In de Savinja-vallei, in het hart van Slovenië, ligt hotel GROF Cycling, een toevluchtsoord voor wielrenners en gravelrijders die liever de stilte horen dan het toeristische geraas. Hotelmanager Jerneja Gregorc ontvangt er fietsers uit heel Europa. Dat verhaal kon je hier al lezen. Maar waarom is deze streek zo bijzonder?


Weg en gravel
De Savinja-vallei is niet de bekendste regio van Slovenië, maar dat is precies wat haar aantrekkelijk maakt. De valleien slingeren tussen hopvelden – Slovenië’s groene goud – en kleine dorpen waar lokale brouwers ambachtelijk bier maken. “Het is het dal van hop en bier”, vertelt Gregorc. “Je kunt hier fietsen tussen de hopvelden, stoppen bij lokale boerderijen of kleine brouwerijen, en iets proeven. Dat maakt het anders. Het is geen typische toeristische plek, maar juist een heel fijne ontdekking. De bestemming zelf is niet heel toeristisch en er is weinig verkeer. We hebben veel veilige gravel- en asfaltwegen.”
De wegen zijn glooiend, nooit extreem steil, maar uitdagend genoeg voor wie wat hoogte wil pakken. “De vallei is omringd door heuvels tot zo’n 1.000 meter”, legt ze uit. “Er is dus altijd een mogelijkheid om te klimmen, maar het blijft toegankelijk. Mooie passages, mooie uitzichten – vooral voor racefietsers is het een prachtige plek.”
De populariteit van het Sloveense wielrennen helpt. “Fietsen is hier meer dan een sport”, zegt ze lachend. “Het hoort bij onze identiteit.” De nabijheid van de beroemde renners zorgt ervoor dat fietsers nieuwsgierig worden naar hun land. “Ze willen zien waar Roglič en Pogačar trainden. Toeristen vinden het leuk om door hun thuissteden te rijden. Ze kunnen letterlijk op dezelfde wegen fietsen als onze kampioenen. Dat maakt het speciaal. En dan merken ze: het landschap is niet alleen mooi, het is ook echt geschikt om te fietsen. We hebben het juiste terrein, het juiste klimaat en weinig verkeer. Alles klopt.”
Foto-impressie: ontdek de Savinja-vallei hier met eigen ogen! (coming)

Overal in stilte
GROF Cycling is meer dan een hotel met een paar fietsenrekken. Het is een volwaardig fietshotel, met uitgewerkte routes, GPX-bestanden en advies op maat. “We hebben meer dan 30 gravelroutes online”, zegt Gregorc. “De fietser kan kiezen: vandaag minder dan vijftig kilometer, of tussen vijftig en tachtig. We geven ook informatie over hellingspercentages en moeilijkheid. Zo kan iedereen zijn eigen uitdaging kiezen.”
De wegen zijn zorgvuldig uitgezocht – geen druk verkeer, wel variatie: vlakke stukken tussen hopvelden, gravelklimmetjes door heuvels en kronkelende wegen langs rivieren. “Dat is het belangrijkste als je veel fietsers in je hotel wil”, zegt ze. “Ze moeten kunnen kiezen. Verschillende niveaus, verschillende lengtes – dat maakt het aantrekkelijk.”
Slovenië noemt zichzelf graag een groen land, en terecht. Maar Gregorc benadrukt dat de Savinja-vallei nog een stap verder gaat. “Het is niet dat we groener zijn dan de rest van Slovenië”, zegt ze. “Maar omdat het niet zo toeristisch is, voelt het beter voor fietsers. Je rijdt overal in stilte, dat geeft heel veel rust.”
Wie even niet op de fiets wil, hoeft zich niet te vervelen. “We hebben mooie kastelen, restaurants en tuinen”, zegt ze. “En thermale resorts. Als het eens een dagje regent, brengen we onze gasten daarheen. Er is altijd iets te doen.” Het hotel werkt samen met lokale partners. Zo wordt het verblijf niet alleen een sportieve, maar ook een culturele ervaring. “Iedereen die wil bijdragen, kan ook naar lokale toeristische plekken”, vertelt Gregorc. “We proberen onze gasten de hele vallei te laten zien, niet alleen de wegen.”

Routes
Wat opvalt tijdens het gesprek: Gregorc praat niet als een marketeer. Ze zegt geen woord te veel. Geen praat over “magische vergezichten” of “verborgen parels”. Alleen feiten: veiligheid, wegen, ervaring. “Wij beloven niets wat we niet kunnen waarmaken”, zegt ze nuchter. “We hebben goede wegen, goede accommodatie en rust. Dat is voor veel mensen genoeg.”
Hoewel het hotel vooral gericht is op wielrennen en gravel, duikt regelmatig de vraag op of mountainbiken er ook kan. Gregorc antwoordt voorzichtig maar eerlijk. “We hebben veel bospaden die leuk zijn om te rijden, maar ze zijn niet allemaal legaal”, legt ze uit. “In Slovenië mag je niet zomaar in het bos fietsen. De eigenaar van het land moet toestemming geven. In ons hotel stellen we uiteraard alleen routes ter beschikking met alleen legale gravel- en asfaltwegen. Met onze routes moet je niet twijfelen. Dat is handig, toch?”
Het verhaal is helder: de Savinja-vallei hoeft niemand te overtuigen met slogans. Wie er eenmaal fietst, weet waarom. “Het is hier eenvoudig”, besluit Gregorc. “De Savinja-vallei is waar fietsen nog echt vrij voelt.”
Slovenië is het thema van Velofollies 2026. Vanzelfsprekend vind je straks een hele delegatie van dit fietsland op de Kortrijkse fietsbeurs. Je kan hier al je tickets bestellen!
