showde zijn talent wel meermaals op de piste en op de weg. Een unieke overwinning boekte hij anno 2011 in de Handzame Classic, waar hij al rollend over de meet kwam. Maar nu heeft Schets een nieuwe passie ontdekt….

Wist je vooraf je dat winst er in zou zitten in Handzame?
Steve Schets: “Ik wist vooraf dat de vorm heel goed zat omdat ik me al een aantal wedstrijden heel sterk voelde. Omwille van het ontbreken van de juiste dosis geluk had zich dat nog niet vertaald in een echt mooie plaats. Ik had dat seizoen al een aantal sprints gereden in bijvoorbeeld de 3-daagse van West-Vlaanderen. Daar voelde ik dat er meer in zat. Maar omdat ik ingesloten zat of verkeerde keuzes maakte in de sprint kon ik nooit echt voluit doorsprinten. Als sprinter kan je dan snel aanvoelen of er dan meer inzit of niet. Ik droomde vooraf van een top 5-notering in Handzame, maar dat dat effectief zou gaan lukken, was voor mij ook een kleine verrassing.”
Wat gebeurde er in de sprint?
Steve Schets: “Ik herinner mij dat het berekoud was, nauwelijks 3 graden, denk ik. We hadden gedurende de hele finale regen gehad, waardoor elk vezeltje in m’n lichaam bevroren was. Ik zakte steeds door m’n vingers door de kou waardoor het zeer moeilijk was om te schakelen. Daarom had ik mijn versnellingsapparaat al op 1 km van de streep op 54×13 gezet om het daarna niet meer te moeten veranderen. Ik zat vrij goed gepositioneerd in de aanvang naar de sprint en op 500m van de aankomst passeerde een treintje van het Skil-Shimano team en zette ik me in het wiel van Kenny Van Hummel. Ik herinner me nog dat ik de sprint vrij vroeg aanzette op zo’n 300m van de aankomst. In het laatste flauwe bochtje kwam ik naast Theo Bos. Hem passeren ervoer ik zelf als 1 van de meest memorabele momenten in mijn carrière.”

“Je moet weten dat Theo op dat moment voor mij persoonlijk als pistier zijnde een levende legende was, aangezien ik hem op zijn hoogtepunt op de baan aan het werk heb mogen zien. Theo was de leading man op WK’s, wereldbekers en andere grote kampioenschappen in de onderdelen sprint en keirin, alvorens hij voor de weg koos. Ik zag hem op een verbluffende wijze wereldkampioen worden in de keirin op de baan van Grenoble en ik was getuige van zijn wereldrecord op de 200m op de baan in Moskou. Kortom, Theo was voor mij persoonlijk dé sprinter op deze aardbol. Je zal dus wel begrijpen dat er een lichte euforie in me opborrelde toen ik the Bos aan het passeren was.”
“Op ongeveer 150m van de streep kwam ik aan de leiding en hield ik het tot aan de streep. Ik wou m’n handen in de lucht gooien van blijdschap, maar toen bleef Kenny Van Hummel, die rechts van me zat, hangen aan het fotoapparaat van een toeschouwer. Hij kwam met z’n rug in mijn achterwiel terecht. En dus ging ik ook tegen de grond. Door de felle regen werd het een lange schuifpartij met gelukkig weinig schade.”
Was je 1e reactie: yes, gewonnen! Of: ouch, gevallen?
Steve Schets: “Ik voelde op dat moment totaal geen pijn, enkel blijdschap. Ik lag op m’n rug op de grond en kon enkel vieren. Ik zag meteen m’n vader die langs de kant naar me toe kwam gelopen en met tranen in z’n ogen meevierde, een beeld dat ik nooit zal vergeten.”
Was dit het mooiste moment uit je carrière?
Steve Schets: “Het was sowieso 1 van de mooiste momenten uit m’n carrière, maar voor mezelf was de bronzen medaille op het wereldkampioenschap ploegkoers in Kopenhagen samen met m’n beste vriend Ingmar Depoortere het mooiste moment. Vooral omdat het met Ingmar was.”

Je maakte vooral naam op de piste. Was de weg altijd bijzaak geweest?
Steve Schets: “Nee, bijzaak zou ik het niet noemen. Ik heb beide altijd zo goed mogelijk proberen te combineren en heb altijd geloofd in een succesvolle carrière in beide disciplines. Spijtig genoeg heb ik heel veel last gehad van een zwakke rug en die spartelde vooral op de weg vaak tegen. Ik heb altijd enorm veel energie moeten steken in het onderhouden van m’n rug, door maandelijkse bezoekjes aan de manuele therapeut en heel veel rompstabiliteitsoefeningen. Explosieve wegwedstrijden waren steevast een marteling voor m’n rug.”
“Ook de Gentse 6-daagse in het Kuipke was eigenlijk elk jaar een bang aftellen tot m’n rug het zou gaan begeven omwille van de supersteile en korte bochten. Op grotere pistes die minder steil waren, kwam ik veel beter tot m’n recht. Ook vlakke snelle wegwedstrijden waren veel vriendelijker voor mijn lichaam. Door die tere rug was ik een zeer onregelmatige renner: vaak was het alles of niets. Gelukkig heb ik toch een paar mooie resultaten kunnen neerzetten op dagen dat het ‘alles’ was.”
Je hebt je carrière moeten beëindigen na een zware val in de Skive Lobet in Denemarken. Had je fysiek gezien geen andere keuze of…?
Steve Schets: “De val in die Deense wedstrijd was voor mij de spreekwoordelijke druppel. Mentaal had ik het steeds moeilijker om gemotiveerd te blijven en er vol voor te gaan. Ik had eerder dat jaar mijn hand gebroken tijdens een baanwedstrijd in Glasgow en om dan 2 maanden later mijn elleboog te breken in Denemarken was voor mij het breekpunt.”

Wat heb je nu nog met de wielersport en wat doe je daarnaast in het leven?
Steve Schets: ” Ik heb nog weinig met de wielersport en volg het vanop een afstand. Ik ben wel nog actief als bestuurslid van Gooik sportief in mijn geboortedorp. Wij organiseren elk jaar de 1.1 profwedstrijd de Gooikse pijl en ik ben daar koersdirecteur. Ik heb 4 kindjes, Julian is 14, Aurélie is 12, Lily Louise is er 5 en Louane is 14 maanden. Ik ben vrijwillig brandweerman in mijn woonplaats Herk-de-Stad en vanaf 2 juni word ik ook beroepsbrandweerman bij de civiele bescherming met als standplaats Brasschaat. Ik vind het geweldig om mensen in nood te kunnen helpen en het geeft telkens weer een kick om op interventie te kunnen vertrekken.”
“Het is de leukste job van de wereld, waar je het fysieke met de nodige dosis kennis kunt combineren. Ik heb dankzij de brandweer een nieuwe passie ontdekt in mijn leven en daarenboven heb ik er een grote groep kameraden bijgekregen. Ik kijk enorm uit naar mijn nieuwe job in Brasschaat, vanwaar ik interventies in heel Vlaanderen en misschien wel het buitenland zal uitvoeren. De civiele bescherming beschermt en helpt de bevolking bij grote en kleine rampen en assisteert de brandweer en politie bij gespecialiseerde opdrachten waar specifieke kennis, vaardigheden en materieel voor nodig zijn.”
