Van al de toprenners die oud-wielerjournalist Robert Janssens ooit ontmoet heeft, is Johan De Muynck de meest miskende. Hij werd door allerlei omstandigheden van de eindzege in de Ronde van Italië 1976 gehouden, maar won die Giro 2 jaar later wel. In 1980 was hij er op een bepaald én beslissend moment zeker van dat de Tour voor hem zou zijn, maar De Muynck stootte op een pelotonbrede coalitie rond Joop Zoetemelk, de uiteindelijke laureaat. De Belg die nu zo’n palmares bijeen zou fietsen, zou voor eeuwig en altijd de hemel van de beroemdheid verdienen.

Johan De Muynck geniet daar niet van. Dat komt omdat hij, als echt intelligente kerel, zoveel kan relativeren. Behalve van zijn vete – als dat sterke woord gebruikt mag worden – met Roger De Vlaeminck. Als streekgenoot reed De Muynck tijdens zijn topjaren in dezelfde Brooklyn-ploeg als Roger, maar hij werd daar toch wel klein gehouden. Hij was aangeworven als helper van De Vlaeminck en die bleef maar herhalen dat, wie eens knecht is geweest, dat altijd moet blijven.
De vangrail in
De Muynck heeft zijn deel gehad in tegenslagen, wat hem zeker van verdere successen heeft gehouden, maar ook dat wil hij niet aanvaarden als reden voor een palmares dat niet in verhouding lijkt tot zijn talent. “Wat wil je dat ik mij daar nog druk over maak?”, zegt hij bij herhaling. “Ik heb in mijn loopbaan 3 collega’s voor mijn ogen dood zien vallen. Wat betekent zoiets in vergelijking met het verlies van een zege of een ereplaats?”

Dit is een passage uit het boek ‘Mannen met geschoren benen’, een boek van oud-wielerjournalist Robert Janssens waarin hij een hele rits verhalen, anekdotes en memoires van onder het stof haalt. Het boek werd op de markt gebracht door Uitgeverij Kannibaal en ligt momenteel bij de beter boekhandel.
Een ideaal kerstcadeau!