James Vanlandschoot is de drijvende kracht achter het Lionforce Cycling Team. Als verantwoordelijke voor financiën en sponsoring zorgt hij ervoor dat de ploeg professioneel functioneert. Het is een drukke taak, maar hij staat er niet alleen voor. Hij rekent op de steun van Mathias Van Oosthuyse en Quinten Saintobyn. Sportdirecteur Stijn De Vriese geeft de renners goede raad en Valentine houdt zich bezig met de sociale media. De balans van het seizoen is positief. “Natuurlijk moeten we als team nog groeien, maar ik vind wel dat we mooie stappen aan het zetten zijn.” Met Jordi Warlop in Poperinge is nu ook de 1e zege op de weg binnen.


Warlop
“We zijn heel tevreden over hoe alles draait”, stelt Vanlandschoot. Hij noemt een kern van 5 renners die uitstekende resultaten behalen. “Ik denk aan Ylber Sefa, onze voormalig Albanese kampioen, en Rodolfo Niels. Daarnaast presteren Jordi, Lennert Debruyne en Jason Decottignies op een hoog niveau. De andere jonge renners hebben nog tijd nodig om te groeien. Het is een mix van ervaring en leergierigheid. Ze doen goed hun best, al hebben ze nog veel te leren. Maar dat komt absoluut wel goed.”
De recente overwinning van Warlop brengt extra rust in de ploeg. “Het heeft lang geduurd voor Jordi zijn 1e wedstrijd kon winnen, maar het is niet evident om van de profs naar de Elite 2 te komen”, legt Vanlandschoot uit. “Als voormalig beroepsrenner wordt hij in het peloton scherp in de gaten gehouden. Hij wordt overal geviseerd, ze rijden allemaal op zijn wiel. Maar Jordi is mentaal sterk en ik heb altijd vertrouwen in hem gehad. Ik wist dat die 1e overwinning ging komen.”
Vanlandschoot benadrukt dat hij zijn renners sportieve vrijheid geeft. “Druk geef ik aan niemand”, klinkt het resoluut. De meeste renners werken met hun eigen trainer. Ook Warlop weet perfect wat hij moet doen om in topvorm te geraken. “Ik weet dat ik Jordi niets moet uitleggen. Hij weet exact wat hij moet doen om goed te zijn. Die zege was welkom, al was ik zonder die overwinning ook al heel tevreden over hem.”


Merlier
De Belgische titel van Braam Merlier zorgde eerder dit jaar voor een flinke opsteker. Dit succes kwam sneller dan gepland en zette de ploeg onmiddellijk op de kaart. “We hadden eigenlijk niet verwacht dat hij kampioen van België zou worden”, lacht Vanlandschoot. “Voor de ploeg was dat heel mooi. Dat was vanaf de 1e keer mooie reclame, direct een kampioen in de rangen. Deze winter moet Braam andermaal zorgen voor mooie reclame in het strandracen en kan hij zijn driekleur overal showen.”
De impact van die kampioenstrui op de interne dynamiek was direct voelbaar. Het bracht de structuur in een stroomversnelling. “Iedereen is daardoor wel een beetje wakker geworden”, vertelt de ploegverantwoordelijke. “Het besef was er dat het vanaf de 1e keer menens was. Alles moest in orde zijn en de uitstraling van het team moest er direct op zijn. Is er nog werk aan? Ja tuurlijk, er is nog veel werk aan. Maar Brugge stond er ook niet in 1 dag.”
Ondanks de successen blijft de ploegleiding realistisch en volgen ze het vooropgestelde plan. “We zitten op schema”, aldus Vanlandschoot. Voor de rest van dit wielerjaar staan er nog enkele koersen op het programma. “We doen dit jaar nog 2 interclubs. Voor de rest rijden wij nog al de profkermiskoersen. Ik denk dan aan Izegem, Zwevezele, Heusdenkoers. Dat zijn de wedstrijden waar we ons dit seizoen nog volop willen tonen.”


“Jong bloed is altijd goed”
De blik is inmiddels gericht op volgend kalenderjaar. De sportieve ambitie is om de ploeg in de breedte te versterken. “We willen in 2027 naar 14 of 16 renners groeien”, onthult Vanlandschoot. De nadruk ligt daarbij op verjonging. “Ik ben in contact met heel wat jonge renner. We willen vooral jongens die overkomen van de junioren om hen kansen te geven. Jong bloed is altijd goed. Het moeten niet meteen winnaars zijn, maar wel jongens met ambitie.”
De rol van Jordi Warlop voor volgend seizoen is nog een vraagteken, deels door professionele verplichtingen buiten de koers. “Wat hij in 2027 wil doen is nog niet helemaal duidelijk, want hij zal dan een job als vrachtwagenchauffeur hebben”, legt Vanlandschoot uit. “Maar hij is voor ons team altijd een absolute meerwaarde. We willen een paar sterke renners aantrekken die voor Jordi een mooie steun zijn in de finales.”
Om die jonge talenten aan te trekken, werkt de ploeg aan een aantrekkelijk programma. “Ik wil proberen een zo goed mogelijk programma te geven volgend jaar”, zegt Vanlandschoot. “Waaronder zeker de Beker van België. We kijken ook naar de Road Series, al is het nog niet 100% zeker dat we daar aan de start zullen mogen komen.” De invulling van deze plannen heeft echter 1 absolute voorwaarde. “Welke stappen er nog gezet moeten worden, hangt volledig af van het budget.”