
Humor kan grote gevolgen hebben. Sommige grappen beginnen immers hun eigen leven te leiden. Zo ging het precies met de grenspaaltochten van Bram Tankink en Jos van Emden. Wat begon als een wild idee, groeide uit tot een reeks klassiekers voor wie van uitdaging en natuur houdt. Tankink wil hiermee aantonen dat je avontuur ook dicht bij huis kan vinden.


Grenspalenklassieker
Bram Tankink liet het professionele wielrennen helemaal achter zich. We spreken hem tijdens de finale van de 6e rit van de Tour 2025. Door zijn Borderride liet hij het openingsweekend van de Ronde van Frankrijk zelfs helemaal aan zich voorbijgaan. Tankink richt zich tegenwoordig – naast een job bij het Econopolis van Geert Noels – bij Brightlands op het ontwikkelen van duurzame projecten.
Daartussen vindt hij nog net de tijd om fietstochten te organiseren, zoals de Borderride die deelnemers via grenspalen naar de mooiste plekjes van de Benelux leidt. Wat begon als een halve grap, groeide stilaan uit tot een legendarische reeks grenspalenklassiekers. Tijdens hun trainingstochten verzamelden Tankink en Jos van Emden grenspalen als afleiding op eentonige dagen. Dat inspireerde het duo om in de coronajaren een 1e publieke grenspaaleditie te organiseren.
Begin juli 2025 vond de Borderride, het kroonjuweel van de grenspalenreeks, al voor de 5e keer plaats. De tocht kreeg zowel een weg- als gravelversie van 400 km over Ardennenterrein. Tankink reed zoals altijd ook mee. “Ik rekende vooral op mijn talent”, lacht Tankink daarover. “Door een blessure trainde ik weinig, ik had niet verwacht te kunnen finishen. Het was echt fucking zwaar.”
Dat blijkt ook helemaal de bedoeling, want tijdens de ultratocht zoeken de deelnemers ook de figuurlijke grenzen op. “Om niet in herhaling te vallen geef ik elk jaar een andere twist aan het parcours. Dit jaar wilde ik een route à la The Traka maken. Eerlijk gezegd was het zwaarder dan ik had ingeschat. Ik lokte de deelnemers met mijn enthousiasme in de val. Onder meer met de valse belofte van champagnegravel”, klinkt het met de glimlach. “Ik stuurde nadien nog een mail om me te excuseren, maar kreeg eigenlijk allemaal positieve reacties terug.”



Duurzaamheid
Tankink zoekt graag de grenzen op, althans op fysiek vlak. “Mijn vrouw zegt altijd dat ik over de limiet ga met de kinderen”, grinnikt hij. “Mensen willen eens iets extreem doen, men kan veel meer dan men denkt. Ik vind de trots van de deelnemers achteraf zo mooi! Het leuke is dat het nog een kleinschalig evenement is. Er hangt een familiale sfeer, dat creëert verbinding.”
De ex-prof wil een belangrijke boodschap uitzenden met de Borderride, die volledig past binnen zijn projecten rond duurzaamheid. “Mensen denken dat ze voor mooie, lange tochten ver weg moeten gaan. Ik wil tonen dat je de mooiste avonturen ook dicht bij huis kunt vinden. Het is 1 van de redenen waarom ik Unbound niet rij. Ik kan dat nu wel gemakkelijk zeggen, maar ik heb best veel gevlogen tijdens mijn carrière. Nadien ben ik tot inzicht gekomen. Het is een paradox: we zijn met zijn allen bezorgd om de natuur en trekken dan toch ver weg. Ik vind het heel mooi als ik zie dat onze deelnemers met de fiets of trein naar de start komen.”
Grenspaal 107 ligt het dichtst bij hem thuis, maar toch springt er een andere uit. “Paal 108 staat vlak daarnaast. Het heeft een speciale betekenis omdat dat het rugnummer van Wouter Weylandt was. Ik moet telkens even aan hem denken als ik voorbij rijd.”





Champagnegravel
Doorheen de korte geschiedenis evolueerde het concept van de Borderride. “De 1e editie gaven we gewoon een aantal checkpoints en maakten de deelnemers zelf een route. Mensen wilden daardoor echter toch zo snel mogelijk finishen, in plaats van de mooiste route te nemen. In het 2e jaar gaf ik een voorbeeldroute mee, die 80% van de deelnemers bleek te volgen. Daarom werken we sindsdien op die manier.”
De koning van deze editie was Jack Harbers. “Een aantal dagen vooraf stuurde hij me een berichtje. Hij vond het jammer dat de gravelroute niet naar Frankrijk ging en vroeg of hij er na 110 km een lus van de wegroute mocht aanbreien. Ik vond het best”, lacht Tankink. “Het was echt gekkenwerk: met een mountainbike 450 km en 7.000 hoogtemeters rijden, begin er maar aan! Hij had enkel een slaapzakje mee en sloop na 300 km een bungalowtent in om te slapen”, schatert Tankink het uit.
De schets voor de Borderride van volgend jaar 2026 ligt al klaar. “Dan gaat het opnieuw door de Ardennen, maar in omgekeerde richting en nemen we de Eifel erbij. Weet je dat ze de Eifel in Duitsland Totesland noemen. De mooiste stukken vind je vaak aan de grens, want die plekken zijn historisch vaak onbewoond en onherbergzaam.”
Eerst volgt nog een grenspalenklassieker rond een 11-tal stuwmeren. “Dat zal iets meer champagnegravel zijn.” Als hij ons sceptisch ziet denken dat hij ons met die belofte het avontuur wil intrekken, verzekert hij dat hij deze keer écht de waarheid spreekt.
