
Na een lange revalidatie en een moeilijke periode vol tegenslagen wil Denise Betsema weer aanknopen met de internationale top van het veldrijden. Ploegleider Tom de Kort gelooft in de terugkeer van de Nederlandse bij De Ceuster Bouwkranen. “Ze heeft hard gewerkt om opnieuw haar oude niveau te halen”, klinkt het hoopvol. Zondag trekt de ploeg naar de Mosselcross in Dendermonde.


Coachen op afstand
Voor Tom de Kort wordt het zijn 2e seizoen als ploegleider bij De Ceuster Bouwkranen. Na een moeilijke winter wil hij met zijn elitevrouwen en beloften vooral bouwen aan vertrouwen en continuïteit. Het herstel van Denise Betsema vormt daarbij een belangrijk aandachtspunt. De Nederlandse veldrijdster kreeg de voorbije jaren af te rekenen met zware tegenslag na een aanrijding tijdens een training. “Daarbij raakte haar knie zwaar beschadigd”, aldus De Kort. “Ze moest uiteindelijk 2 operaties ondergaan. Vorig seizoen was ze daarvan nog onvoldoende hersteld. Ze miste de kracht die ze nodig had, de resultaten bleven uit en daardoor kreeg ook haar zelfvertrouwen een knauw.”
De voorbije maanden werkte De Kort intensief met Betsema aan haar terugkeer. Hoewel de Nederlandse op Texel woont, verloopt de begeleiding grotendeels op afstand. “We zijn opnieuw heel gericht beginnen trainen. Ik maak haar schema’s en volg haar van dichtbij op. Denise is iemand die je perfect op afstand kunt coachen”, legt hij uit. “Natuurlijk is het jammer dat ze onze gezamenlijke cyclocrosstrainingen op woensdag mist, maar ze heeft deze zomer bijzonder hard gewerkt.”
Haar voorbereiding verliep niet volledig volgens plan. Een brandwonde aan haar voet zorgde voor een onverwachte onderbreking en bemoeilijkte het fietsen. “Dat baarde ons toch zorgen. Met een pijnlijke voet in een wielerschoen geraken, dat is niet vanzelfsprekend. Gelukkig verliep het herstel beter dan verwacht, al heeft ze ongeveer een maand verloren. Denise is iemand die pijn kan verbijten en altijd blijft doorgaan.”



13e op UCI-ranking
Betsema wil opnieuw aansluiting vinden bij het niveau waarmee ze vroeger tot de internationale top van het veldrijden behoorde. Dat gaf ze al te kennen in ons persoonlijke interview. De concurrentie is intussen sterker geworden, maar haar ploegleider ziet voldoende redenen voor optimisme. “Denise beseft zelf ook dat het niveau in het vrouwenveldrijden niet heeft stilgestaan. Toch is ze gemotiveerd en heeft ze er alles aan gedaan om opnieuw sterker te worden.”
De eerste resultaten van het seizoen bevestigen volgens De Kort dat Betsema stappen zet. Met 4 overwinningen en bijbehorende UCI-punten heeft de Nederlandse zich opgewerkt naar de 13e plaats op de UCI-ranking. Daardoor kan ze de komende crossen vanuit een betere startpositie aanvatten. “Dat is haar verdienste en de beloning die ze de afgelopen weken met knappe resultaten heeft verdiend”, benadrukt De Kort.
Ook Rebecca Gariboldi moet het team een sportieve impuls geven. De Italiaanse, vicekampioene van haar land en nummer 21 op de UCI-ranking, was al langer in beeld bij de ploegleider. “Ik had Rebecca 7 jaar geleden al opgemerkt tijdens een internationale veldrit. Ze had toen al een goede flow. Het was altijd haar droom om voor een Belgisch cyclocrossteam te rijden. Voor haar is België het walhalla van het veldrijden.”
Gariboldi voelt zich volgens De Kort uitstekend thuis bij haar nieuwe ploeg. Bovendien zorgt haar komst voor een andere dynamiek binnen de groep. “Onze manier van trainen en begeleiden bevalt haar enorm. Sinds Rebecca erbij is, communiceren we binnen de ploeg steeds vaker in het Engels. Dat geeft ons team een extra internationaal karakter.”
Bij de Belgische rensters kijkt De Kort eveneens uit naar een seizoen met nieuwe kansen. Jinse Peeters kende een moeilijke zomer door blessureleed en kon daardoor later aan haar voorbereiding beginnen. Toch ziet de ploegleider haar zelfvertrouwen stilaan terugkeren. “Jinse heeft wat tegenslag gehad, maar als ze een goede start kan maken, kan ze een stabiele reeks neerzetten.”


[ONTDEK ONZE PAGINA FIETSVACATURES]

Samen sterker worden
De nieuwe veldritwinter staat bij De Ceuster Bouwkranen ook in het teken van het verwerken van een moeilijk vorig seizoen. Het team moest afscheid nemen van Laura Verdonschot, die door medische problemen vervroegd een einde maakte aan haar carrière. Dat nieuws liet een diepe indruk na bij de ploeg. “Het was een moeilijk seizoen. We hadden vrij vroeg door dat de operatie bij Laura niet het gewenste resultaat had opgeleverd. Zoiets weegt op een ploeg”, blikt De Kort terug. Voor de nieuwe campagne hoopt hij daarom in de eerste plaats dat zijn rensters gezond blijven en voldoende kansen krijgen om zich sportief te ontwikkelen.
Daarbij wil hij vooral een ploeg zien waarin rensters elkaar uitdagen en naar een hoger niveau tillen. Betsema en Peeters kunnen elkaar bijvoorbeeld tijdens trainingen stimuleren. Ook de komst van Gariboldi moet bijdragen aan een omgeving waarin iedereen beter wordt. De Kort haalt daarvoor inspiratie uit zijn eigen periode als renner. “Ik heb ooit meegemaakt dat we met onze ploeg onverwacht de leidersplaats veroverden in de Ronde van Namen. Op zo’n moment zie je een team groeien. Renners beginnen dingen voor elkaar te doen waarvan ze nooit hadden gedacht dat ze ertoe in staat waren. Je stijgt samen boven jezelf uit. Dat is voor mij het mooiste wat er bestaat.”
Zondag krijgt De Ceuster Bouwkranen in de Mosselcross in Dendermonde een volgende kans om die ambities in de praktijk te brengen. De ploeg verschijnt met nagenoeg haar volledige vrouwenkern aan de start. Ook de rensters van opleidingsteam De Ceuster-Acrog, onder leiding van Ellen Van Loy, komen in actie. Voor De Kort telt daarbij niet alleen het resultaat, maar vooral de verdere groei van zijn internationale vrouwenteam.

