
De motoren van de ploegbussen draaien nog na op de parking nabij de Vélodrome van Roubaix, maar bij EF Education-EasyPost heerst een stilte die oorverdovend is. Sportdirecteur Ken Vanmarcke is erg gefrustreerd na een zogenaamde kutdag in de Hel. Parijs-Roubaix, “de duurste koers van het jaar”, is uitgedraaid op een complete desillusie.


Kasseistrook 1
Vanmarcke zucht wanneer hij terugblikt op de wedstrijd. De analyse is dan ook pijnlijk. “Op de 1e strook zaten we al met de hele ploeg veel te ver. Een collectief falen dat meteen een streep trok door ons hele strijdplan.” Dat plan was nochtans duidelijk. De Amerikaanse formatie wilde de koers mee bepalen. “Iedereen moest er zoveel mogelijk vooraan zitten. Om daarna door te gaan en te zien wat er zou gebeuren.” Een proactieve aanpak die veel te snel in de kiem werd gesmoord.
De realiteit was bikkelhard. In plaats van de koers te maken, was het team veroordeeld tot achtervolgen. Een hopeloze missie in een wedstrijd die geen genade kent. “Als de debatten geopend worden en je draait achteraan op, dan heb je geen enkele kans meer om iets te doen.” Alsof de slechte positionering nog niet genoeg was, stapelde ook de pech zich op.
Kopman Kasper Asgreen reed meermaals lek, net als Mikkel Honoré. “Ik denk Asgreen 3 keer, Mikkels ook 2 of 3 keer”, blaast Vanmarcke het stof weg. Hij is echter de 1e om dat te relativeren. “We hebben veel lekke banden gehad, maar goed, dat is voor ieder team zo geweest. Het punt is dat we heel snel echt niet meer in de koers waren. Dat is redelijk frustrerend.”


Geen return
De frustratie bij de sportdirecteur zit diep. Dat heeft voor ene groot deel ook te maken met de enorme inspanningen die de ploeg levert voor net deze wedstrijd. “Parijs-Roubaix is de koers waar je het meeste tijd, energie en geld in steekt”, bekent hij. “Als je dan geen return hebt, dan is dat wel lastig. zuur.” De hele dag was een aaneenschakeling van stress, zowel voor de renners in de wedstrijd als voor de staf. “Zoveel stress voor niks.”
De Hel van het Noorden is niet alleen sportief een monument, maar ook budgettair een zwaargewicht. “Je kunt niet naar hier komen met banden van 30mm, je hebt 32 nodig. Je kunt niet naar hier komen zonder de juiste wielen of het juiste materiaal over de ganse lijn.” De logistieke operatie is gigantisch. “We zijn hier vandaag rondgereden met 12 voertuigen. Naar hier gekomen vanuit onze service-course in Girona om zowel de mannen- als de vrouwenkoers te kunnen coveren.”
Daar komt nog een uitgebreide staf bovenop, deels bestaande uit vrijwilligers, vrienden die komen helpen. “We hebben altijd 8 of 9 externe mensen die komen helpen”, aldus Vanmarcke. “Je hebt die mensen nodig. Hoeveel sets wielen? 60 sets. Als je daar allemaal 32mm banden moet opleggen… Daar kruipt veel tijd en werk in. En dat kost centen.”


Hoop op Healy
De droom van een topresultaat voor Asgreen, de ploeg hoopte op een top 10-plaats, eindigde op positie 28. Een hard verdict. Hoe verwerk je als ploeg zo’n klap? Het antwoord van Vanmarcke is even kort als krachtig: “Voortdoen. En hopen dat Healy volgende week een dikke prijs pakt.”
De focus verschuift onmiddellijk naar de Ardennenklassiekers. De Ierse puncher Ben Healy, vorig jaar al 3e in de Amstel Gold Race, is de man die het voorjaar van EF Education-EasyPost alsnog kleur moet geven. “Met een dikke prijs bedoel ik een topresultaat. Als hij top 5 rijdt in Amstel of Luik is dat gewoon goed voor ons. Dat er toch iets moois uitkomt ook in deze periode.”
Winnen in het voorjaar blijft cruciaal voor elke ploeg. “Superbelangrijk”, stelt Vanmarcke. Een overwinning of een podiumplaats kan een hele campagne goedmaken. “Zoals vorig jaar, toen we met Neilson Powless Dwars door Vlaanderen konden winnen. Dat maakt een heel groot verschil.” Uiteindelijk komt het neer op presteren. “Normaal moet Asgreen altijd meedoen voor top 10”, beseft Vanmarcke tot slot.
