Wie zaterdag 12 april 2025 de uitzending van Parijs-Roubaix opzette, kreeg als allereerste Quinty Ton in beeld. Samen met de Poolse Aurela Nerlo had ze het hazenpad gekozen en bij het aansnijden van de 1e kasseistrook had het duo een voorsprong van bijna 3 minuten. Uiteindelijk bolde de 26-jarige Nederlandse als 43e over de aankomst op de Vélodrome André-Pétrieux. “Met een dubbel gevoel”, zo geeft ze aan.


Vroege vlucht
De vroege vlucht is in de Helleklassieker altijd een interessant idee. Zie maar bij de mannen, waar Jonas Rutsch en Markus Hoelgaard vanuit de ontsnapping een plekje bij de eerste 8 veroverden. Bij de vrouwen loont de aanval dit jaar 2025 zeker en vast. Nerlo was immers de renster die in de Omloop Het Nieuwsblad voor de vlucht ging. Ze bleef uiteindelijk vooruit en sprintte met Lotte Claes voor de overwinning. Daar greep ze net naast na een ontzettend lange sprint.
Dit keer kreeg ze dus geen Belgische, maar een Nederlandse mee in de aanval. Quinty Ton is al een heel seizoen op dreef. Ze werd recent nog 7e in de GP Oetingen en behaalde ook ereplaatsen in Le Samyn (15e), Gent-Wevelgem (17e) en de Ronde van Vlaanderen (25e). In Roubaix maakte ze haar debuut. “Ik combineerde de voorbije jaren de Vlaamse klassiekers met de Waalse”, vertelt ze. “Op die manier werd mijn programma wat te druk en paste ik altijd voor de Hel.”
Vorig jaar 2024 miste Ton nog quasi het volledige voorjaar. Ze werd toen in volle voorbereiding op het seizoen aangereden door een auto op training. Met een bekkenbreuk, gebroken hand, meerdere kneuzingen en een interne bloeding werd ze afgevoerd naar het ziekenhuis. Achteraf was ze ervan overtuigd dat haar helm haar leven had gered.



Gravelspecialiste
Nu maakte de hardrijdster uit Geldermalsen dus haar vuurdoop mee in Roubaix. Geen toeval, want Ton maakte vorig jaar indruk in de gravelwedstrijden. Ze werd 5e in Le Monsterrato en 19e op het WK, de kasseien van Roubaix zouden haar dus ook moeten liggen. “Ook tijdens de verkenning hadden we goed weer. Helaas waren er toen wegwerkzaamheden en konden we niet elke strook ontdekken. Op die manier wist ik niet hoe Mons-en-Pévèle erbij lag, dat bleek wel erg pittig te zijn. Die verkenning was extreem nuttig. Met dit soort kasseien had ik eigenlijk nog geen ervaring.”
Ton wilde met haar aanval vooral anticiperen. “Ik had gehoopt om meer rensters mee te krijgen. Dat was niet het geval. Met de Poolse had ik een goede verstandhouding. Zij deed de kasseien op kop. Dat vond ik niet zo erg, want zo kon ik afstand nemen en mijn eigen lijnen kiezen. Tussen de stroken door merkte ik dat ik iets sterker was.”
Op ruim 60 km van de meet kwam Ellen van Dijk vooraan aansluiten. “Ik probeerde mijn wagonnetje aan te haken”, vertelt Ton. “Helaas kreeg ik toen snel te maken met een lekke band. Dat was heel jammer, zo kon ik niet meer aanpikken bij de groep der favorieten. Vervolgens was het beste er bij mij ook wel een beetje af. Dat is ook Roubaix: je weet op voorhand niet hoeveel energie het kost om elke strook over te komen. We hadden er al 5 gedaan en toen besefte ik dat er nog 12 zouden volgen.” (lacht)



Compleet renster
Na die lekke band ging het licht dus uit bij Ton. “Dat geldt ook mentaal. De laatste 30 km bleven er groepjes over me heen komen. Ik was leeg en moest ze laten gaan. Nu was ik er wel in geslaagd om mee te gaan met de vroege vlucht en ben ik blij met de ervaring, maar misschien waren we verder geraakt met meer. Top 10 had ik toch graag gehaald. Winnen is met dit deelnemersveld moeilijk. Aan mij om nu te leren rijden over kasseien en in de gootjes.”
De renster van Liv AlUla Jayco treedt normaal gezien volgende week aan in de Amstel Gold Race. “Het is ook mijn bedoeling om een compleet renster te worden”, geeft ze toe. “Deze ervaring neem ik in elk geval mee naar de toekomst.” De oud-schaatsster krijgt daarvoor in elk geval de tijd. Ze heeft nog een contract tot eind 2026 bij Liv AlUla Jayco. In de klassieker van haar thuisland krijgt ze een nieuwe kans om op te vallen.


