Belgian Cycling duidde voorlopig nog geen opvolger aan voor Filip Meirhaeghe, ontslagnemend bondscoach mountainbike. In die discipline wacht de nieuwe nationale coach nochtans een grote uitdaging. Dat weet Massimo Van Lancker (33), bij de federatie een half jaar Directeur Breedtesport. Tegen de Olympische Spelen 2028 weer meespelen in het mountainbiken is een doel.


Eigen accenten
Stilaan raakt de zoon van Eric Van Lancker, gewezen winnaar van Amstel Gold Race en Luik-Bastenaken-Luik, ingeburgerd bij Belgian Cycling. In juni 2024 kwam hij over van Cycling Vlaanderen. “Ik ben heel blij dat ik die stap kon zetten”, geeft Massimo Van Lancker toe. “In het begin was het wat aftasten. Dankzij mijn vroegere job bij Cycling Vlaanderen kende ik de mensen al die voor Belgian Cycling werken. Die stap was niet groot. Mensen van Belgian Cycling waar ik vroeger minder contact mee had, heb ik intussen beter leren kennen. Intussen ontmoette ik ook organisatoren van een ander niveau.”
“Het inwerken is voorbij”, gaat Van Lancker verder. “We proberen verder te zetten wat goed was. Mijn voorganger Jos Smets heeft veel goeie dingen gedaan. Die zaken moeten behouden blijven. Langs de andere kant willen we natuurlijk eigen accenten leggen, gaan we luisteren naar noden van organisatoren, naar de verschillende vleugels binnen de federatie. Op die manier zullen we ontdekken wat nodig is om verder te ontwikkelen.”
De Directeur Breedtesport beseft dat luisteren heel belangrijk is. “Vroeger werd ‘den bond’ als een ivoren toren gezien”, weet Van Lancker. “Toen ik voor Cycling Vlaanderen werkte, stond ik al dicht bij de organisatoren. Dat is gebleven. Ik probeer regelmatig op diverse disciplines aanwezig te zijn. Want bij Belgian Cycling gaat het om meer dan enkel koersen op de weg.”



Uitdagingen aangaan
Massimo Van Lancker, staat op 27 juli 2025 in Rollegem, bij Kortrijk, met de ploeg van Tombroek Koerse in voor de organisatie van de Belgische kampioenschappen voor Elite 2 en beloften. Hij vindt het belangrijk dat er een link is tussen breedtesport en topsport. “Want de jeugdrenners van vandaag zijn de kampioenen van morgen”, benadrukt de West-Vlaming. “Een sterke link in visie en in werking is noodzakelijk. We moeten staan voor een duidelijke visie, maar hebben ook een volwaardige kalender nodig en moeten de krijtlijnen uittekenen. Alleen dan kunnen we het succes dat we nu boeken de volgende 10 jaar bestendigen.”
Een visie propageren is 1 zaak, ze uitwerken een andere. “Daar hebben we bij Belgian Cycling een goed team voor”, verduidelijkt Van Lancker. “Met Xavier Vandermeulen die verantwoordelijk is voor weg, piste en veld. Met Lucas Goovaerts die het offroadgebeuren voor z’n rekening neemt. En met Kris Van Steen, een belangrijke pion inzake logistiek, transponders, fotofinish, aanduiding van commissarissen, enzovoort.”
De werking steunt ook op ontelbare vrijwilligers. “Commissarissen, operatoren, organisatoren, noem maar op”, gaat Massimo Van Lancker verder. “Met die mensen moeten we er verder voor zorgen dat de successen blijven. Ook de uitdagingen mogen we niet uit weg gaan. In bepaalde disciplines scoren we uitstekend, in andere niet. We mogen niet blind zijn voor het werk dat we in het mountainbiken hebben. Dat begint met structuur, met de juiste mensen op de juiste plaats, met voldoende instroom, genoeg wedstrijden, enzovoort.”



Voortrekkersrol
“We moeten ambitie hebben”, beklemtoont Van Lancker. “Bij de federatie denken we meestal in cycli van 4 jaar, van Olympische Spelen naar Olympische Spelen. In het mountainbiken zal het wellicht bijzonder moeilijk zijn om op de Spelen van 2028 in Los Angeles te geraken. We moeten wel het gevoel hebben dat we in vergelijking met Parijs stappen hebben gezet. Om over 8 jaar op de Spelen in het Australische Brisbane te scoren.”
In wat hij vertelt illustreert Massimo Van Lancker dat de connectie tussen breedte- en topsport intens is. “Van bij het begin is het de bedoeling om een rechtstreekse lijn te hebben met topsport”, klinkt het. “Ik sta niet ver van de nieuwe bondscoaches Serge Pauwels en Angelo De Clercq. Ik ging al enkele keren mee als teammanager naar internationale kampioenschappen. Dan werk je dagelijks nauw samen met de coaches. Zo is het makkelijker om te overleggen. Die mensen hebben ook een goeie feedback richting breedtesport.”
En kunnen advies geven inzake veiligheid. “Op dat vlak is Belgian Cycling voortrekker”, besluit Van Lancker. “In de wielersport is veiligheid dé uitdaging. In België worden alle wedstrijden vooraf gekeurd. Geen enkel ander land doet dat. We hebben een commissie die zich uitsluitend met het aspect veiligheid bezighoudt. Daarin namen we al heel wat stappen en proberen we verder te ontwikkelen.”


