
Wat begon als een rol als bondscoach van Rwanda, groeide uit tot een organisatie die impact wil creëren op het volledige Afrikaanse continent. Dat doen ze door structuren op te helpen bouwen in de leegte. Van 20 jaar volharding gesproken! We hoorden er alles over tijdens hun bezoek aan museum KOERS in Roeselare.


Jock Boyer als pionier
“We willen het Afrikaanse wielrennen van de basis helpen ontwikkelen. Dat is onze passie”, klinkt het krachtig bij Kimberly Coats, CEO van Africa Rising. Hun verhaal startte in 2007, toen haar echtgenoot Jock Boyer de leiding nam over het nationale wielerteam van Rwanda. “Jock werd gevraagd door Tom Ritchey, een Amerikaans mountainbikepionier. Die was onder de indruk geraakt van de veerkracht van de Rwandezen na de genocide en de rol van de fiets in die wederopbouw.”
“Ze brachten een groep getalenteerde Rwandese wielrenners samen”, gaat Coats verder. “Daar stopte het echter niet. Ze wilden de infrastructuur opbouwen die hen in staat zou stellen om mee te strijden op het internationale toneel.”
De uitdagingen waren even groot als divers: het nodige geld bijeen krijgen, visa regelen, maar ook kwalitatief materiaal voorzien. “We hadden geluk dat Pat McQuaid, president van de UCI, sympathie voelde voor ons project. Binnen de WorldTour liep toen een solidariteitsprogramma, waarbij elk team 6 fietsen aan een goed doel moest schenken. Zo konden we voor elke renner in het nationale team een degelijke fiets voorzien.”
Hun werk in Rwanda ging bij andere Afrikaanse sportbonden niet ongemerkt voorbij. “Rond 2011 begonnen we andere landen te helpen, waaronder Ethiopië en Eritrea. Zo groeide ons project. We konden moeilijk nalaten om te helpen als ze het vroegen”, grinnikt Kimberly Coats. “We hebben dat steeds met een proper geweten proberen doen, er is nogal wat corruptie natuurlijk. Rond die periode wijzigden we de naam naar Africa Rising. Het bleef altijd zoeken, zo gaf Sidi ons bijvoorbeeld 100 paar schoenen voor Ethiopië.”


Romuald Hazoumé
“In 2017 verhuisde ik met Jock en kort terug naar de VS. We hadden een plan om het team over te laten aan de Rwandese bond. Al hebben ze het jammer genoeg niet zo nauw opgevolgd”, lacht ze. “Net toen we er eigenlijk zouden uitstappen, ontmoette Jock in 2019 Romuald Hazoumé. Hij was de president van de federatie van Benin. Zijn passie voor fietsen was erg aanstekelijk. Hij is een succesvolle artiest, die zijn eigen geld in de ploeg investeerde.”
De Amerikaanse vindt het erg belangrijk dat ze niet enkel wielrenners opleiden. “De meeste kinderen zullen het niet tot prof schoppen. We trainen mecaniciens, coaches en soigneurs. Enkel zo kan het wielrennen groeien. En daar komt Jamie in beeld.”
Coats heeft het over Jamie Bissell, aan het hoofd van het mecanicienprogramma van Africa Rising. “Ik leidde al mecaniciens op in Benin, Sierra Leone, Rwanda en Togo. Het is echter niet evident, want de structureren ontbreken. Maar we proberen op die manier wel iets in beweging te brengen.”
Over de vraag waar ze het meest trots op is, moet Coats niet lang nadenken. “Dat we er na 20 jaar nog steeds zijn om kinderen te helpen. We richten ons op de basis en vullen een leegte die niemand anders vult. Daarom besloten we bewust om zelf geen wielerteam op te richten”, legt ze uit. “We vormen de link tussen de renners en het UCI-centrum, waar ze dan kansen krijgen. Doordat we een non-profit zijn, kunnen we sneller inspelen op zaken dan de UCI.”


OS in Londen
Het blijft een moeilijke weg, maar de successen geven energie om door te gaan. “Rafiki Uwimana was 1 van de Original Five van Team Rwanda. Hij was een straatkind in de genocide en kijk waar hij nu staat. Na zijn carrière besloot hij zijn eigen team Rafiki Bikes op te richten en jongeren op te leiden. Zijn kind is 17 jaar en een veelbelovende junior, die al 2e eindigde in een aantal wedstrijden in de VS.”
Op het sportieve vlak raakt ze nog steeds geëmotioneerd als ze terugdenkt aan de Olympische Spelen van 2012 in Londen. “Adrien Niyonshuti heeft een ongelooflijke weg afgelegd. Dankzij zijn drive zijn we in het begin blijven doorgaan. Finishen in het crosscountry op de Spelen was het doel, om te bewijzen dat het mogelijk was. Toen hij die laatste ronde door de tunnel kwam, na een weg waar we 6 jaar aan hadden gebouwd… Emotioneel!”
“Het gaat echter zeker niet alleen om de resultaten”, benadrukt Coats. “Dat Niyonshuti nu coach is van het nationale team van Benin, maakt de cirkel rond. Zo wordt het ook na ons een duurzaam project.”
Coats ziet een geweldige drive bij jongeren. “5 jaar terug waaide iemand die op de straat leefde bij ons binnen. Hij wilde helpen en begon trainingsresultaten bij te houden. Om te kunnen communiceren met mij leerde hij Engels. Vorige week ging hij op zijn 21e als hoofdcoach naar de Afrikaanse kampioenschappen!”
