
Momenteel trekt het peloton in Parijs-Nice 2026 van Achères naar de hoofdstad van de Côte d’Azur. Hoewel de koers dit jaar volledig op het Franse vasteland blijft, roept de huidige koers naar de zon herinneringen op aan exact 60 jaar geleden. In 1966 maakte de wedstrijd namelijk een zeldzame uitstap naar Corsica, waar zich een heroïsche en bittere strijd ontspon tussen 2 Franse titanen.


Levenslange vete
Na een episch duel in de Ronde van Frankrijk anno 1964 nam Jacques Anquetil een sabbatical van de Grote Rondes. In een tijd waarin renners hun inkomsten voornamelijk uit criteriums haalden, besloot Anquetil zijn reputatie te verzilveren. Hij toonde in 1965 nog wel aan van wereldklasse te zijn. Na het winnen van de Dauphiné stapte hij in een privéjet, om diezelfde avond Bordeaux-Parijs te starten. Hij won deze 600 km lange koers, maar het irriteerde hem mateloos dat de media dit amper waardeerden. Dit omdat zijn rivaal Raymond Poulidor ontbrak. Zonder Anquetil leek de Tour van 1965 overigens de uitgelezen kans voor Poulidor om de Tour eindelijk te winnen, maar hij werd verrassend geklopt door Felice Gimondi.
In 1966 kruisten de wegen van Anquetil en Poulidor elkaar eindelijk weer in Parijs-Nice. Na 5 sprintetappes bereikte het peloton het eiland Corsica, waar de strijd om het klassement kon beginnen. De heuvelachtige ochtendetappe werd vooral gekenmerkt door de opgave van het talent Roger Pingeon. Na een mentale inzinking kondigde hij aan de sport vaarwel te zeggen, maar hij keerde een week later terug en won een jaar later de Tour.
Die middag stond in etappe 6b een tijdrit van 36 km op het programma. Het heuvelachtige parcours wordt nog steeds beschouwd als 1 van de mooiste tijdritten ooit. Met meer dan 300 bochten en geen enkel recht stuk langer dan 200 meter lag dit parcours Anquetil totaal niet. De tijdritspecialist kon zijn grote verzet nergens kwijt, terwijl Poulidor net uitblonk in de korte, felle inspanningen. Het onvermijdelijke gebeurde, Poulidor versloeg Anquetil op zijn eigen terrein.



Furieuze Anquetil
De biografie van Anquetil beschrijft zijn woede na deze nederlaag fantastisch. Hij was gefrustreerd over het verlies in zijn specialiteit, woest over het warme onthaal dat Poulidor van de Corsicaanse fans had gekregen en furieus dat hij Parijs-Nice leek te verliezen. Zijn woede was zo intens dat zelfs zijn vrouw Janine uit zijn buurt moest blijven.
Ondertussen waren de fans van Poulidor optimistisch, zeker nadat hij in etappe 7 zijn rivaal had gelost. Anquetil moest enorme risico’s in de afdaling nemen om terug te keren en begon de laatste dag met 36 seconden achterstand.
Etappe 8a was de beslissende bergrit. Samen met zijn Ford-ploegleider Raphaël Géminiani smeedde Anquetil een gewaagde hinderlaag. Hij monteerde voor de etappe een 180 mm tijdritcrank en een gigantisch buitenblad op zijn gewone wegfiets. De rit ontaardde vanaf de start in een chaos doordat de ploeg van Anquetil de Mercier-formatie van Poulidor genadeloos onder druk zette. Na tientallen aanvallen over en weer moesten de 2 halverwege echter plotseling samenwerken toen de nummer 3 uit het klassement demarreerde. Zodra deze Vittorio Adorni was ingerekend, barstte de strijd pas echt los.



De genadeslag
Volgens de overlevering pareerde Poulidor maar liefst 38 demarrages van Anquetil, maar de 39e bleek hem fataal. Op de uitlopende klim naar Tourettes-sur-Loup kraakte Poulidor definitief. Gedreven door een diepgewortelde hekel aan Poupou schakelde Anquetil in de afdaling over naar zijn loodzware tijdritverzet. Na een weergaloze solo van 35 km bereikte hij Nice met meer dan een minuut voorsprong, ruimschoots genoeg voor de eindzege.
Na de finish beklaagde Poulidor zich getergd over de renners van Ford, die zijn ploeggenoten de greppel in zouden hebben geduwd. Anquetil reageerde koeltjes en noemde hem een huilebalk, hoewel een ploeggenoot later inderdaad bekende de Brit Barry Hoban van de weg te hebben gewerkt.
Deze clash blies de rivaliteit richting de Tour de France volledig nieuw leven in. Daar bleek Anquetil echter niet op zijn best te zijn. Toen hij ver achterstond op Poulidor, transformeerde hij zichzelf tot meesterknecht voor ploeggenoot Lucien Aimar, alleen om te zorgen dat Poulidor de Tour zou verliezen. Op het daaropvolgende WK gunden de Fransen elkaar het licht in de ogen niet, waardoor Rudi Altig met de wereldtitel ging lopen.
Terwijl het peloton in de editie van 2026 zich de komende dagen een weg naar de zon baant, zal het spektakel van 60 jaar geleden nooit vergeten worden. Parijs-Nice 1966 toont aan hoe de ‘Koers naar de Zon’ kan ontaarden in een ijskoude strijd tot op het bot.

