Van een binnenkomer op WorldTour-niveau gesproken. Brady Gilmore liet zich al zien in de Tour Down Under, maar knalde helemaal in de 1e WorldTour 1-dagskoers van het seizoen 2026. Hij volgde een atypisch pad volgde en betaalde leergeld in België. Wie zijn geschiedenis leert kennen, beseft dat er nog heel veel marge op zit.


Simon Clarke
Je hebt knechten die niet kunnen schakelen als ze hun kans krijgen. Dat geldt duidelijk niet voor Brady Gilmore, die begin 2026 tot 2 keer toe razendsnel als lead-out in de sprintrol kroop. In de Tour Down Under waagde hij het op de verrassing door vroeg aan te zetten. Jammer genoeg voor de jonge Australiër bleek dat niet voldoende om Matthew Brennan van de winst te houden. In de Cadel Evans Great Ocean Road Race was het opnieuw van dat. Toen zijn ploeggenoot Corbin Strong met een mechanisch defect moest afrekenen, nam Gilmore diens rol met verve over.
Zijn ontluiking valt samen met de laatste wedstrijd van Simon Clarke, die hij achteraf uitgebreid in de kijker zette. Als we afgaan op Gilmore, dankt hij zijn stormachtige ontwikkeling het afgelopen seizoen aan de lessen van zijn oudere mentor. “Ik pik zijn brein”, zegt hij daar zelf over. De jonge renner volgde een atypisch pad en kwam pas vorig jaar 2025 uitgebreid op de radars. Dat is niet vreemd, want hij fietst amper 5 jaar. Iemand die hem de weg wees, kon hij dus wel gebruiken.
Zoals bij velen speelt corona een hoofdrol in het verhaal van de 24-jarige puncher. In 2020 keerde hij noodgedwongen terug uit de VS, waar hij motorcross reed. Om in vorm te blijven tijdens de lockdown kocht hij een wegfiets. Gilmore nam deel aan een aantal Zwift-races en bleek over bakken talent te beschikken. De rest is binnen een paar jaar wellicht geschiedenis.


Godenkind
Sport was ongetwijfeld een ding als kind, want zijn ouders baten tot op vandaag een sportwinkel uit. Als jongentje leefde hij zich uit op zijn BMX. Samen met zijn motorcross-achtergrond, zit het op vlak van behendigheid dus wel goed. De wielerwereld zelf was Gilmore echter helemaal vreemd. Toen hij in 2020 opdaagde in een lokale tijdrit, dacht hij dat hij uitgelachen werd om zijn FTP-waarde van 4,5 Watt/kg als ongetrainde renner. Toen de uiteindelijke winnaar hem passeerde, sprintte hij hem opnieuw voorbij – van een pacing plan had hij nog nooit gehoord. Een paar wedstrijden later draaide hij de rollen echter al om. Hij bleek zo’n godenkind dat iedereen meteen wegblaast.
In ’21 en ’22 groeide hij in kleinere clubteams in het Australische criteriumcircuit. Dat was bij momenten best grappig. Gilmore reed in Supertuck-positie in de groep en koos steevast de verkeerde kant van de groep om uit de wind te zitten. Toch streed hij vooraan mee, dankzij zijn talent en de duidelijke instructies van zijn ploegmaten. Die vertelden hem waar hij in positie moest zitten en wanneer hij de sprint moest inzetten. Advies dat hij pijlsnel oppikte.
Begin ’22 reed hij zich op de Oceanische kampioenschappen in de kijker van een continentaal Australisch team. Dat dropte hem meteen in de diepte van de zware Belgische koersen. De kloof met de Australische criteriums bleek groot, zeker omdat hij amper hersteld was van covid-19. Zijn grootste overwinning: het jaar nadien stond hij opnieuw in België aan de start en kon hij wél mee.
Zijn podiumplek in een rit in de Tour de Bretagne bracht hem in 2023 op de radar van Israel Premier Tech, dat door zijn andere gemiddelde resultaten keek. Tegen de Giro Next Gen had hij zich immers opgebrand. De Tour de l’Avenir reed hij zelfs ziek uit angst zijn laatste kans op zijn profdroom te mislopen. Tegen het trainingskamp als stagiair met IPT vond hij echter opnieuw zijn topvorm.


Corbin Strong
Daar werd hij op basis van zijn data al snel vergeleken met Corbin Strong. Gilmore kreeg een plaats in het devo-team aangeboden, maar mikte meteen op een plek bij de profs. Wat de ploeg weigerde. Daags nadien stond een training op Bormio 2000 gepland, waarbij de renners tot het uiterste werden gedreven om hun vermoeidheidsresistentie te meten. De Australiër maakte zoveel indruk dat hij toch een contract als stagiair onder zijn neus kreeg geduwd.
Dat hij fysiek talent bezat, was dus al lang duidelijk. Voor Israel restte de vraag wat hij als onervaren renner in wedstrijdverband zou doen. Die vraagtekens wiste hij ondertussen weg, want in 2025 won hij maar liefst 8 wedstrijden. Een opvallende prestatie voor een debutant, zelfs al deed hij dat in 2.1 koersen.
Zijn nieuwe stap begin 2026 doet het beste vermoeden voor de toekomst – zeker gezien het fanatisme van de Aussi. Hij golft graag, om te connecteren met de natuur en de adrenaline uit de koers achter zich te laten. Dat golf deed hij zo gedreven dat het hem niet meer losliet. Ondertussen leerde hij de knop omdraaien en van het spelletje genieten. Fanatiek én ontspannen kunnen zijn op de juiste momenten, dat belooft.