
Op zoek naar een onderhoudend boek om te ontspannen aan het zwembad tijdens je vakantie? Stop dan als wielerliefhebber zeker ‘Bobosse – mijn zoektocht naar de soigneur van Coppi’ van Frederik Backelandt in je koffer. De journalist ontrafelt beetje per beetje het mysterie van deze vreemde figuur uit de geschiedenis van het wielrennen.


Van podcast tot boek
In 2009 werkte historicus en wielerjournalist Frederik Backelandt aan een biografie over de grote Italiaanse wielerkampioen Fausto Coppi. Daarbij dook hij uiteraard in het fotoarchief van de campionissimo. Na een tijd viel hem iets bijzonders op: op vele foto’s stond ook steeds diezelfde, kleine ietwat gebochelde figuur, gekleed in wat we vandaag een ‘marcelleke’ noemen. Op latere foto’s draagt dezelfde man een trui of T-shirt met opschrift ‘Bobosse’. Geïntrigeerd door die onbekende, maar steeds terugkerende figuur pikte Backelandt vorig jaar 2024 de draad weer op. Hij ging op zoek naar de identiteit van deze markante man. Dat resulteerde in een spannende podcast, die vandaag vervolg krijgt in een al even aangenaam boek. Een leuke extra tegenover de podcast is de reeks aan archiefbeelden, die je een beeld bij ‘Bobosse’ helpen vormen.
‘Bobosse’ verwijst bizar genoeg naar ‘bosse’ of bult. De man in kwestie was inderdaad wat gebocheld, blijkbaar maakte hij van de nood een deugd. Als je een T-shirt draagt met die weinig flatterende bijnaam, moet daar wat achter zitten: zijn handicap werd een handelsmerk. Bobosse – zo ontdekt Backelandt – is 1 van de 1e figuren die we later als ‘mediageil’ zouden gaan bestempelen. Het begint onschuldig door krampachtig mee op de foto te proberen staan. Maar dan schakelt ‘Bobosse’ een versnelling hoger: hij wrong zich in de entourage van Fausto Coppi, maar ook van andere kampioenen. Na verloop van tijd maakte hij er zijn beroep van: eerst als ‘loopjongen’, dan als ‘verzorger’. Hij schopte het zelfs tot bodyguard, vertrouwenspersoon, persattaché en persoonlijke manager.
Bobosse slaagde erin om te groeien tot een ‘bekendheid’, een trapje net onder ‘beroemdheid’. Als vertrouweling van de grote Coppi groeide hij uit tot tussenpersoon: wilde iemand Coppi spreken, dan moest je dat eerst aan Bobosse vragen. Beroemdheden uit de film- en muziekwereld gingen graag met internationale sporthelden op de foto, dus was Bobosse ook bij hen goed bekend. Iemand die 5 Giro’s en 2 Tours op zijn erelijst schreef, mocht immers niet op de gevoelige plaat ontbreken.



Parc des Princes
Decennia later blijkt de oudere wielergarde zich hem nog goed te herinneren. Mensen uit het wielermilieu van de jaren ’50 en ’60 komen echter niet verder dan zijn roepnaam ‘Bobosse’. Op het 1e gezicht is er niemand die zijn ware identiteit schijnt te kennen. Dat is dan ook de missie die de auteur zichzelf had aangemeten: wie is deze vreemde figuur?
Met veel gevoel voor drama en spanningsopbouw weet Backelandt je in zijn zoektocht mee te nemen. Hij pluist krantenarchieven uit en praat met oude kampioenen zoals Rafael Geminiani en wielerkenners zoals José De Cauwer. Backelandt interviewt Robert D’Hondt, de opperverzorger van de Gentse Zesdaagse. Hij vertelt over Edgard De Maere, de – zo u wil – Wase variant van Bobosse. Hij spreekt met Tom Boonen die ook ooit vaststelde dat iemand zich ongevraagd als ‘bodyguard’ aan hem had opgedrongen.
Maar vooral: de journalist neemt je mee naar het wielermilieu en de tijdsgeest van midden vorige eeuw. Daarbij trekt hij naar de plek waar Bobosse het meest actief was: de ‘Vel d’Hiv’ of ‘Vélodrôme d’Hiver’ in het Parc des Princes in Parijs. Die wielerbaan deed tijdens WOII – in 1942 om precies te zijn – dienst als tijdelijk detentiekamp om 8.160 Joden te verzamelen in afwachting van hun deportatie naar de concentratiekampen.



Zwarte bladzijden
Hier ervaren we de historicus-verteller op zijn best: de pagina’s van hoofdstuk 5 verhalen over de zwarte bladzijden van de Franse en Europese geschiedenis. Via aangrijpende verhalen worden we teruggegooid naar die donkere periode uit ons recente verleden. Het is de verdienste van de schrijver dat hij een nooit te vergeten geschiedenisles in een wielerboek weet te integreren zonder belerend of saai te worden.
Hoofdstuk na hoofdstuk ontrafelen we meer en meer de achtergrond van Bobosse. Bladzijde per bladzijde komen we dichter bij de waarheid. Tot Backelandt finaal bij ‘Mimique’, alias Miquette, belandt, die een volle nicht van de mysterieuze man blijkt te zijn. En dan ook licht op de zaak kan werpen. Uiteraard zullen we de identiteit van de man in dit stuk niet verraden. Daarmee zouden we onze lezers urenlang leesplezier ontzeggen. Het boek is uitgegeven door Lannoo en telt 284 pagina’s, gelardeerd met unieke zwart-wit foto’s. Het is verkrijgbaar in de betere boekhandel en uiteraard via onze partner Boekencafé.


