Johan Museeuw maakt zijn grote rentree in het peloton. De Leeuw van Vlaanderen was vorig jaar al adviseur bij Tarteletto-Isorex, maar vanaf 2018 schakelt hij een tand hoger. De Taartjesploeg van Peter Bauwens telt 6 profs in de rangen en die worden voor WielerVerhaal vakkundig gefileerd door de maestro himself.

“We hadden vorig jaar een groep met sympathieke jongens, maar het niveau moest een stuk hoger”, opent Museeuw zijn globale analyse. “We kwamen als ploeg te weinig in beeld. In een kopgroep van 30 tot 40 renners mogen er toch wel 4 jongens van Tarteletto-Isorex bijzitten. Vorig jaar bleek dat niet haalbaar en dus hebben we bepaalde renners laten gaan en anderen aangetrokken. Dat we in 2018 een stuk sterker zullen staan, bleek al op de stage in Mojacar. Zelf heb ik altijd op topniveau gewerkt en ik blijf ambitieus. Daarentegen ben ik ook realistisch, je moet rekening houden met de budgetten die hier spelen.”

“Maar laat me wel duidelijk stellen: ik ben hier graag. Ik ben er lang uitgeweest en dit is een ideale stap om me weer in het peloton te integreren. Ik zal geen sportdirecteur zijn, maar zal vanuit de volgwagen wel mijn rol spelen in de wedstrijden. Deze ploeg moet mikken op visibiliteit in de tv-koersen. Daar in de aanval rijden en onze rol spelen is een realistischere doelstelling dan hier of daar koersen te willen winnen. Al gaan we ons natuurlijk niet zomaar laten doen. We rekenen op de eergierigheid van onze coureurs.”

Rob Ruijgh (31)

Johan Museeuw: “Rob is nog ambitieuzer dan vorig jaar om te tonen wat hij als renner in zijn marge heeft, want hij weet ook dat hij dit seizoen een pak beter omringd zal zijn. Dat betekent dat hij zich veel langer zal mogen sparen voor de finale, terwijl hij vorig jaar soms zelf nog mee moest in de vroege vlucht. Vorig jaar heeft hij deze ploeg op de kaart gezegd en in principe zou hij altijd zijn plaats moeten hebben in een procontinentaal team. Maar Rob is hier graag en wil deze ploeg naar een hoger niveau helpen stuwen. Dat siert hem. Als hij net als vorig jaar (Ronde van Iran, red) een internationale ronde op zijn palmares kan bijschrijven, dan mag de ploeg daar zeer tevreden mee zijn. Sowieso zal hij uitgespeeld worden in volle finale.”

David Boucher (38)

Johan Museeuw: “Een renner met het etiket vroege ontsnappingen. Iemand die vroeg in de koers zijn rol speelt. Dat zal aankomend seizoen niet anders zijn. Hij heeft veel ervaring en wordt een belangrijke pion voor de jongere garde. David kan hen een nieuw elan geven. Hij is niet meer zo jong maar wel nog steeds goed genoeg om de ploeg visibiliteit te geven en mooie ereplaatsen te verzamelen. Dat hij nog koersen gaat winnen, durf ik niet zeggen. Maar Boucher kan wel de lijn doortrekken van zijn afgelopen jaar, waarin hij bij de elite zonder contract Belgisch kampioen tijdrijden werd op het circuit van Chimay.”

Kevin De Jonghe (26)

Johan Museeuw: “Ik hoop dat Kevin in 2017 progressie heeft geboekt, en aan zijn motivatie te merken denk ik wel dat dat ook zo is. Hij heeft zeker zijn plaats in deze ploeg en dat beseft hij wel. Maar hij moet ook beseffen dat hij deze kans met beide handen zal moeten grijpen. Het is moeilijk om een stempel te drukken op zijn profiel, en dat is eigenlijk bij de meeste coureurs op dit niveau het geval. Kevin is zeker geen allrounder, maar in principe kan hij voor Tarteletto-Isorex in elk soort koers iets betekenen. Hij heeft op de stage een goeie indruk gelaten, maar het is nog moeilijk in te schatten hoe ver hij al staat. Ik ben benieuwd om dat de komende weken te gaan ontdekken.”

Ylber Sefa (26)

Johan Museeuw: “Omdat mijn zoon Stefano ook belofte is, heb ik Ylber Sefa vorig jaar hier en daar gevolgd. Ik heb hem ook enkele profkoersen zien rijden, en ook finales. Daarin gaat hij vaak al vroeg aan zonder echt te verzwakken. Hij is iemand die ook vroeg in de koers mee kan in een ontsnapping, en die het dan als enige kan volhouden tot het einde. Gullegem is daar een goed voorbeeld van. Sefa heeft een grote motor en heeft lef om aan te vallen en koers te maken. Soms doet hij dingen die ondoordacht zijn, maar dat vind ik wel mooi. Ik zie hem graag aan het werk, en dat is ook de reden dat ik hem graag bij deze groep wilde. Dat is gelukt, ondanks het feit dat er ook andere kapers op de kust waren. Sefa is iemand die heeft moeten vechten voor zijn bestaan – en nog steeds trouwens (lees hier meer). Renners die moeten vechten, kunnen altijd iets meer. En hij kan echt heel hard rijden. Daarom durf ik ook wat meer druk leggen op hem, want ik ben er zeker van dat hij het gaat waarmaken. We gaan dit jaar heel mooie dingen zien van Ylber, daar ben ik van overtuigd.”

Niels De Rooze (25)

Johan Museeuw: “Niels is natuurlijk een goeie renner, maar hij is ook iemand die soms iets te snel tevreden is over zichzelf. Dat moet hij afleren. Ik zeg niet dat hij niet agressief koerst, want dat doet hij wel. Maar gezien zijn capaciteiten moet hij hoger durven mikken. Ik zou hem aanraden om dat ook te doen. Hij heeft een enorm vermogen en combineert dat met een heel snelle sprint. Niels kan koersen winnen. Dat heeft hij in het verleden al bewezen en dat gaat hij nog doen, zeker weten. In een massasprint moet hij altijd top 10 rijden.”

Alexander Maes (24)

Johan Museeuw: “Bij Alexander heb ik nog wat vragen, we moeten zijn profiel nog wat ontdekken, samen met hemzelf. Hij rijdt wel graag zware wedstrijden slash zware rondes, maar ik weet niet of hij dat aankan. Dat zal nog moeten blijken. De Vlaamse koersen zouden hem in principe ook moeten liggen. Hij houdt niet echt van waaiers, maar hij zou dat wel aan moeten kunnen. Wat ik wel weet is dat hij de capaciteiten heeft om zichzelf binnen deze groep te ontdekken en te ontwikkelen. Dat moet hij nu ook gaan bewijzen.”

Conclusie

Johan Museeuw: “Niet elke renner roeit even snel. Coureurs worden in mijn ogen te snel afgeschreven. En dat is net wat wij niet proberen doen. Bij deze ploeg geven we ook kansen aan zogenaamd tragere renners. Daarom is een ploeg als Tarteletto-Isorex ook nodig voor de wielersport.”

Fotomateriaal: MediaQ.

Total
330
Shares