Voor de 4e keer zakten we af naar Massembre voor Belgium Bike Fest, het 3-daagse wielerfeest dat stilaan uitgroeit tot een vaste waarde. Wat ooit begon met 30 deelnemers, is uitgegroeid tot een waar fietsfestival, met 500 enthousiastelingen en toch een ongedwongen sfeer.


Mombasa
Surplace Sports weet wat fietsers nodig hebben. Elk jaar sleutelen ze aan details en groeien ze zonder hun ziel te verliezen. Omdat ze zelf alle dagen de handen uit de mouwen steken, weten ze hun sterke concept iedere keer weer te finetunen. De vaste uitvalsbasis, jeugdverblijf Massembre, voelt intussen als thuiskomen. Je wordt er ontvangen met een glimlach. De kookploeg van de KSA zorgt voor stevige maaltijden, en elke dag kies je uit 3 wegroutes of 2 gravelopties. We sloten ons aan bij het peloton van Mombasa voor een verlengd weekendje trappen, grappen en afzien.
We vertrokken met ideaal fietsweer: droog en niet te warm. Oorspronkelijk kozen we de sportieve route, maar aan de bevoorrading lonkte de Flandrien-versie. Omdat het goed ging, besloten we door te duwen richting Rochefort en Somme-Leuze. Korte kuitenbijters, boerenwegen, RAVeL’s langs de Lesse. Onderweg wakkerde de wind aan en draaide in ons nadeel. De laatste 26 km kregen we een pak slaag van Moeder Natuur. Op karakter haalden we de finish. In totaal goed voor 168 km en 2.500 hoogtemeters.
Wat de route betreft, die was niet wat we gewend zijn van Surplace Sports. Een afgesloten brug en hobbelige stroken deden afbreuk aan het parcours. Op sommige stukken leek het eerder een boerenpad dan een fietsvriendelijke route. Maar goed, wie Flandrien speelt, moet niet klagen. De verrassing aan de bevoorrading – pannenkoeken! – maakte veel goed. De Strava-segmenten voor het klassement lieten we aan ons voorbij gaan, want we zijn niet gezegend met een paar snelle benen. Maar wel tof om de treintjes te zien passeren voor zij die er wel mee bezig waren.











Eddy Merckx-machines
De sportieve route van dag 2 (118 km, 1.900 hm) was puur fietsplezier. Richting Franse grens bij Fumay, langs Viroinval en door bossen waar de zon niet door raakte. De langere klimmen gaven ons de kans om het tempo beter te doseren. Het wegdek was een verademing: strak asfalt, vloeiende afdalingen. De bevoorradingen zaten slim in elkaar en brachten gravel- en wegfietsers weer samen. Aan de finish wachtte een ijsje, de perfecte afsluiter na een warme dag. De routes bieden voor elk wat wils – relaxed of ultrazwaar – en dat trekt een bonte mix aan van jong tot oud, van stalen ros tot carbon droomfiets. Niemand kijkt hier vreemd op naar je outfit of materiaal.
Afsluiten doen we traditioneel met de ‘koffierit’, en dat namen ze letterlijk. Op de bevoorrading wachtte een echte barista ons op met verse espresso, inclusief latte art. Jammer dat er regen dreigde. Veel tijd om te genieten was er niet. Toch bleven we niet op onze honger zitten. De rit van 65 km had nog 1.000 hoogtemeters in petto. Korte puisten, steile stroken – de verzuring kreeg nog een laatste kans. Uitbollen? Vergeet het. Maar we maalden er niet om.
Gravelaars kwamen ook dit jaar opnieuw aan hun trekken met 2 routes per dag: eentje voor wie graag speelt in de bossen, en eentje voor wie zijn benen wat meer wil testen. Nieuw dit jaar was de mogelijkheid om een gravelbike te huren voor een dag – ideaal om eens te proeven van het offroad fietsen, zonder meteen te investeren. De fietsen? Degelijke Eddy Merckx-machines, klaar om over de grind en bospaden te knallen. Het concept werkte. Je zag nieuwsgierige wegrenners met een brede grijns uit het bos komen, stoffig maar gelukkig. En dankzij de slimme routeplanning kruisten gravel en weg elkaar regelmatig, waardoor de community verbonden bleef.












Camping of premiumkamer
Belgium Bike Fest is meer dan fietsen alleen. Iedere avond was het tijd voor reflectie en ontspanning. Met Tête de la Course werden de prijzen voor de Strava-klassementen uitgereikt en doken we in verhalen uit het peloton. De 1e avond iets te veel promo voor sponsors misschien, maar dat werd goedgemaakt op zaterdag, toen de deelnemers zelf het podium kregen. Geert, die van Borgerhout naar Kinshasa wil fietsen. De hele keukenploeg, luid toegejuicht. Die mensen verdienden wel hun moment.
En dan was er natuurlijk Discobar A Moeder. Dansen en pintjes, de ideale afsluiter. Hier geen machosfeer, maar een gemoedelijke mix van mannen en vrouwen (50/50!), jong en oud, klimgeiten en wielertoeristen. Teams met namen als De Moddermiekes, Achter Planckendaal naar links of De Laatste is ne Loser zorgden voor de juiste toon: serieus fietsen, zonder jezelf te serieus te nemen.
Waarom we volgend jaar terugkomen? Omdat alles klopt. Van de GPX-routes tot de duidelijke gids die je door de dagen loodst. Van de goed gevulde bevoorrading tot dat ijsje op een warme dag. Omdat we samen afzien op de klim, elkaar oppeppen in de wind en euforisch de meet oversteken. Omdat de pre-fest een blijver is: rustig ontbijten en zonder stress vertrekken. Omdat er plek is voor iedereen: in een tent op de camping of in een premiumkamer waar je bed opgemaakt is en een goodiebag klaarligt. En om de ongedwongen sfeer: eat, ride, dance, repeat. Daarom dus.

