
Nederland en Italië. Jammer dat koningin Maxima geen Italiaanse is, of Italië zou als verplicht onderwerp worden opgenomen in het lessenpakket voor jonge Nederlandertjes. Misschien zou de Italo-liefde dan al worden meegegeven bij de geboorte en een voorwaarde worden bij de naamkeuze. ‘En hebt u al gedacht aan een tweede voornaam? Wat denkt u van Fausto of Gino?’ Kwestie van meteen kleur te bekennen.
Pellegrina


De expo werd zaterdagavond officieel geopend door Dries van Agt, oud-premier van Nederland, zowat de meest bekende inwoner van Nijmegen en intussen al 85 lentes tellend. ’s Mans politieke verwezenlijkingen zijn mij volslagen onbekend, zijn manier van redevoeren intussen niet meer. Op een verrassend vitale manier hield van Agt je bij de les. Je zag het zo voor je hoe hij zich als 17-jarige “om drie uur ’s nachts” al om en rond de Cauberg een goeie plek bij de finish verschafte in afwachting van het WK in Valkenburg – anno…. 1948! “Bartali en Coppi kwamen naar Nederland, niet om te winnen maar om elkaar te doen verliezen.”
Een schouwspel dat hij vanop de eerste rij kon meemaken. Wat denkt de heer van Agt over doping in het wielrennen? “Ach, een luxesport als tennis is ook niet vrij van zonden.” Waarom heeft de wielersport geluk dat ze zo dicht aanleunt bij het katholieke geloof? “Zondigen, de dag erna de spons er over en verder doen. Prima toch?” En waarom is Nederland zo verslingerd aan de Giro? “De Giro is een blije koers. Veel meer dan de Tour. Door het lijden van de renners heen zie je alleen maar blijheid.”
Ik zag alleen maar een Italiaan. Een over zijn passie predikende zuiderling, vermomd in het kostuum van een 85-jarige Nederlander.

