
Schuld bekend. Als het om Remco Evenepoel gaat, hanteren we een dubbele moraal. We voelen mee met het jonge supertalent dat de hoop van een natie op zijn schouders torst. Tegelijk surfen we mee op de emoties die hij teweegbrengt met zijn grote uitspraken en prestaties. De laatste weken is het relatief stil rond Evenepoel. Na zijn aanrijding met het postbusje riep Philippe Gilbert al snel dat het hem de nodige frisheid kon bezorgen in juli. Heeft hij gelijk en beantwoordt hij tegelijk een ander mysterie? Hoe kon hij in de Vuelta van 2023 de ene dag een inzinking krijgen en de andere dag iedereen naar huis rijden?


Mentale vermoeidheid
Laat ons eerst een logische verklaring van de baan helpen. Misschien was Remco in de Vuelta 2023 niet op de top van zijn kunnen. Hoe kon hij dan de dagen nadien iedereen naar huis rijden? Kende hij een slechte dag door een te smalle basis? Ondanks de verstoorde aanloop naar de Tour presteerde hij daar wel 3 weken op hetzelfde niveau. Wellicht ligt de oorzaak in mentale vermoeidheid. Evenepoel wees dat tijdens de Vuelta van de hand met de woorden ‘ik ben mentaal onbreekbaar’. Het valt niet te ontkennen dat hij een keiharde kop heeft. Evenepoel erkende later echter dat het slepende seizoen zijn tol had geëist.
De huidige generatie leeft in een constante stress: schema’s afwerken, voeding afwegen en zo veel meer. Zijn offday werkte als een ventiel om de druk af te laten, waardoor hij de dag nadien andermaal excelleerde. Evenepoel leerde van de concurrentie van Jumbo-Visma: hun strakke planning die alle overbodige koersen wegschrapte, bleek een succesrecept. De voorspelbaarheid van hun programma gaf mentale rust. De oude Remco wilde overal scoren, de nieuwe Remco bouwde in 2024 via de Dauphiné rustig op naar de Tour.


Hoe verklaren we dat mentale vermoeidheid weegt op prestaties?
Lang dacht men dat het lijf van de atleten de limiet aan hun prestatie oplegde. Op een bepaald moment kan het bloed niet sneller pompen en raken de spieren uitgeput. Hoe kan iemand met minder talent die zich vol inzet dan even goed presteren als iemand met meer talent die dit niet volledig benut?
We halen de mosterd bij Samuele Marcora. Hoe hard we kunnen gaan, hangt volgens hem van 2 factoren af. Hoe ver ben je bereid om door de muur te gaan? En hoe ver schat jij dat je limiet ligt? De motivatie om diep te gaan, is het grootst in de finale van de belangrijkste klassieker van het jaar. Marcora stelt daarnaast dat we onze langdurige inspanningen bewust verdelen op basis van hoe hard we een inspanning ervaren. De ‘mate waarin je een inspanning ervaart’ is onze barometer. We rijden net zo hard we denken te kunnen om tot de eindmeet te raken. Heb je het gevoel dat je aan je limiet zit, dan ga je trager fietsen.
Je zou denken dat het een vrij objectieve inschatting is. Hoe zwaar een inspanning voelt, blijkt echter heel beïnvloedbaar. Het goede nieuws is dat renners daardoor hun mentale grens kunnen verleggen, maar dat bespreken we een andere keer. Onderzoek toont dat mentale vermoeidheid niet rechtstreeks fysieke parameters beïnvloedt. Je produceert niet meer melkzuur, je hartslag wijzigt niet en je VO2max zakt niet. Je krijgt wel sneller het idee dat je aan het maximum van je krachten zit. Jouw absolute prestatie wordt dus niet beïnvloed, wel jouw relatieve prestatie.


De inzinking
De klimmer Evenepoel moest op dat moment nog geboren worden. Zijn tactiek was dan ook simpel: voorsprong nemen in de tijdrit, om bergop aan te klampen. Evenepoel ging de bewuste rit in met een dubbele mentale druk: hij kon in de tijdrit maar een kleine voorsprong nemen op Roglič én kreeg voor het eerst in koers een zware Pyrenneeënrit voorgeschoteld. Voer genoeg voor negatieve stemmen in zijn hoofd die aan zijn krachten vraten. Opgeteld bij de mentale vermoeidheid van het lange seizoen waarin hij zijn doelen moest herzien, dacht hij sneller op zijn limiet te botsen.
Doordat er nog 2 zware beklimmingen moesten volgen, schatte hij in dat hij de inspanning niet zou volhouden en liet hij lopen. Als hij de pijn had gevoeld op de laatste klim, had hij dat normaal gevonden. Later getuigde Evenepoel dat hij al een aantal nachten slecht had geslapen en dezelfde (corona)symptomen meende te herkennen als in de Giro. Evenepoel was begrijpelijkerwijs niet bereid om door te duwen uit schrik om zichzelf in gevaar te brengen.
De conclusie is als volgt. Evenepoel kan inderdaad profiteren van mentale frisheid, op voorwaarde dat hij rust vindt in de opbouw. We weten niet hoe de mentale klap is aangekomen na een nieuwe zware valpartij. Als hij dat weet te accepteren, is de boodschap om niet te overhaasten, doelen niet te forceren en stapsgewijs toe te werken naar het grote doel in juli.
