Het Belgische mannenwielrennen kent een nooit geziene weelde: met Remco Evenepoel (2), Jasper Philipsen (3) en Wout van Aert (10) hebben we momenteel 3 renners in de UCI-top 10. Van Gils (14), De Lie (15) en Merlier (16) bevolken verder de top 20. En met Van Eetvelt, Wellens, Meeus, Benoot, Van Sevenant, Thijssen, Van Wilder en Stuyven hebben we dus 14 renners in de top 100. De sterkste stijger in de UCI-ranking valt net buiten die top 100: de 23-jarige Houtemnaar Jenno Berckmoes klimt van plaats 796 naar 106. Best indrukwekkend!


Groeien in de luwte
Jenno Berckmoes is op trainingskamp in de buurt van Denia aan de Costa Blanca in Spanje, als we hem aan de lijn krijgen. Hij is net terug van een stevige training: 2.087 hoogtemeters over 130 km aan 31 km/u gemiddeld, verklapt zijn Strava-account. Hij laste deze individuele stage op eigen initiatief in, voorafgaand aan de stage van zijn Lotto-ploeg.
De 1m77 lange, 61 kilo wegende jongeman investeert dus in zijn carrière. Weldoordacht, geen stappen overslaand. Enkel uitzonderlijke talenten van het kaliber Evenepoel kunnen zich permitteren om 4 tot 5 stappen tegelijk te zetten. Berckmoes is een jaartje jonger dan de Aerokogel. “Veel heb ik nog niet met hem gekoerst, we volgen elk onze eigen weg en rijden een ander programma”, duidt de renner uit Sint-Lievens-Houtem.
“Uiteraard heb ik bewondering voor wat Remco kan, maar laat mij maar groeien in de luwte. Dat ongeval deze week? Doodjammer, maar helaas ervaren wij profrenners minstens wekelijks zo’n incidenten, zelfs al zijn wij erg stuurvaardig. Ik probeer er niet te veel aan te denken, maar zoek toch wel deels bewust autoluwe wegen op vanuit mijn woonplaats Sint-Lievens-Houtem. Langs de Schelde als ik ‘blokjes’ wil trainen, of naar de Vlaamse Ardennen als ik de Vlaamse klassiekers wil voorbereiden. Of stages zoals hier in Denia, waar ik in het achterland rustige wegen vind.”



Uitslagen en ambities
Berckmoes blikt tevreden terug op het voorbije seizoen. “Ik won een rit in de Settimana Coppi e Bartali, de Oost-Vlaamse sluitingskoers in Zele én de Muur Classic in Geraardsbergen. Vooral de overwinning op de Muur was kicken! Ik voelde me heel sterk, die dag. Ik won van Tobias Johannesen, de klepper van Uno-X. En bovendien waren er veel supporters. Dat doet een overwinning nog zoeter smaken.”
3 overwinningen is zeker niet mis voor een nog jonge knaap, maar wie verder zijn uitslagen overloopt, zal toch ook wel onder de indruk zijn van de talloze ereplaatsen die hij behaalde in semiklassiekers en kleine rittenkoersen. Zo werd hij 5e in zowel de Ronde van Denemarken als die van Slowakije. Zijn misschien wel meest indrukwekkende prestatie resulteerde niet in een dichte uitslag. In de finale van de Grote Prijs van Québec rijdt hij in de finale voorop met ploegmaats Arnaud De Lie en Maxim Van Gils én Tadej Pogačar. Dat kunnen er niet veel zeggen!
“Mijn programma voor 2025 moet ik nog met de ploegleiding bespreken”, klinkt het. “Maar ik denk dat ik vooral moet mikken op wedstrijden voor punchers, zoals de Vlaamse voorjaarsklassiekers. Maar ook Brabantse Pijl of Amstel Gold Race moeten me wel liggen. Wedstrijden als Luik-Bastenaken-Luik zijn momenteel wellicht nog te hoog gegrepen. Dat kleine rondjes my cup of tea zijn, heb ik dit jaar al bewezen. Dus daar wil ik mijn kans wel gaan. Mogelijks zal ik ook een Grote Ronde rijden, maar de Giro al zeker niet want daar start de ploeg niet.”



Cross en gravel
Of het vertrek van Maxim Van Gils voor hem een opportuniteit is? “Goh, dat is moeilijk te zeggen. Ik schoot heel goed op met Maxim, net zoals met Arnaud De Lie trouwens. En die mannen nemen ook heel wat druk weg. We mikken dan misschien wel op dezelfde wedstrijden, je kan toch maar beter met meer speerpunten van de ploeg in de finale zitten.”
Wie Berckmoes aan het werk wil zien, hoeft zelfs niet te wachten tot de voorjaarskoersen. De Oost-Vlaming pikt namelijk een paar crossjes mee. Hij staat aan de start in Mol, Loenhout en Diegem. Ook vorig jaar reed hij al een paar veldritten. Door deelname aan die wedstrijden bouwt hij nog meer offroad ervaring op. De combinatie van zijn skills als hardrijder en puncher én die crosstechniek, maakt dat hij ook met de gravelbike goed voor de dag komt. Op het E G-gravel, verreden in het Italiaanse Asiago, pikte hij de bronzen medaille in.
“Gravelen vind ik wel fun”, besluit Berckmoes laconiek. Een Lotto-renner die gravelt, dat brengt ons bij Thomas De Gendt, die deze week met het verrassende nieuws kwam om aan zijn profcarrière op de weg nog een gravelstaartje te breien. “Ik was ook verrast want wist echt van niks. Er waren geruchten dat Thomas iets met een Aziatische ploeg zou doen, maar dat het Classified-Ridley zou worden, verbaasde me ook.”
WielerVerhaal Giveaway: XL Speedrocker spatbordenset van SKS Germany!


