Comeback in de maak? Axelle Bellaert (27) is weer aan het fietsen. Bij de Donderdagrijders, een toeristenclub met ‘De Scheve Hoek’ in Stalhille (Jabbeke) als uitvalsbasis. Ze reed in Oostende een Femmeus-funwedstrijd, in Waardamme een parochianenkoers. Momenteel heeft de ex-Belgisch beloftenkampioene cyclocross nog geen concrete plannen om echte competitie te doen.


Ruddervoorde
Het Belgisch kampioenschap Veldrijden van 11 januari 2020 was de laatste cross van Axelle Bellaert. Ongeveer 2 maanden later raakte de wereld in de greep van de pandemie. De West-Vlaamse bleef fietsen, maar kwam in de herfst van 2020 niet meer aan de start van het cyclocrossseizoen. Diverse redenen lagen aan de basis van de beslissing ermee te kappen.
“Ik stopte met competitie in wat ik nog altijd een hele zware periode noem”, blikt Bellaert terug. “Op dat BK geraakte ik niet vooruit en eindigde ik het seizoen. Mijn ouders waren bezig met de verbouwing van een Bed & Breakfast en begonnen ook een café. In de zomer kende ik een relatiebreuk. Met veldrijden verdiende ik niets. Ik combineerde de sport met een halftijdse job. Op die manier geraak je niet vooruit in het leven. Ik verloor helemaal mezelf, zowel fysiek als mentaal. Ik zag het niet meer zitten en stopte met crossen.”
Bellaert verkocht haar materiaal. Ongeveer 2,5 jaar deed ze geen sport. Tot ze een nieuwe vriend leerde kennen. Toeval of niet, een gedreven wielertoerist. Zodat ze een nieuwe koersfiets kocht en de smaak weer te pakken kreeg. Bij Ava Papierwaren in Oostende vond ze een voltijdse job als assistente. Onlangs ging ze naar de Superprestige in Ruddervoorde kijken. Een veldrit die ze zelf diverse keren reed.



Femmeus
“Langs de andere kant van de afsluiting voelde het voor mij heel eigenaardig aan”, geeft ze eerlijk toe. “Ik was wel blij dat enkele mensen mij herkenden. Heel wat onder hen vroegen mij of ik de competitie niet miste. Niet echt eigenlijk. Wel de mensen die toen om me heen waren, die mis ik wel. In de loop der jaren verwateren contacten. Afspreken met rensters die aan de andere kant van het land wonen is niet eenvoudig. Maar via Instagram of andere sociale mediakanalen blijf ik wel contact houden.”
Bellaert reed een aantal jaren onder de vleugels van Geert Wellens. De liefde voor het veldrijden is gebleven. “Ik zou dolgraag nog eens een cross rijden”, beweert ze. “Wat in de praktijk niet mogelijk is. Want dan moet je 2 crossfietsen hebben, verschillende tubes, een hogedrukreiniger, een licentie en nog vele andere zaken. Ik ga op de weg blijven koersen. Dat lijkt me het beste. Vooral voor het plezier.”
Deze zomer maakte ze opnieuw kennis met competitie. Op een vrijblijvende manier. Een wedstrijd in Oostende van het Femmeus-circuit – Cycling Vlaanderen organiseert af en toe koersen uitsluitend voor niet-aangesloten vrouwen ouder dan 18 jaar. “Waar ik serieus tegen mijn tanden kreeg”, geeft Bellaert eerlijk toe. “Het was in de buurt van de haven. Daar stond veel wind. Ik zat precies altijd in het verkeerde wiel op momenten dat ze stevig doortrokken.”



Competitiebeest
Die funwedstrijd kon ze niet winnen. De parochianenkoers in Waardamme wel. “Eigenlijk hadden ze mij bij de Donderdagrijders zo zot gekregen om mee te doen”, gaat Bellaert verder. “We stonden met 4 vrouwen aan de start. Ik belandde bij een groep mannen en was aan de streep de 1e vrouw. Het competitiebeest is niet dood. Als ik start wil ik nog altijd het beste van mezelf geven en mij dus helemaal kapot rijden. Dat is het instinct, vermoed ik. Winnen was niet belangrijk. Voortaan primeert het plezier. Daarvoor doe ik het.”
Die Donderdagrijders hebben meestal De Scheve Hoek, het café van Bellaerts ouders, als vertrek- en eindpunt. De Belgische U23-kampioene van 2019 sloot aan bij het clubje dat altijd op donderdagavond tochtjes maakte. “Intussen rijden de Donderdagrijders ook op andere tijdstippen van de week”, verduidelijkt ze. “Ik ga meestal in het weekeinde mee. Want tijdens de week ben ik van 9 tot 18 uur aan het werk bij Ava in Oostende.”
Axelle Bellaert kocht ook een gravelbike. “Wedstrijden heb ik nog niet gedaan, maar in de regio heb ik wel al de wegeltjes verkend”, lacht ze. “Op die manier zit ik wat dichter bij de cross, mijn vroegere liefde. Plannen om competitie te doen heb ik op dit moment niet. Maar zeg nooit nooit, vertel ik met een klein hartje.”
