
Ken je ook zo’n diehard die ooit Parijs-Brest uitreed? De deelnemers moeten de 1.200 kilometer van Parijs naar Brest en terug plus meer dan 10.000 hoogtemeters in minder dan 90 uur afleggen. “Voor doetjes”, dacht Aalstenaar Lander Wantens. Hij schreef zich in voor de Transcontinental Race 2026, 1 van de zwaardere langeafstandsraces ter wereld.

Checkpoints
Op 19 juli 2026 stappen een paar honderd freaks in Trondheim op hun fiets. Noch met volgwagen, noch met ploegleider, noch met soigneurs die bidons aanreiken of na de etappe de geteisterde rennersbenen masseren. Wie hier start, staat er helemaal alleen voor. De opdracht? Fiets van Trondheim in het hoge noorden van Noorwegen naar Kalamata, een stadje in het uiterste zuiden van Griekenland. De route gaat van Trondheim naar Flåm, het 1e checkpoint. Om je een idee te geven, dat is zo’n 485 km en 7.000 hoogtemeters verder. Wellicht, want de deelnemers moeten zelf hun weg uitstippelen. Ze moeten dus afwegen of ze al dan niet een omweg maken om drukke wegen of een lastige klim of gravelstrook te vermijden. Sommige zones of wegen zijn ook gewoon verboden door de organisatie.
Het 2e checkpoint ligt ergens in het Tatra-gebergte. Daarna moeten de ‘renners’ zich aanmelden in Sarajevo. De voorlaatste etappe gaat naar Leskovik in Albanië om dan finaal te eindigen in Kalamata – gekend van de gelijknamige olijven – aan de Griekse zuidkust. Wat deze editie extra bijzonder maakt, is het parcours. Van de Noorse fjorden naar de Balkan, om uiteindelijk in de Griekse hitte te eindigen. Dat betekent: starten in koude regen, steile cols, kapotte wegen en eindigen in verzengende temperaturen. Europa op zijn ruigst, zeg maar. Minstens 4.750 km en 40.000 hoogtemeters.
Hoe je aan die checkpoints geraakt, mag je zelf uitzoeken. Zolang het maar met de fiets is. Via een transponder word je gevolgd en kan er gecontroleerd worden of je je fiets niet op de trein hebt gezet.


Dagelijks 250 km
De 34-jarige Aalstenaar Lander Wantens gaat de uitdaging aan. “Ik heb wel wat ervaring met lange afstanden fietsen. Mijn tot dusver zwaarste uitdaging was een zelf opgezette ‘klimaatfietstocht’ in 2017. Ik vertrok in Aalst en reed naar Sint-Petersburg in Rusland. Niet rechtstreeks maar via een ‘ommetje’ door de Alpen. Ik pakte ook de Stelvio mee. Na 80 dagen kwam ik op mijn eindbestemming en had ik zo’n 7.000 km op de teller. ”Na die tocht tipte een vriend me over de Transcontinental en dat bleef eigenlijk al die jaren door m’n hoofd spoken.”
“Ik volgde de pagina van de organisatie op Instagram. Voor de wedstrijd moet je je inschrijven via een motivatiebrief en moet je vragen beantwoorden over hoe je situaties aanpakt die tijdens zo’n tocht kunnen voorvallen. Daar had ik dus ervaring mee. Ik word deze zomer 35. Mijn beste jaren op fietsvlak zijn stilaan op en dus wilde ik dit niet langer uitstellen. Ik ben anderhalf jaar geleden vader geworden van een dochtertje en mijn vrouw gaf me toestemming om nog 1 keer zo’n zot avontuur aan te vangen”, grinnikt hij.
“Ook al heb ik de voorbije jaren al behoorlijk wat lange fietsvakanties gedaan, dit wordt toch mijn zwaarste uitdaging ooit. 5.000 km fietsen in 20 dagen, dan moet je elke dag minstens 250 km halen, inclusief hoogtemeters en regelmatig slechte en lange gravelstroken. De openingsetappe wordt al meteen een harde confrontatie met wat er ons verder te wachten staat. Ik heb in 2014 al een stuk van dat traject gedaan: een gravelpad langs de Flåmsbana-spoorlijn. Ik herinner me nog levendig dat daar zeer steile stukken in zaten.”


Kop3
Uiteraard moet je goed voorbereid aan dergelijk avontuur beginnen. “De sleutel tot succes is een goeie voorbereiding”, weet Wantens. “Dat betekent niet alleen lange duurtrainingen, maar toch ook wel blokjestraining op snelheid. Mijn ambitie is om 24 à 25 km/u te halen, om op die manier mijn dagen te beperken tot 10 à 12 uur fietsen. Fiets je trager, dan boet je in aan slaap. Daarnaast moet je materiaal uiteraard ook helemaal in orde zijn. De fiets moet extreme omstandigheden aankunnen en bandenkeuze is cruciaal.”
“Ook moet je goed overwegen welke fietstasjes je meeneemt, waar je de afweging moet maken tussen praktisch, volume en aerodynamica. En vooral: het uitzoeken van de route is cruciaal. Ik werk daarvoor met de app ‘Ride with GPS’, met Strava Heatmaps en Google Maps. Ik pieker momenteel nog over de vraag of ik telkens in een hotel of dergelijke probeer te slapen, dan wel een slaapmatje en/of slaapzak meeneem.”
“Mijn hoofddoel is om de finish te halen. En dat geldt wellicht voor de meesten. Waar ik bang voor ben? Wilde honden in de Balkan die het naar verluidt niet zo begrepen hebben op fietsers. En slaaptekort, dat wordt ook een moeilijke. Daar probeer ik de komende weken wat aan te gewennen. Maar ik kijk vooral uit naar de kameraadschap, het rudimentaire van de tocht en de fenomenale landschappen die we zullen doorkruisen. Ik wilde al lang in de Balkan fietsen. Als ik het einde haal, zal ik dus ook die ervaring meepakken.”