Calpe heeft de voorbije jaren alle traditionele wintertrainingsoorden een flinke neus gezet. Waar Mallorca vroeger het favoriete off-season gebied was voor ploegen als Lotto, waar Astana zwoer bij Italië en ploegen in de invloedssfeer van Bjarne Riis kozen voor Lanzarote, ligt er nu in herfst en winter maar 1 naam meer bestorven op de lippen van renners en ploegleiders: Alicante. En meer bepaald het overwinteringsoord Calpe.


Intuïtie
Het milde mediterrane (micro-)klimaat, het gevarieerde terrein en het adembenemende landschap – inclusief de maagomkerend lelijke skyline van Benidorm – trekken ‘s winters zowel amateurs als profs uit de hele wereld aan. Voor de profs is er de perfecte mix van uitdagende beklimmingen, mooie vlakke ritten en uitstekende faciliteiten voor zowat elk type coureur. Fietstoeristen en jeugdige aspiranten, vergezeld door hun ouders, maken de trip in de hoop hier hun idolen tegen het lijf te lopen.
Voormalig ploegleider, intussen een local, Patrick Van Opstal verwoordt het op zijn manier. “Wie in oktober z’n wielerhelden wil zien, die moet niet naar het WK gaan kijken, die moet een paar weken later naar Calpe komen. Tijdens een WK zijn de renners afgeschermd tot en met en je ziet ze hoogstens in een blok voorbij zoeven. Een paar weken later zitten ze hier na de wintertraining ontspannen een koffie te drinken, kan je ze aanspreken en maken ze er geen probleem van om even met je op de foto te gaan.”
Z’n kompaan Rik Devoogdt vult aan. “Dat klopt. Maar manieren blijven belangrijk, natuurlijk. Regel nummer 1: je stoort de atleten niet wanneer ze zitten te eten of wanneer ze in gezelschap of met familie zijn. En verder moet je wat aanvoelen of ze op dat moment aanspreekbaar zijn. Met een beetje beleefdheid en wat intuïtie kom je een heel eind.”
Maar wat zijn in dit wielermekka de beste plaatsen, waar schenken ze de beste koffie, waar verpozen de renners en wat zijn de beklimmingen en de routes die vertellen hoe het met hun conditie gesteld is?





Favoriete beklimmingen: van profs tot ex-profs en locals
Aarón Villegas is een Spaanse – nog steeds jonge (44) – ex-prof die onder meer 4 jaar voor Orbea reed en het bergklassement won in de Vuelta de Castilla y Leon. Vandaag runt hij de Solybike shop die zich richt op onder meer fietsenverhuur . Tot voor kort organiseerde hij ook begeleide fietstochten. “De mooiste klim is voor mij zonder twijfel Vall d’Ebo. Het is 1 van de weinige echte cols hier, het is 1 van de langere klims en het is zeker de klim met de mooiste uitzichten. Na elke bocht heb je een overzicht over het stuk dat je al afgelegd hebt. Het uitzicht tijdens de klim reikt oneindig ver en ook de onmiddellijke omgeving van de weg naast je is prachtig.”
Wie zich aansluit bij Villegas is ex-ploegleider Rik Devoogdt. Wie nog een introductie nodig heeft tot deze gepokt en gemazelde jeugdbegeleider, kan zich hier verdiepen. “Vall d’Ebo is ook mijn favoriet”, geeft hij toe. “Het is een hele mooie klim. Lang, en stevig, maar mooi gelijkmatig. Op de eerste 2 haarspeldbochten van 9 à 10% na dan toch. Zodat je nooit in het rood hoeft te gaan en kan blijven genieten van het prachtige landschap en het uitzicht. Niet alleen de klim is prachtig, de lange afdaling die je tot diep in het binnenland van Alicante leidt, is minstens even mooi. Maar opgelet: de afdaling loopt langs smalle wegen, waar je tegenliggers niet altijd goed ziet aankomen. En er rijden auto’s. Niet veel, maar er rijden er wel.”
Jurgen Van Goolen, gevleugelde klimmer en wereldkampioen Granfondo, kent de streek op z’n duimpje. “De klim vanuit Xaló (Jalón) is er 1 die ik regelmatig met klanten doe, en die ook bij hen altijd in de smaak valt”, vertelt de eigenaar van Vuelta Turistica. Niet heel zwaar, maar wel bijna 11 km lang en onregelmatig. Waardoor je de benen toch af en toe eens onder spanning kan zetten. De stijgingspercentages komen slechts zelden boven de 10% uit. En het uitzicht is prachtig, met sinaasappel-, citroen- en olijfgaarden, dennebossen,…. Op de top word je beloond met een fantastisch vergezicht over de toppen van de Sierra Bernia. Wie van echt taaie beklimmingen houdt, kan de Bernia trouwens ook oprijden langs de kant van Benissa. Dat stuk doe ik zelf ook heel graag.”





Puig de Llorenca
3 kwart van het peloton kiest de Coll de Rates als ideale trainingsklim. Maar er is nog heel wat meer. Denk aan Radar De Cullera. Hier liet Tadej Pogačar in 2020 tijdens de Ronde van Valencia voor de 1e keer aan de hele wereld zien dat hij eraan kwam. Aficionado’s kenden hem toen al als een aanstormend unicum, maar bij het grote publiek was hij nog niet bekend. Hoe hij toen naar boven stormde en in de laatste meters Alejandro Valverde met verstomming sloeg, dat is er eentje voor de geschiedenisboeken.
Of de Cumbre del Sol. De Puig de Llorenca, in de volksmond bekend als de Cumbre del Sol, is nog zo’n strijdtoneel. Een lange en steile klim, met op het einde stukken tot 22%. Het was Tom Dumoulin die hier in 2015 overtuigend de rit in de Ronde van Spanje won. De weg wordt op het einde erg smal, en je kan alleen langs dezelfde weg terug naar beneden. Echt een heroïsche klim.
Reportagefotograaf Evert Thiry brengt ongeveer de helft van z’n tijd door in Javea, het grootste deel daarvan tijdens de wintermaanden. “De Coll De Rates is voor mij echt een attractie in november en december: een ononderbroken parade van prachtig afgetrainde profs die je bij wijze van spreken moeiteloos en zonder handen voorbij vlammen, terwijl ze fluitend hun whereabouts invullen op de smartphone”, lacht hij. “Altijd weer bijzonder om mee te maken. Maar voor het pure genieten, kies ik Bernia in de herfst. Prachtig licht, lagere zon. En als je kiest voor de Xaló-kant, daal je altijd in een heerlijk najaarszonnetje. Mijn tip: stop even op de top, om het uitzicht in je op te nemen.”
WIN EEN FOLDING REPAIR STAND VAN VAR TOOLS!


