Jeugdrenners eten op steeds jongere leeftijd veel wattages en weinig calorieën. Het speelse dreigt daardoor te verdwijnen voor onze wielerjeugd. Hoe kan je als ouder het hoofd koel houden en de ‘goesting’ bij je sportzoon of – dochter hoog helpen houden? Wij gingen te rade bij de Sportoudergids van KoMeet Sportpsychologie.


Wankel evenwicht
Vandaag de dag is het niet altijd een pretje om over sporttalent te beschikken. De sportwetenschap zette grote stappen waardoor prestaties en vooruitgang meetbaar werden. Dat is uiteraard een positieve zaak voor de topsporter, maar zorgt op jongere leeftijd voor een wankel evenwicht. Verschillende kampioenen van vroeger geven aan dat ze in deze tijden niet zouden aarden. Neem dat samen met de trend om op vroegere leeftijd renners te selecteren en het is duidelijk dat de druk op de jonge wielrenners gevoelig toenam.
Het laatste wat je als wieler- of sportouder wil, is die druk zelf ongewild verhogen. Dat gebeurt sneller dan je denkt, vaak zonder dat we ons hiervan bewust zijn. We lieten ons een spiegel voorhouden door de Sportoudergids, geschreven door KoMeet Sportpsychologie.
De psycholoog in ons kan het niet laten om als kapstok een streepje theorie mee te geven. Wees gerust, het is echt een dun streepje. Het ABC-model of de zelfdeterminatietheorie schuift 3 psychologische basisbehoeften naar voor. Kinderen zullen zich goed in hun vel voelen als ouders hen positief benaderen zodat het geloof in hun sportieve vaardigheden groeit (competentie), hen de ruimte geven zelf te bepalen hoeveel hij/zij wil investeren in zijn/haar sport (autonomie) en echt naar hen luisteren en sociale contacten stimuleren (verbondenheid). Klinkt eenvoudig, niet? Hou het in je achterhoofd, het is in praktijk moeilijker dan je denkt.



Sportoudergids
We willen het er eerst uit: de Sportoudergids blinkt niet uit qua vormgeving, maar het draait gelukkig om de inhoud. Schuif hem niet onder de neus van je partner om die een spiegel voor te houden. Je moet er al voor open staan om stil te staan bij je gedrag als sportouder. Zie de gids vooral als een startpunt: aan de hand van eenvoudige voorbeelden, vragen en adviezen word je uitgedaagd om over jezelf na te denken. Je bent er ook zo doorheen. Dat maakt het toegankelijk voor een breed publiek, maar minder bruikbaar voor wie echt diepgang zoekt.
Geen enkele ouder is gelukkig perfect, het gaat er om ‘goed genoeg’ te zijn. De gids vertrekt van het idee dat elke ouder het beste wil voor zijn/haar kind. De opbouw is logisch: 7 rode vlaggen en korte getuigenissen van kinderen helpen je bewust worden van je gedrag, waarna tips volgen om je gedrag te veranderen.
Geef je opbouwende kritiek na de wedstrijd? Wijs je wel eens naar ploeggenoten om te tonen hoe je kind het beter zou aanpakken? Hoe goed je het ook bedoelt, het kan een impact hebben op het competentiegevoel van je kind. We spreken uit ondervinding: het is niet evident als ouder om te weten hoe je het best aanpakt. Je wil bijvoorbeeld dat je kind zijn/haar plaats opeist in het team. Jij weet wat hij/zij kan en wil dat hij/zij dat ook aan anderen laat zien. Je wil daarop wijzen, zodat je zoon of dochter kan groeien. Tegelijk wil je dat op een ‘goede’ manier doen want je beseft dat het komt met vele valkuilen. Een woord of gebaar dat je stimulerend bedoelt, kan je kind net blokkeren.



Ploegleider is ploegleider
Volgens de gids ervaart 50% van de kinderen prestatiedruk van hun ouders. Dat is veel. Heel veel. De gedachte dat jij geen coach, of ploegleider, van je kind bent, vonden we best helpend. “Je rol is niet om je kind te leren winnen. Wel om je kind te leren groeien”, klinkt het. Die groeimindset is eigenlijk net de essentie van een succesvolle topsporter. Die leert uit nederlagen of fouten. Laat hen bovendien voelen dat niet alles om sport draait. Een stoel heeft ook meerdere poten nodig om recht te blijven, zo is het ook met ons zelfwaardegevoel.
Je kind zal zich niet de medailles of overwinningen herinneren. Wel dat je aan de zijlijn stond en hem of haar steunde. Mag je dan geen feedback geven aan je kind? Uiteraard wel. Wees je gewoon bewust dat kinderen erg gevoelig zijn aan goedkeuring van hun ouders. Hanteer ook de 3/1 gedachte: uit de positieve psychologie blijkt dat er 3 positieve ervaringen nodig zijn om 1 negatieve te compenseren. Kinderen weten vaak zelf heel goed wat er goed verliep of beter kan. Vraag ernaar en geef hen zelf de ruimte om aan te geven wat ze meenemen naar een volgende keer. Zo help je hen een groeimindset ontwikkelen.
Je kan de Sportoudergids aankopen via de website van KoMeet. 14,99 euro vinden we aan de prijzige kant voor 70 pagina’s. KoMeet biedt ook een optie om hem gratis te downloaden.

