Cycling Team Glabbeek is een gevestigde waarde in het regionale jeugdwielrennen. Sinds februari 2026 staat er een nieuwe voorzitter aan het roer. Dino Vanthienen nam de fakkel over en wil de familiale sfeer behouden, terwijl de club een broodnodig opvangnet biedt voor renners die pas op latere leeftijd ontbolsteren. Met meer dan 140 jeugdrenners en een trouwe schare vrijwilligers timmert de ploeg verder aan de weg. Ver weg van de prestatiedruk van de grote opleidingsteams.


Familiale verbinding
De overname van het voorzitterschap kwam er in het vroege voorjaar nadat de vorige bestuursleden door een samenloop van omstandigheden een stap opzij moesten zetten. “De mensen die het vroeger deden, Gunter Stocks en Vicky Balle, hadden eind vorig jaar besloten om een stapje terug te zetten door een combinatie van fysieke en mentale issues, plus de drukte van hun eigen bedrijf”, legt Dino Vanthienen uit. “Het werd hen een beetje te veel, waarna we binnen de club op zoek zijn gegaan naar opvolging. Zo ben ik in februari van dit jaar als voorzitter naar voren getreden.”
Vanthienen is niet van plan om een compleet nieuwe wind te laten waaien en wil de succesvolle werking van voorheen in dezelfde lijn voortzetten. “Ik neem de taken over zoals ze het mij altijd hebben voorgedaan”, vertelt de Bekkevoordenaar. “Ik ben hier jaren geleden als ouder binnengekomen via mijn dochter Zita, ben eens komen kijken naar de trainingen en ben zo stilaan in de volledige werking van de ploeg gerold.”
Zijn dochter is intussen zelf gestopt met actief koersen, maar blijft wel een actieve rol spelen binnen de sportieve structuur van de wielerclub. “Zita was fysiek niet sterk genoeg om te overleven in de wedstrijden en haar studies wezen meer in de richting van het werken met kinderen”, verduidelijkt Vanthienen. “Daarom rijdt ze nu zelf niet meer mee, maar zit ze in de begeleiding en ontfermt ze zich over de allerkleinste groep renners en rensters, wat uiteraard ook een heel mooie keuze is.”

Groepsgevoel
De sportieve filosofie van de wielerclub draait hoofdzakelijk rond kameraadschap en de gestage ontwikkeling van jonge renners vanaf de jongste leeftijdscategorieën. “Wij bieden een traject aan van de miniemen en aspiranten tot en met de beloften, waarbij de focus heel sterk op het groepsgevoel ligt”, benadrukt de voorzitter. “Wij proberen echt een hechte groep te smeden die voor elkaar rijdt en voor elkaar door het vuur gaat,. Want een koers win je nu eenmaal zelden helemaal alleen.”
Bij de jongste renners speelt de fysieke ontwikkeling vaak een bepalende rol, maar de club kijkt nadrukkelijk naar de lange termijn en het wederzijdse vertrouwen. “Bij de miniemen en aspiranten steek je er door je morfologie soms nog een beetje bovenuit, maar op een gegeven moment trekt dat niveau zich gelijk”, analyseert hij. “Dan is het hopen dat je op je ploegmaats kunt bouwen, want elkaar blindelings kunnen vertrouwen in het peloton is dan cruciaal om resultaten te boeken.”
Ondanks de aanwezigheid op internationale koersen, zoals dit weekend in Aubel-Thimister-Stavelot, kiest de ploeg er bewust voor om volledig onafhankelijk te blijven van de grote professionele opleidingsteams. “Wij willen gewoon een onafhankelijke, regionale ploeg blijven. Al hebben we nu wel jongens uit de bredere regio en zelfs uit Oost- en West-Vlaanderen in onze rangen”, klinkt het. “We hebben geen contacten met grotere formaties en proberen onze renners op hun eigen niveau af te zetten. “

Opvangnet
De huidige trend waarbij wielertalenten steeds jonger worden weggeplukt door profploegen, creëert een specifieke nood waar Cycling Team Glabbeek gericht op inspeelt. “We merken dat veel renners nu al op 16-jarige leeftijd van heinde en verre worden gescout en dat hun wattages op Strava volop worden gecheckt”, observeert Vanthienen. “Wie door de mazen van het net glipt, vindt bij ons een stevig opvangnet. We maken hen in alle rust klaar voor de toekomst. Sommige jongens blijken nu eenmaal pas op hun 22 echt profwaardig te zijn.”
Vooral bij de moeilijke overgang van het secundair naar de hogere studies biedt de structuur van de ploeg sportieve zuurstof aan jonge, studerende sporters. “Voor veel beloften is de combinatie van koersen en hoger onderwijs niet altijd even interessant of gemakkelijk, zeker als je geen topsportstatuut kunt vastkrijgen”, weet Vanthienen. “We bieden daar een haalbare oplossing voor en proberen een gezonde middenweg te vinden zodat het trainen perfect te combineren valt met de boeken.”
De werking van de club steunt op een indrukwekkend aantal gemotiveerde vrijwilligers en een zeer stabiele financiële basis dankzij lokale partners. “We spreken in totaal over 143 renners en een vaste begeleiding van 35 vrijwilligers, gesteund door een schare trouwe sponsors waar ik als voorzitter ook nog actief naar op zoek ga”, besluit Vanthienen, die dit alles combineert met een kantoorbaan bij De Lijn. “De ploeg staat er financieel en sportief goed voor, waardoor we de garantie hebben dat al onze jeugdteams ook volgend jaar onverminderd blijven rijden.”