5 dagen voor de betreffende mannenwedstrijd polsen we hoe hoog de stress oploopt bij de organisatoren van Kuurne-Brussel-Kuurne. We steken ons licht op hoe zij het de voorbije maanden hebben aangepakt. We ontdekken West-Vlaanderen ten top: hier wordt de koers nog ambachtelijk, vol passie en oerdegelijk in de juiste plooi gekneed.


Spannende dagen?
Peter Debaveye, Filiep Verhelst en Sabine Demol ontvangen ons in de ‘Loft’. Al snel blijkt het een geuzennaam, een kwinkslag van een kleine organisatie die een hoog niveau brengt. Het zenuwcentrum van KBK is een minilokaaltje vol spullen die de komende dagen op de juiste bestemming moeten geraken. De sfeer is ontspannen: tijdens het interview vouwen en vullen ze dozen met het materiaal voor de ploegen. Zoals het een koersdirecteur betaamt, voert Peter grotendeels het gesprek.
Op de vraag of ze nog tijd hebben om te slapen, antwoordt hij: “Er zijn natuurlijk bepaalde piekmomenten. Denk aan de aanvragen voor het parcours en de ploeguitnodigingen. We proberen echter voor de laatste week met alles klaar te zijn. Het grote werk is gedaan, nu gaat het om de details.”
Al ligt het meeste werk achter ons, toch duiken nog 1001 problemen op. Dankzij vele jaren ervaring blijven ze er rustig onder. Een plaats in het openingsweekend is uniek, maar brengt uitdagingen met zich mee. Samen met de Omloop wacht hen als 1e de confrontatie met aanpassingen in het UCI-reglement. Wie denkt dat deze verpakt in een mooie UCI-nieuwsbrief in de bus van de koersdirecteur vallen, komt bedrogen uit. “Ik belde deze week met iemand van de UCI, die langs zijn neus vertelde dat hij net aan de lijn hing met Tom Steels over de aanpassingen van de bevoorradingen. Op die manier kwam ik de wijziging toevallig te weten.”



Organiseren
Tijdens het gesprek valt Jos Callens binnen, die jaren terug Kuurne-Brussel-Kuurne mee organiseerde. Hij vertelt hoe het eraan toe ging in zijn begindagen. “Meestal deed het bestuur gewoon hetzelfde als het jaar voordien. Alles werd op bierkaartjes genoteerd, wie moest opschrijven legde een stapeltje voor zich. Nu is de wetgeving veel complexer en werk je samen met hyperprofessionele organisaties.”
Peter legt uit hoe KBK zich daarop aanpaste. Wat we in de Loft zien, is maar een fractie van het vele werk. “We werken met een organisatiecomité van 9 teamverantwoordelijken. Wij zijn het team koers, maar je hebt een team marketing, logistiek, cyclo, … Iedereen werkt vooral binnen zijn werkgroep. Team logistiek is bijvoorbeeld een heel goed team dat de start en aankomst organiseert.”
Sabine vormt de liaison tussen de koersorganisatie en de cyclo die het seizoen voor de wielertoeristen opent. Ze beleefde haar vuurdoop als Corona-manager. Filiep is technisch directeur en duidt wanneer ze de voorbereiding van volgend jaar zullen aanvatten. “Dinsdag na de koers beginnen we op een laag pitje en evalueren we eerst de vorige koers. Tegen het zomerverlof beslissen we over grote veranderingen. Het echte werk begint vanaf september. Peter steekt het parcours in elkaar en zorgt dat de aanvragen aan de gemeentes de deur uitgaan. Ik ben vooral bezig met accreditaties, alles wat administratief met de koers te maken heeft.”
Peter legt uit hoe de selectie van de deelnemende ploegen in zijn werk gaat. “Bij de elite mochten dit jaar 25 ploegen starten op 38 aanvragen. 1 WorldTour-ploeg valt af door de UCI-limiet van 70%. INEOS maakte het ons dit jaar makkelijk door niet deel te nemen. Continentale ploegen komen er niet in, want het niveau van de ploegen moet op UCI-voorschrift zo hoog mogelijk zijn. Wij selecteren zoals de WorldTour-koersen de beste 3 procontinentale ploegen, al zijn we daartoe niet verplicht. Dan kijken we naar het sportieve. Dit jaar wilden we er Q36.5 bij omwille van Pidcock. We vinden het ook belangrijk om Belgische ploegen te ontvangen en natuurlijk Flanders-Baloise als sponsor.”



Vrijwilligers
Sympathie van de organisatie kan altijd helpen, want we vernemen dat Sabine intern lobbyde voor Bas Tietema.
Waar andere wedstrijden beroep doen op betaalde krachten, drijft KBK puur op de inzet van vrijwilligers. Ook de organisatoren doen dit uit passie naast hun gewone job. Het geeft de wedstrijd zijn eigen kleur: volgers komen hier graag voor de familiale sfeer en persoonlijke aandacht. We pikken er 1 voorbeeld van Peter uit.
“Het gaat over simpele dingen. We hebben in januari altijd een vergadering met Sporza, waarbij we achteraf iets gaan eten. Ze vinden dat tof. We zorgen ook dat de mobiele cameramannen en motards een spaghetti kunnen eten op La Houppe voor de uitzending op antenne gaat.”
Vorig jaar mochten we van diezelfde gastvrijheid genieten tijdens de cyclo: bitterballen als brandstof tijdens de bevoorrading, om te eindigen met een gratis pakje friet. Voor wie verwatert: zaterdag belooft het mooi weer te worden….