Parijs, de stad van licht en liefde, van gouden eeuwen en gele truien. Op nauwelijks 2 kilometer ruimte wordt de koerssymboliek van de Tour de France veelvuldig geboetseerd in pleinen, straten en monumenten.

In de Stad der Liefde lag het eindpunt van deze Tour der liefde. Wat waren ze lief voor elkaar, dit jaar. Chris Froome werd nauwelijks aangevallen, een mix van niet willen, kunnen en mogen. Concurrenten als lammetjes, veel geblaat en weinig wol. Het aangekondigde historische steekspel werd een festival van speldenprikjes. En nogmaals, wat waren ze lief. Richie Porte van BMC die zijn gele vriend van Sky niet in de weg durfde te rijden. Quintana die een pollenallergie medisch omzette in een aanvalsallergie. Mollema die kromgebogen over zijn stuur tegen de wind zichzelf een weg baande, ver achter Froome. De jury die Froome enkele minuten cadeau deed na het motorongeval op de Ventoux. De Sky-trein die zonder onvertogen woord de kopman diende en die – op Froome na – zelfs geen ritoverwinning claimde. Er zat geen dissident in dit peloton, al jaren niet trouwens. Iemand die de regels aan zijn laars lapt en onverwacht uithaalt. Als er al een verrassing was, kwam die van Froome zelf. In de afdaling, in een waaieretappe, godbetert.
Froome was de beste van allen, maar het was niet de allerbeste Froome. Bergop geen enkele acceleratie van betekenis, gewoonlijk zijn handelsmerk. De Froome van 2016 had met zekerheid verslagen kunnen worden door een Contador in topvorm en met het geluk aan zijn zijde. Contador kan namelijk wel versnellen bergop, meermaals zelfs. Hij mag dan wel in de herfst van zijn carrière zitten, de Spanjaard heeft uit deze Tour geleerd dat Froome beatable is. Froome wil nog een 5 à 6-tal keren terugkomen om geel op te eisen. Graag, maar de tegenstand kan zich wapenen. Binnen zijn eigen ploeg hebben Thomas en vooral Poels geleerd dat ze misschien wel van ploeg moeten veranderen om hun kansen gaaf te houden. Er is nog altijd Contador. Er is een heel klad Nederlanders met ambitie met o.a. Dumoulin en Kruijswijk. Er rijdt een Rus rond met potentieel: Zakarin. Ook de Nibali van 2014 kan het Froome moeilijk maken. En Quintana is nog te jong om af te branden. Opponenten genoeg, maar ze moeten durven, geloven, trainen en aanvallen.
Een grijze Tour, van pigment voorzien door een groene Sagan. Veel sleur, weinig kleur. Dat moet beter, in 2017!
Fotomateriaal: Davy De Blieck.

