Sander Helven is 1 van die vele ex-profs die in het wielerwereldje zijn blijven hangen. Hij is echter 1 van de weinige ex-profs die ook als zelfstandige een succesvolle carrière naast de fiets heeft kunnen uitbouwen. Als medezaakvoerder van Tex.vision is hij een aantal jaar geleden een opmars begonnen in de sector van de wielerkledij. Tal van renners en wielertoeristen rijden met zijn uitrusting.


Bergkoning
Sander Helven was een verdienstelijk profrenner van 2011 tot en met 2016. Eerst een jaartje bij het bescheiden Donckers Koffie, daarna 4 jaar bij Topsport Vlaanderen-Baloise. In 2014 won hij de openingsrit in de Ster Van Bessèges, een hoog aangeschreven rittenkoers in het prille voorjaar. In zijn voorlaatste jaar als prof, in 2015, won hij de GP José Dubois, in het Henegouwse Isières. Helven kon ook een stukje bergop rijden. Hij won het bergklassement in de Tour Poitou-Charentes in 2016 en de Thüringen Rundfahrt in 2012.
“Maar in 2016 stopten er tal van ploegen”, weet Helven nog. “BMC, Katusha en Saxo Bank bijvoorbeeld. Toen werden de plaatsen wel erg duur. Elk jaar kwamen er internationaal een 60-tal ProTour-renners op de markt, die net iets meer gegeerd waren dan een 26-jarige Vlaamse (pro-)continentale renner. Er kwamen toen wel grote ploegen op met ongelimiteerde budgetten als Sky, maar de Belgische ploegen bleven krasselen met krappe budgetten. Ook al had ik dan wel al 4 profkoersen gewonnen en vele ereplaatsen behaald, ik vond geen nieuwe ploeg meer.”
“Als al die grote ploegen toen niet gestopt waren, zou ik vandaag wellicht nog aan het koersen zijn. Nu zijn er meer plaatsen dan toen, denk ik. Daarbovenop heb ik in mijn laatste jaar als beroepsrenner de pech gehad dat ik op de laatste dag van mijn voorjaarsstage zwaar gevallen ben. Ik moest geopereerd worden, onder meer aan mijn oor. 3 dagen later begon het nieuwe wielerseizoen, maar ik moest vanuit mijn ziekenbed toekijken. Ik was echt een voorjaarsrenner en dat voorjaar ging nu helemaal verloren.”

Tex.vision
Dat heeft mentaal ook wel een beetje op hem ingehakt. “Het duurde tot het najaar eer ik terug mijn neus aan het venster kon steken”, meent de nu 34-jarige Limburger. “Ik kreeg toen echter signalen vanuit de ploeg dat het moeilijk zou worden om een nieuw contract te sluiten. Ik ben niet het type dat gaat bedelen voor een contract en ga niet beginnen rondbellen naar andere ploegen om zelf te solliciteren.”
En dus besloot Helven om iets anders te gaan doen. Wat dat dan precies zou worden, wist hij op dat moment nog niet. Als gediplomeerd boekhouder/marketeer had hij wel iets achter de hand waar hij mee aan de slag kon. Al dacht hij eerst iets met sportvoeding te gaan doen: een speciale lijn ontwikkelen voor renners met voedselallergie, bijvoorbeeld. Maar na het einde van het seizoen wordt een renner nog betaald tot 1 januari.
“Ik had dus geen 3 maanden de tijd om iets dergelijks te gaan ontwikkelen”, duidt Helven. “Er moest brood op de plank komen. Ik ben er ook het type niet naar om in een sterk afgelijnde hiërarchie te werken, dus in loondienst in een groot bedrijf gaan werken leek me maar niets. Ik ontmoette een man, Peter, die actief was in modeconfectie. Eigen aan de modesector is dat je ontwerpen moet maken en uitwerken om die 6 maanden later volledig te dumpen en opnieuw te beginnen. Dat is erg arbeidsintensief, want je staat constant onder hoge tijdsdruk.”

Sport en Moedig Genk
“Peter stelde me voor om met sportconfectie te beginnen. Hij heeft me de kneepjes van het vak geleerd. Ik leerde snel hoe confectie in elkaar zat. Op die manier is Tex.vison ontstaan. Ik heb de productie in het buitenland ondergebracht en m’n contacten in de wielersport hielpen ons om die markt op te gaan.”
“Intussen leveren wij kledij aan een aantal wielerteams, zowel op de weg als in bijvoorbeeld het mountainbiken. ‘Sport en Moedig Genk’ zijn bijvoorbeeld al klant van bij het begin. Een markt die wij heel sterk ontwikkeld hebben, is wielerkledij voor bedrijven. Herbalife, Picanol en Tessenderlo Chemie laten bij ons sportkledij drukken om als relatiegeschenk of aan hun personeel te geven. En dit in heel Europa. We zijn intussen uitgegroeid tot een kleine grote speler. Maar willen nu nog meer ingang vinden bij wielerteams.”
