
In het vrouwenpeloton heerst er heel wat ongenoegen over de kalender van de Women’s WorldTour. Het aantal wedstrijden blijft maar stijgen en onder meer Sebastian Unzué van Movistar trok al aan de alarmbel. Bij Lotto Dstny Ladies erkennen ze het probleem, maar kunnen ze omwille van het statuut van UCI-ploeg wel ontsnappen. “We moeten beginnen bij de basis en voldoende rensters vinden voor al die wedstrijden”, vertelt sportdirecteur Dirk Onghena.


Onmogelijke denkoefening
Het belangrijkste nieuws wat betreft de kalender in het vrouwenwielrennen is het verplaatsen van de Vuelta van september naar mei. “Je zit al met een heel druk voorjaar. Normaal zou je hierna dan een rustperiode kunnen inlassen en op stage gaan. Nu zit je echter met de Vuelta en dat is voor veel ploegen een vrij onmogelijke denkoefening. Het vrouwenwielrennen zit in de lift en veel organisatoren springen op de kar, maar daar zijn vandaag nog niet genoeg rensters voor.”
Bij Lotto Dstny ontsnappen ze echter wel aan deze overvolle kalender. Als UCI-team zitten zij niet op het niveau van pakweg Trek-Segafredo of Team SD Worx, wel op het niveau van Parkhotel Valkenburg of AG Insurance-Soudal-Quick.Step. “Daarom kunnen we de wedstrijden rijden die we willen”, duidt Onghena. “Het zou ook niet logisch zijn dat we als opleidingsploeg overal aan de bak moeten. We hebben rensters die de weg combineren met de piste en sommige vrouwen zitten nog op school.”
Op termijn wil men bij Lotto Dstny wel met de ploeg naar een hoger niveau. “Dan zouden we ook met dit probleem geconfronteerd worden. Nu mikken we juist op de wedstrijden onder het allerhoogste niveau. Voor ons valt Zwitserland midden juni bijvoorbeeld weg omdat deze onderdeel zal uitmaken van de WorldTour. Wij rijden eind mei wel bijvoorbeeld de Internationale LOTTO Thüringen Ladies Tour (2.Pro) waar we meer thuis horen. Grote Rondes passen momenteel nog niet in onze planning.”



Katrijn De Clercq
“Als we dan wel eens tussen de toppers rijden, zoals in de Ronde van Vlaanderen, is het voor ons zaak van ervaring op te doen”, verzekert de Waaslander. “We weten ook wel dat we daar geen podium of wellicht zelfs geen top 10 gaan rijden. Dat is ook niet ons doel. Het is onze betrachting dat de rensters elk jaar een stapje zetten, dat ze langer meegaan dan vorig seizoen. Als je vorig jaar Luik-Bastenaken-Luik hebt uitgereden, dan is dit jaar het doel om net iets verder te geraken en dat je iets leert uit vorige editie.”
Onghena verwijst graag naar de mannelijke collega’s bij de ploeg. “Arnaud De Lie en Lennert Van Eetvelt bewijzen dat het loont om jongeren de kans te geven op hun eigen tempo te groeien. Zonder druk te creëren maar wel met de verwachting dat iedereen professioneel te werk gaat.”
Katrijn De Clercq behaalde dit jaar alvast de eerste resultaten voor de ploeg met onder meer een zilveren medaille op het BK Ploegkoers, aan de zijde van Sara Maes. “Ik hoop ook dat Mieke Docx verder bouwt op haar goede najaar. Ze geeft me in elk geval een goede indruk. Ook Mijntje Geurts is iemand naar wie ik nieuwsgierig ben. Ze werd vorig jaar ondanks een val 28e in de Waalse Pijl. Ik zei haar toen dat het een goede zaak was dat ze niet dichter eindigde, want anders zouden de spotlights te vroeg op haar komen.”



Stage in Denia
Momenteel is de vrouwenploeg van Lotto Dstny op stage in de Spaanse vissersplaats Denia, aan de Costa Blanca. De mannen gingen er eerder ook al hun seizoen voorbereiden. “We zijn hier 2 dagen en het is vreselijk weer”, sakkert Onghena tot slot. “Vanuit België krijg ik foto’s van prima fietsweer en wij moeten het doen in de gietende regen. Gelukkig verliezen de vrouwen de moed niet, zo legden we vandaag 112 km en 1.800 hoogtemeters af.”
“Toch vraag ik hen om het rustig aan te doen in de afdalingen. Als je valt, dreig je een heel voorjaar weg te gooien. Een goede voorbereiding op het openingsweekend? Van mij mag het gerust mooi weer zijn, dan kunnen we verder geraken en is er ook minder kans op pech.”