
Hij was wereldkampioen, reed jarenlang voor een grote ploeg en gooit het nu over een andere boeg. Kevin Panhuyzen (31) is sinds dit seizoen 2026 ‘privateer’, een eenmansploeg in de volksmond. Een zot idee dat uitgroeide tot het Storm Cycling Team, een avontuur in de Cape Epic en nog steeds de ambitie om een manche in de World Series te winnen. “Sinds mijn ongeval in Canada geniet ik nog harder van de fiets en ben ik per ongeluk terug op professioneel niveau terechtgekomen.”


Zot idee
De overstap van het grote Giant naar een eigen project kwam niet uit de lucht vallen. Het zaadje werd vorig jaar al geplant. “Ik kreeg van de teammanager bij Giant te horen dat de kans heel groot was dat we terug naar een iets lager niveau zouden gaan, omdat het voor de teammanager een beetje uit de hand was gelopen”, vertelt Panhuyzen. “Het was blijkbaar nooit de bedoeling van Giant om op dat niveau te rijden.” Dat was het moment waarop hij zelf begon na te denken en de markt verkende.
De mogelijkheden in de gravelwereld bleken echter beperkt. “Zeker als je ook wel effectief iets wilde verdienen. Voor een fiets of voor een broek en een truitje waren er genoeg teams die interesse hadden. Maar hier thuis moet ook alles betaald worden. Om er echt een centje aan te verdienen, dat zou toch heel moeilijk worden.” En dus stapte Panhuyzen met een onconventioneel plan op de proppen. “Ik ben naar mijn werkgever gestapt met een zot idee. Hij was eigenlijk direct heel enthousiast om het Storm Cycling Team uit de grond te stampen.”
Het team is meer dan alleen een vehikel voor Panhuyzens professionele carrière. Hij is er de ambassadeur van, maar het doel is breder. “Het is de bedoeling dat klanten zich kunnen aansluiten bij het team om samen geregeld leuke evenementjes mee te pikken. We willen rond dat team echt een community creëren, waar ik dan het uithangbord van ben.” Dit omvat workshops over powermeters en social rides. “Ik ben natuurlijk redelijk veel in het buitenland, dus het zal voor mij niet elke maand lukken om mee te fietsen. Maar ik ga dat wel zo vaak mogelijk proberen te doen.”


Gemengde gevoelens
Het seizoen begon meteen met een stevige uitdaging: de Cape Epic in Zuid-Afrika. Een avontuur dat met wisselend succes werd afgesloten. “Op zich liep dat vrij goed, maar ons vooropgestelde doel hebben we jammer genoeg net niet gehaald”, klinkt het. “We ambieerden eigenlijk een top 10, zeker met het parcours dat dit jaar toch wel op ons lijf geschreven was.” Tegenslag gooide echter roet in het eten.
Halverwege de meerdaagse etappekoers liep het mis. “We zijn op een bepaald moment beginnen sukkelen met wat tegenslag. Ik ben dan ook best zwaar gevallen in de 4e etappe. Daar ging dan eerst een tijdstraf aan vast, maar dan ook weer niet.” Die onduidelijkheid zorgde voor de nodige spanning. “Veel stress eigenlijk rond een heel vervelende situatie. Dat heeft ons eigenlijk best wel achteruit geslagen. Daardoor hebben we in het 2e deel ook wel wat tijd verloren richting de top 10. Jammer!”
De conclusie is dan ook dubbel, maar de blik is nu echter alweer vooruit gericht. Na een korte rustperiode is de voorbereiding op het gravelseizoen 2026 in volle gang. “Nu ben ik al een 3-tal weken terug hard aan het trainen richting The Traka op 2 mei. Dat is eigenlijk het begin van een blok gravelwedstrijden. De week erop is er Marly Gravel in Valkenburg en de week erna is er The Gralloch, een gravelfestival in Schotland.”


De grote droom
Met het EK eind augustus 2026 en het WK in Australië staan er nog belangrijke doelen op de kalender. Vooral dat laatste is een logistieke en financiële puzzel. “Het kriebelt sowieso wel”, geeft de renner uit Tessenderlo toe. “We hebben hier thuis ook wel het idee om achteraf onze huwelijksreis eraan te koppelen.” Toch is er nog geen zekerheid. “Het zal een beetje van de budgetten doorheen het jaar afhangen. Het wordt een kwestie van op 1 augustus alle budgetten bij elkaar te leggen en te bekijken of het nog haalbaar is om naar Australië te gaan.”
Het EK in Houffalize is dichterbij en daar verdedigt Panhuyzen een podiumplaats van vorig jaar. Concrete ambities zijn er nog niet. “De komende maanden zal het wel duidelijk worden met welk gevoel ik naar daar kan trekken. Vorig jaar stond ik daar natuurlijk op het podium, wat mij ook wel doet dromen voor aanstaande editie.” Hij blijft echter realistisch. “Het niveau zal dit jaar nog wel een stapje hoger zijn”, beseft hij.
Ondanks de nieuwe structuur als privateer en de combinatie met een 20-urige werkweek in de fietsenwinkel, blijft de ultieme sportieve ambitie overeind. “Die grote droom is nog altijd om een manche van de Gravel World Series te winnen. Ik heb nu al een aantal keren op het podium gestaan, maar de overwinning heb ik nog niet gepakt.” De concurrentie wordt er niet minder op, maar dat schrikt hem niet af. “Het is een uitdaging om mij terug te tonen op het hoogste niveau. Met het stijgende niveau van de afgelopen jaren was het niet meer haalbaar om het met dat met een 4/5 job te combineren. Daarom ben ik heel blij met de kans die ik gekregen heb en hoop ik mij nog te tonen met een aantal mooie resultaten dit jaar.”
