De Driedaagse De Panne-Koksijde begon als een 4-daagse rittenkoers en vervelde na een reeks naamswijzigingen tot de eendagswedstrijd Classic Brugge-De Panne. De naam van de Bredene Koksijde Classic maakt de verwarring helemaal compleet, waardoor er haast een geschiedkundige aan te pas komt om wijs te raken uit het verleden van de koers. Geen nood: de krantenknipsels van 50 jaar terug leren ons dat de wedstrijd ontstond uit een eendagswedstrijd. De cirkel is rond, dus kunnen we ons concentreren op het begin.


Walter Godefroot, Rudy Pevenage en Frans Verbeeck
Wanneer hij glunderend met een sleutel in de hand aankomt, is historicus Dries De Zaeytijd van het museum KOERS ons toch even kwijt. Geeft de sleutel toegang tot een geheim archief van het museum? “Niets van”, lacht hij. “Zoek het maar eens uit, het is een fascinerend verhaal”, blijft hij mysterieus.
De sleutel blijkt het begin van de Driedaagse De Panne-Koksijde waar we naar op zoek waren. De Vierdaagse van de Westkust ontstond uit gesprekken tussen de hotelbaas van het hotel Terlink in De Panne en de ploegleider van IJsboerke, op dat moment een belangrijke Belgische wielerploeg die jaarlijks in het hotel verbleef. Een bron situeert die gesprekken tijdens de 4-daagse van Duinkerke, maar dat kan niet gezien IJsboerke niet deelnam in 1976. Dat was het jaar voor de 1e editie van zijn Vlaamse tegenhanger. Verschillende krantenknipsels uit 1977 en 1978 later, ontvouwt zich het volgende tafereel voor onze ogen. Met de nodige fantasie, maar gebaseerd op ware feiten.
We regelen eerst de belichting van de scene, zodat die de sfeer van de grijze Noordzee oproept. Walter Godefroot, Rudy Pevenage en Frans Verbeeck zitten onderuitgezakt in een zetel in de hotellobby. “Wat zou het toch fijn zijn als we hier wat langer kunnen blijven”, zucht 1 van hen. Ploegbaas Gustaaf Janssens vangt het op en probeert zijn bevriende hotelbaas op stang te jagen. “Awel, misschien moeten jullie maar eens een meerdaagse organiseren. Als ze dat in Duinkerke kunnen, moet dat voor jullie ook lukken! Ge moogt zelfs bij ons in Tielen overnachten.”



Patrick Levefere
Het begint te knetteren in het hoofd van de hotelbaas: in een fractie ziet hij het potentieel om hun mooie stukje kust 4 volle dagen in de aandacht te zetten. De plaatselijke club heeft al jaren ervaring met de organisatie van een eendagswedstrijd. Naast de Ronde van België zou het de 1e rittenkoers zijn in het land, ze zullen eens laten zien wat die West-Vlamingen kunnen! Als ze de wedstrijd verschuiven van mei naar maart, kan die onmiddellijk een plek als voorbereiding op het grote voorjaarswerk opeisen. Dat zo een organisatie veel werk vraagt? Daar weet hij ook iets op, want hij laat het geheel over aan Martial Verhelle, een andere hoteleigenaar in De Panne.
De 1e editie brengt door de slechte weersomstandigheden niet de verhoopte toeristenmassa. Met grote namen als Raas, Hinault en Thévenet aan de start mag het deelnemersveld er wezen, al spelen zij grotendeels een bijrol. Op de startlijst ook een andere opvallende naam: Patrick Levefere.
Frisol-Gazelle-Thirion kaapt onder leiding van Jan Raas de openingsploegentijdrit weg voor de neus van IJsboerke. De 1e rit in lijn loopt richting Tielen, het hoofdkwartier van IJsboerke. Tijdens de 252 km lange rit sprokkelt Walter Planckaert in zijn eentje een grote voorsprong bijeen, voor hij zich laat inlopen. Een 7-tal weet te ontsnappen en legt het klassement van de Vierdaagse van de Westkust meteen in een definitieve plooi. De sprint is een prooi voor de Nederlander Schipper, met de latere eindwinnaar Roger Rogiers in dezelfde groep.



Cees Priem en Herman Vanspringel
Aan lange ritten geen gebrek, want de 3e rit telt 262 km en leidt via de Vlaamse Ardennen terug richting kust. Na een festival van lekke banden ontsnappen Cees Priem en Herman Vanspringel, opgejaagd door een groepje met onder meer Frans Verbeeck. Vanspringel heeft geen kind aan Priem en pakt de overwinning voor IJsboerke. Op de 4e dag staan 2 ritten gepland: de 1e rit in lijn maakt een rondje via de Kemmelberg, waar Patrick Lefevere bij de eersten bovenkomt, maar niet kan aanhaken bij een duo dat zich verder afscheurt. Willem Peeters bezorgt IJsboerke een 2e overwinning. De slottijdrit valt in het mandje van Dirk Baert, die de 8,3 km afwerkt aan een snelheid van 45,6 km/u.
Financiële moeilijkheden dwingen de organisatie om in 1978 af te slanken tot een 3-daagse. De aanmaningen aan wanbetalers die we vinden tussen de stukken in het archief van museum KOERS onthullen een deel van het probleem. De UCI speelt echter ook een rol in deze vermageringskuur: internationale wedstrijden mogen indertijd pas na 5 jaar buitenlandse ploegen toelaten. Door terug te schroeven naar 3 ritten, kunnen de organisatoren deze regel omzeilen.
