Met haar 18 lentes is de Zweedse Stina Kagevi de allerjongste renster aan de start van de Vuelta. Dat de Spaanse wegen haar liggen, bewees ze eerder dit jaar al in de Vuelta Extremadura, waarin ze als 8e eindigde. De kans is groot dat we nog van Kagevi zullen horen, al is het nog niet eens duidelijk in welke discipline dit multitalent nu precies het beste gedijt.


Dubbel zo oud
Hoewel Zoe Bäckstedt nog ontzettend jong is, staat ze in de Vuelta niet als jongste aan de start. Zowel de Noorse Camilla Rånes Bye als de Zweedse Stina Kagevi zijn nog later geboren. Met 18 jaar en bijna 250 dagen op de teller, is Kagevi nog niet eens aan de helft van de leeftijd van pakweg Mavi García (40 jaar), op haar beurt de oudste renster aan de start.
Kagevi studeert momenteel in het laatste jaar van de wielerschool in Skara. Naar eigen zeggen is ze al sinds haar kindertijd verslaafd aan fietsen. Ze hield meteen van de snelheid en de fun van het racen door het bos en sloot zich aan bij een lokale club waar ze in groepsverband het plezier kon delen. De vrijheid van de fiets is haar grootste genot. Logisch dus dat ze nog steeds trauma’s heeft aan die keer dat haar broertje de steunwielen van haar fietsje vernielde, zodat de 3-jarige kleuter die dag niet kon gaan fietsen.
In de regio rond het meer Bornsjön, in de historische provincie Södermanland, groeide de interesse van Kagevi in de wielersport. Nochtans is het in haar thuisland niet gemakkelijk fietsen door de koude en de smeltende sneeuw. Op slechte dagen gaat ze dan ook liever met de hond wandelen.



Zilveren medaille
De afgelopen 2 seizoenen was Kagevi nog juniore. In haar 1e seizoen in deze leeftijdscategorie kroonde ze zich tot Zweeds kampioene. Tijdens de lente en de zomer liet ze zich ook geregeld in het mountainbiken zien en eind 2022 werd ze Zweeds kampioene in het veld. Later die winter woog ze meer dan een maatje te licht voor de Canadese zusters Holmgren, waarmee haar prestaties ook direct in perspectief werden gezet.
Toch vormden ze ook de motivatie om het beter te doen in 2023. Ze draaide warm in Gent-Wevelgem en de EPZ Omloop van Borsele en behaalde vervolgens de dubbel op het Zweeds kampioenschap. De echte doorbraak volgde eind september. Op het EK tijdrijden in Emmen werd ze uit het niets 2e achter de Italiaanse Federica Venturelli. Een medaille die haar leven veranderde. Op dat moment had ze reeds een contract getekend bij het Noorse Team Coop-Repsol.
Bij haar continentale werkgever heeft de Zweedse het gezelschap van een aantal Noorse meisjes en de Nederlandse Eline van Rooijen. Dit jaar mocht ze er onder meer proeven van een Australisch programma en ze beloonde haar team meteen met een fraaie 8e plaats in de Vuelta Extremadura Feminas. Met dank aan een 3e plaats in de slottijdrit kon ze dit puike klassement realiseren.



Jeugd aan de macht!
De nog erg jonge Kagevi behoort dus tot de grootste talenten in het vrouwenwielrennen, maar er is meer talent. Denk maar aan de reeds aangehaalde Ava Holmgren, die inmiddels prof is bij Lidl-Trek en onlangs bijna een etappe won in de Ronde van Normandië. Ook uit de Benelux komt steevast veel talent. Silje Bader reed op haar 18e al naar een 4e plek in de Drentse Acht van Westerveld en Lore De Schepper won recent zelfs de Grand Prix Féminin de Chambéry.
Een voorbeeld kunnen deze jonge vrouwen zoals steeds nemen aan Marianne Vos. Die was in 2006 amper 19 jaar oud toen ze in Salzburg de 1e van 3 wereldtitels op de weg behaalde. In 2012 en 2013 volgden nog 2 regenboogtruien en anno 2024 is ze nog steeds 1 van de beste rensters van het peloton. Binnenkort wordt ze 37 jaar, daarmee is ze bijna zo oud als Kagevi en De Schepper samen.
Momenteel is het de jeugd boven in de Vuelta. Aan de leiding staat immers de nog altijd maar 22-jarige Blank Vas, die een jaar na haar ritzege in de Giro ook geniet van haar Spaans avontuur. Voor het eindklassement is het echter uitkijken naar Demi Vollering, Katarzyna Niewiadoma, Elisa Longo Borghini en Gaia Realini.
