Impressionant! Het minste wat kan worden gezegd van de lange vlucht van Tars Poelvoorde (19) en Born De Dobbelaere (20) in de Memorial Bjorg Lambrecht. De ene koos van bij de start voor het offensief, de andere pikte na 20 km bij de Lotto-belofte aan. Voor 3 anderen ging dit duo te snel. Poelvoorde schudde De Dobbelaere in het zicht van het spandoek af en won solo. Straf!


Doorbijters
Ook na 6 jaar is Knesselare Bjorg Lambrecht niet vergeten. De inwoners van de Aalterse deelgemeente eerden de verongelukte renner met witte ballonnen. Ook aan de ploegwagens in de wedstrijdkaravaan werden witte ballonnen opgehangen. En net als tijdens de rouwperiode in augustus 2019 zetten mensen beertjes buiten, als eerbetoon aan de onfortuinlijke Lotto-renner. Z’n supportersclub houdt eraan, met de steun van Bjorgs familie, om een koers te geven als nagedachtenis. De 6e editie ging naar Tars Poelvoorde, ook de 1e aanvaller in deze interclub voor beloften.
De Waregemnaar van het Lotto Devo Team trok al kort na de start in de aanval. Met 8 man, waaronder 3 renners van VDM-Trawobo. De vlucht werd gecounterd. “Maar ik was onmiddellijk weer weg”, lacht Poelvoorde. “Dit keer met 5. Al snel vielen we met 4, daarna met 3 en rond halfkoers met 2. Gelukkig was Born De Dobbelaere mijn compagnon. We kennen elkaar vrij goed. Dit was niet de 1e keer dat we elkaar tegenkwamen. Met de meeste andere renners uit dit peloton was het nooit gelukt om voorop te blijven.”
De 2 doorbijters kregen een bonus van bijna 3 minuten. Aanvankelijk namen 3 renners van Mini Discar het voortouw in de achtervolging. Later begon ook Urbano-Vulsteke-Bumaco mee te werken, maar het peloton kon het verschil enkel halveren. “Ze gaven ons wellicht wat te veel voorsprong, de teams in het peloton hebben te laat gereageerd”, beseft Poelvoorde.



Late uitval
Toch moet je het maar doen. Ongeveer 80 km met 2 een peloton van meer dan 100 renners op afstand houden. Evident is het niet. Dan moet je uit het juiste wielerhout gesneden zijn. “Ik vermoed dat zowel Born als ik een goeie dag hadden”, lacht Poelvoorde. “Vorige woensdag had ik in de kopgroep van de Grote Prijs van de Stad Torhout al gezien dat Born 1 van de sterkste mannen was. In die interclub heb ik zelf wat extra vertrouwen getankt. Nochtans was ik er in de finale volledig leeg.”
Het vertrouwen van de zoon van ex-renner Ronny Poelvoorde had in de periode na het Belgisch kampioenschap in Rollegem een deuk gekregen. “Daar kwam ik ten val”, zucht de jonge belofte. “Meteen daarna reed ik toch de Ronde van Vlaams-Brabant en die van Namen. Een diepe wonde in mijn enkel genas heel moeilijk. Ik kende enkele moeilijke dagen.”
Gelukkig lijkt dat voorbij. “In tegenstelling tot vorige woensdag in Torhout viel ik in de finale van deze wedstrijd niet stil”, glundert Poelvoorde. Integendeel. Hij had nog de kracht om 2 km van de streep De Dobbelaere af te schudden en solo naar de streep te rijden. “Ik weet dat ik best niet reken op mijn sprint. Dat risico wilde ik niet nemen. Bovendien had ik de laatste ronde gemerkt dat er bij Born niet veel meer op zat. Dus probeerde ik het via een late uitval.”



Nog geen prof in ’26
Zodat Tars Poelvoorde Lotto – Bjorg Lambrecht koerste zowel voor de beloftenploeg van de Nationale Loterij als voor het WorldTour-team Lotto Soudal tot hij op 22-jarige leeftijd in de Ronde van Polen een dodelijke val maakte – in deze Memorial de zege schonk. “Voor de ploeg is dit altijd een belangrijke interclub”, weet de laureaat. “Omwille van Bjorg. Jawel, 6 jaar geleden volgde ik het wielrennen reeds op de voet. Ook al was ik toen nog maar 13. Ik herinner me nog dat hij in de Amstel Gold Race heel dicht eindigde. Als je dat kan op zo’n jonge leeftijd! Een groot talent ging verloren. Jammer genoeg is hij niet de enige die tijdens een wedstrijd het leven liet. Veiligheid in de koers blijft een item.”
Ook al beseft Tars Poelvoorde dat de koers een gevaarlijke sport is, toch zal hij er de komende jaren alles aan doen om het te maken. “Een gesprek met de ploegleiding komt er weldra aan”, aldus de West-Vlaming. “Neen, wat mij betreft zet ik in 2026 nog niet de stap naar de profs. Ik kan beter nog een jaartje groeien en sterker worden bij het devo team. Bij deze ploeg krijg je veel kansen. Ook in grotere koersen. Ik ben blij hoe 2025 tot nog toe verliep. Enkel jammer van die val op het BK. Maar dat hoort er bij. Hopelijk kan ik mijn huidige vorm doortrekken zodat ik er nog een mooi seizoeneinde kan van maken.”
