Wanneer vallen profploegen in zwijm voor deze beloftevolle Ieperling?

Voor 3e jaars belofte Maxime De Poorter van het team EFC-LR-Vulsteke is het een belangrijk seizoen. Door goede resultaten bijeen te rijden, wil de talentvolle West-Vlaming volgend jaar een plaats bij een profploeg afdwingen. Na een pechreeks behaalde hij in de 3e etappe van de Franse rittenwedstrijd Essor Breton zijn 1e zege van het seizoen. Door een bacterie in zijn longen kon hij zijn goede benen echter niet verder verzilveren. Na een korte rustperiode wil hij in de zomermaanden weer schitteren.

Proficiat met je overwinning, Maxime. Kan je eens het verhaal van de rit doen?

Maxime De Poorter: “’s Ochtends stond er een tijdrit gepland. In de middag volgde er dan nog een rit in lijn. Een namiddagetappe is iets wat me ligt. Door ’s ochtends al eens diep te gaan, voelen mijn benen ’s middags altijd beter aan. In het begin van de etappe waren er veel ontsnappingspogingen. Het duurde even voor de vroege vlucht vertrok, maar na een tijdje kon er toch een groepje ontsnappen. In de laatste 10 kilometer werden de vluchters teruggegrepen. Op de slotbeklimming waagde mijn ploegmaat Jordi Warlop zijn kans. Ik kon vlot meeschuiven met een aantal renners. Zo gingen we naar een sprint met een beperkt groepje. De aankomst ging licht bergop, ook iets wat me ligt. Toen ik aanzette, sloeg ik onmiddellijk een groot gat. De puzzelstukjes vielen in elkaar en zo behaalde ik eindelijk mijn eerste overwinning van het seizoen.”

Welk gevoel had je toen je over de meet kwam?

Maxime De Poorter: “Natuurlijk was ik zeer blij met deze zege. De voorbije maanden kende ik veel pech, maar toch raakte ik daar niet gefrustreerd door. Ik bleef positief denken, want ooit moest het geluk wel eens aan mijn kant staan. Deze overwinning was vooral een bevestiging van mijn goede conditie.”

Normaal zou je de week erna starten in de GP Criquielion, maar je werd ziek. Hoe is het nu met je?

Maxime De Poorter: “De week van de GP Criquielion liep ik een zware verkoudheid op. De zaterdag voor de wedstrijd maakte ik koorts en sukkelde ik met mijn sinussen. Ik startte niet en bouwde wat rust in. De week erna stond ik dan aan de start van Parijs-Arras. Daar bleef ik de naweeën van mijn ziekte voelen. Ik reed de 1e rit nog uit, maar tijdens de 2e etappe was het vat volledig af en moest ik opgeven. Bleek dat ik een bacterie in mijn longen heb. Veel rusten is de boodschap, maar er is beterschap op komst.”

Wanneer hervat je de competitie weer?

Maxime De Poorter: “Ik doe het nu even kalmer aan door mijn studies KMO Management. Ik heb nu examens en op 13 juni moet ik mijn bachelorproef voorstellen. Tijdens deze rustperiode zal ik niet volledig stilliggen en probeer ik mijn conditie wat te onderhouden. Normaal zou ik op 20 juni in de kermiskoers van Geluwe mijn wederoptreden maken. Door mijn ziekte zal ik ervoor al een aantal kermiskoersen rijden om wat ritme op te doen. Die koersen wil ik met een goed gevoel beëindigen om zo met vertrouwen de zomermaanden in te gaan.”

Welke wedstrijden heb je deze zomer aangestipt?

Maxime De Poorter: “De zomermaanden worden een belangrijke periode. Eind juli heb ik met het Belgisch kampioenschap, de internatie in Reningelst en de Hill 60 Battlefield Tour 3 belangrijke wedstrijden. De laatste 2 zijn in mijn eigen regio en de Hill 60 Tour zelfs in mijn eigen dorp Zillebeke. Daar wil ik zeker presteren. Daarna volgt de Omloop het Nieuwsblad en de IWT Oetingen. Ook eind augustus en begin september staan er een aantal wedstrijden met stip aangekruist, zoals de profkoers in Zwevegem. Ik wil heel deze periode constant presteren en een paar uitschieters behalen.”

En dit alles met 1 doel in het achterhoofd: een plaatsje bij de profs afdwingen?

Maxime De Poorter: “Als ik al mijn doelen verwezenlijk, is de kans groot dat het lukt. Toch staar ik mij daar niet blind op. We zien dat wel als het zo ver is. Nu ben ik vooral gefocust op de wedstrijden die komen. Wanneer de resultaten goed zijn, zal dat wel volgen. Als het dit jaar niet lukt, heb ik volgend jaar nog. Dat de zomer maar begint. Ik ben er klaar voor.”

Fotomateriaal: Martine Verfaillie.

In this article