Op zijn 38e is Kobe Vanoverschelde nog lang niet uitgefietst. De Sleidingenaar verzamelt na zijn continentaal Tarteletto-uitstapje weer zeges bij de vleet. 9 al dit jaar 2025, en nog op zoek naar een 10e. Maar cadeau krijgt hij het niet. “Dat ze met 15 man in mijn wiel zitten en van alle kanten komen aanstormen als ik aanzet, daar moet ik beter mee leren omgaan.”


Seizoen om trots op te zijn
“Goed, ja, heel goed eigenlijk”, opent de renner van Wielerteam Decock-Mannavital-Van Mossel met een glimlach wanneer hij terugblikt op 2025. “Ik kan zeker niet klagen met hoe het seizoen gelopen is.” 9 zeges, waaronder in Tielt, Sleidinge en Houthulst, bevestigen dat hij nog steeds mee de koers maakt. Vooral zijn zege in Tielt, de 100e editie van die zware kermiskoers, is hem bijgebleven. “Dat was 1 van die dagen waarop alles in zijn plooi viel”, beseft hij. “Op het einde bleven we met de sterksten over en kon ik het afmaken in de sprint. Dat ligt me het beste.”
Ook winnen in eigen streek blijft iets bijzonders. “Mijn thuiskoers in Sleidinge blijft speciaal. Het is niet de mooiste omloop – 4 bochten en lange rechte stukken – maar wel 1 die veel betekent. Dat was al mijn 3e overwinning daar. Als je voor de start al als topfavoriet wordt aangekondigd, is het niet evident om dat ook waar te maken.”
Vanoverschelde rijdt sinds 2 jaar opnieuw bij de elite zonder contract, maar dat houdt hem niet tegen om resultaten te boeken. “Vorig jaar won ik 9 koersen, dit jaar ook al 9. Ik ben niet iemand die snel tevreden is. Toen ik in maart begon, stond ik de eerste 4 koersen 3 keer op het podium. Maar vanaf dan begon iedereen opnieuw naar mij te kijken. Dat maakt het koersen moeilijker.”
Hij lacht. “Het is positief dat je geviseerd wordt, maar het is niet altijd leuk. Ik ben iemand die graag koerst van bij het begin, die er meteen invliegt. Maar met mijn leeftijd raak ik niet meer zo explosief op gang als vroeger. Soms is de 1e groep al weg voordat ik echt op dreef kom.”



Sport is emotie
Toch laat hij zich niet uit zijn lood slaan. “Soms schuif ik op in het peloton en eens vooraan zitten ze met 15 in mijn wiel. Te wachten tot ik aanval. Als het dan zover is, komen ze van alle kanten. Daar word ik ’s nachts wel eens van wakker, ja. Ik moet er nog beter mee leren omgaan. Sport is emotie, en ik ben een emotionele coureur. Dat maakt het soms lastig, maar ook mooi. Als het lukt, is de voldoening groot. Als het tegenzit, dan kost dat wel wat wedstrijdplezier.”
Naast zijn leven op de fiets heeft Vanoverschelde ook een druk bestaan naast de koers. Hij werkt voltijds als leerkracht Lichamelijke Opvoeding in het Atheneum van Lokeren, is vader van 2 jonge kinderen en zijn vriendin werkt in het UZ als verpleegkundige in een 3-ploegenstelsel. “Veel mensen onderschatten dat”, vertelt hij. “Het is niet omdat je leerkracht bent, dat je veel vrije tijd hebt. Mijn vriendin werkt ook weekends en nachten, dus de puzzel is soms complex.”
Een doorsnee dag is dan ook strak gepland. “Ik breng de kinderen naar de opvang, rijd naar school, geef les tot de middag, eet snel iets in de leraarskamer en vertrek van daaruit naar de koers. Na de wedstrijd nog even tijd maken voor de kinderen en dan is het alweer avond. Het is pittig, maar het lukt. In de winter gebruik ik mijn woon-werkverkeer als training. Ik fiets dan vaak naar school: 40 km heen en 40 terug. Dat is een goeie training, al is het soms afzien. Als je bij -6 ’s morgens vertrekt, vraag je je soms wel af waarom je het nog doet. Maar discipline is alles.”
Een paar jaar geleden kreeg Vanoverschelde even de kans om een stap hogerop te zetten. “Er was toen een regeling via Peter Bauwens bij Tarteletto-Isorex, waardoor ik eigenlijk 2 jaar als prof kon leven. Ik nam ouderschapsverlof op school en het loonverschil werd bijgelegd. Dat was een unieke kans, maar ik heb daarna bewust gekozen om terug te keren naar de Elite 2. Het leerkrachtenleven biedt stabiliteit – en de koers blijft mijn passie, niet mijn job.”



Contractverlenging
Zelfs na al die jaren blijft de motivatie groot. “Ik werk sinds 2 jaar samen met trainer Michiel Stockman. In de winter maken we echte trainingsblokken, in het seizoen rijd ik vooral veel koersen. Dat werkt voor mij. Door te rijden, word ik beter. Vaak win ik de 3e koersdag op rij, wanneer alles goed zit. Een coureur heeft altijd doelen nodig. Nu zit ik weer aan 9 zeges, dus wil ik er 10. Ik heb nu nog 4 kansen, dus ik ga ervoor.”
“Lukt dat niet, dan is dat zo, maar ik wil het proberen. Als iemand zegt dat het niet meer zal lukken, wil ik net bewijzen dat het wel kan. Ja, mijn vastberadenheid is typerend. Mentaal ben ik sterker dan ooit. De combinatie van werk, gezin en koers dwingt je om efficiënt te zijn. Ik slaap soms slecht van een mindere koers, maar ik zoek altijd naar oplossingen. Dat is wie ik ben.”
Waarom blijft hij het doen? “Omdat ik het gewoon heel graag doe. Ik koers omdat het mijn uitlaatklep is. Al die emoties, dat komt eruit op de fiets. En zolang ik kan winnen, blijf ik dat doen. Of ik ooit denk aan stoppen? Niet echt. Zolang ik plezier heb, blijf ik rijden. Misschien dat de dag dat ik geen koers meer win, de dag is dat ik de fiets aan de haak hang. Maar voorlopig ben ik nog niet van plan om te stoppen. Meer zelfs, ik teken eerstdaags bij voor 2026.”
