De 15-jarige Michiel Mouris werd al eens de opvolger van Mathieu van der Poel genoemd toen hij Dylan Groenewegen het nakijken gaf. Dat gebeurde in december 2022 na een veldrit in Het Twiske, een natuurgebied ten noordwesten van Amsterdam. De jonge kerel uit Baambrugge (provincie Utrecht) is intussen 17, werd 7e op het WK Veldrijden van 2022 in Tábor en veroverde 2 weken terug in Steenbergen de Nederlandse titel in het tijdrijden.


CyclingClass
Met Menen-Kemmel-Menen reed Michiel Mouris op zondag 7 juli 2024 z’n 1e UCI-wedstrijd in België. De 1e jaars junior van Wielerploeg Groot-Amsterdam liet zich meteen opmerken. In de 5e van 12 ronden trok hij alleen in de aanval. Meer dan enkele premies leverde het hem niet op. “Die uitval was niet heel verstandig”, geeft Mouris toe. “Helaas pikte niemand bij mij aan. Ik hoopte dat een groepje zou aansluiten. Dan was er een kans om het tot de finish uit te zingen. Nu had ik geen enkele kans om voorop te blijven.”
De jongere broer van belofte Wessel Mouris (ook Nederlands kampioen tegen de klok) probeerde in de slotronde nog een snelle ploegmaat naar voor te loodsen, maar dat lukte niet. “Eigenlijk kwam deze Menen-Kemmel-Menen voor mij op ongelegen moment”, beweert Michiel Mouris. “Met CyclingClass was ik tot en met zaterdag nog op stage in het Eiffelgebergte. Daar werkte ik de dag voor deze koers een training van 5 uur af. Tijdens deze wedstrijd heb ik dat gevoeld.”
CyclingClass is een samenwerking tussen de Nederlandse federatie KNWU, het NOC*NSF (Nederlands Olympisch Comité en Nederlandse Sportfederatie) en Team Visma | Lease a Bike. Met als doel het maximum uit jonge sporters te halen en hen te begeleiden richting de (wereld)top. Michiel Mouris mocht 1 van de stages van CyclingClass meemaken.



Tijdritselectie
We durven vermoeden dat Michiel Mouris, neef van ex-prof Jens (Vacansoleil, Orica GreenEdge), richting de Europese wegkampioenschappen in Belgisch Limburg (11 tot 15 september 2024) en de wereldkampioenschappen in Zürich (22 tot 29 september 2024) werkt. “Uiteraard had ik al contact met de bondscoach, maar beloftes werden niet gemaakt, daarvoor is het nog veel te vroeg”, beseft de jonge kerel. “In Nederland zijn er veel goeie junioren, maar in het tijdrijden maak ik kans om de selecties te halen. Ik werk ook veel op het tijdrijden. Want ik vind dat heel leuk om te doen.”
Veel wegwedstrijden werkte Michiel Mouris tot nog toe niet af. Niet alleen omdat hij tot 4 februari 2024 actief was in het veldrijden. “Het heeft ook te maken met examens van mijn laatste jaar secundair onderwijs”, verduidelijkt hij. “Als 1e jaars junior ging het best goed in de wedstrijden die ik reed.”
Mouris werd 7e in de Penn Ar Bed-Pays d’Iroise, een rittenkoers in Bretagne. Die 7e plek was goed voor eindwinst in het jongerenklassement. En 10 dagen nadat hij de Nederlandse tijdrittitel veroverde, zette hij in de Acht van Bladel de afsluitende individuele tijdrit op z’n naam. “Over een 10-tal dagen sta ik in Oostenrijk aan de start van de Oberösterreich Rundfahrt, daarna doe ik ook de Trofee van Vlaanderen in Reningelst, de Omloop van Valkenswaard en de Grand Prix Rüebliland in Zwitserland”, aldus Mouris. “En daarna hopelijk EK en WK.”



Podium in Lièvin
Nadien volgt het veldritseizoen. “Weg en veld vind ik allebei heel leuk om te doen, die combinatie ga ik niet opgeven”, benadrukt Mouris. “Veldrijden en het voorjaar op de weg, dat is niet altijd de makkelijkste combinatie. Ook op het einde van het wegseizoen kan het lastig zijn. Want dan overlapt het crossseizoen het wegseizoen. Dan moet je goed plannen, wat niet altijd gemakkelijk is.”
Het voorbije veldritseizoen liet Mouris al zien dat hij uit het goeie crosshout gesneden is. Want hij won de internationale veldritten in Heerderstrand, Rucphen en Essen. En op het WK in het Tsjechische Tábor werd hij 7e en 3e 1e jaars junior. “Dus hoop ik op het volgende wereldkampioenschap in het Franse Liévin mee te doen voor een plaats op het podium”, formuleert hij z’n terechte ambitie. “Een manche van de Wereldbeker winnen zou ook mooi zijn. Komende winter begint de Wereldbeker pas laat. Als ik het EK en het WK op de weg mag rijden, is dat in mijn voordeel. Toch ben ik van plan in oktober al het veld in te duiken.”
Logischerwijze loopt Michiel Mouris in de kijker bij grote ploegen. “Toch denk ik dat ik ook volgend seizoen bij deze Wielerploeg Groot-Amsterdam zal koersen”, besluit de jonge Nederlander. “Als ik bij de beloften naar een ander team overstap, moet dat een ploeg zijn waar ik weg en veld kan blijven combineren.”


