Het zou een kerstverhaal kunnen zijn, maar we laten het graag nu al op jullie los. Didier Dufrane was ooit een beloftevolle renner, maakte ook deel uit van een generatie die het behoorlijk ver zou schoppen, maar koos zelf uiteindelijk een andere levensweg. Nu probeert hij zijn wielerdromen alsnog waar te maken. Een monoloog.

“Als jonge knaap trok ik met vrienden naar de vele wedstrijden die plaatsvonden in de regio, meer bepaald die in het Waasland. Profs, Amateurs, Junioren en Nieuwelingen, overal had ik wel een renner waarvan ik supporter was. Toen ik 14 jaar oud was, ging ik de wedstrijden van sommige vrienden intensiever volgen en kwam zo al gauw tot het besluit om zelf ook eens mijn kans te gaan. In 1970 kreeg ik mijn eerste vergunning bij de Nieuwelingen, bij wielerploeg Hoger Op Lochristi, met als sponsor ‘Uurwerken Rodania-Moens’. Een droom ging in vervulling.”




Lokeren
“Na mijn huwelijk was ik lid van De Standaard Wielerclub, een wielerclub in Lokeren. Door mijn beroepsactiviteiten kon ik in het weekend niet meer fietsen en werd ik genoodzaakt om de wielerclub vaarwel te zeggen. Op mijn 50e besloot ik om toch maar enkele kinderdromen te verwezenlijken. Eerst en vooral het beklimmen van verschillende Alpencols met als uitsmijter de beklimming van de Mont Ventoux. Jaarlijks trok ik naar de Vlaamse Ardennen om er wekelijks een 70 kilometer af te leggen met een 12-tal hellingen van de Ronde van Vlaanderen. Zo heb ik verschillende malen Alpe d’Huez, Col du Lautaret, Galibier en Mont Ventoux beklommen! Nu ben ik de 60 voorbij en fiets ik nog twee keer per week.

