
De Nederlandse 1e jaars junior Delano Heeren is het crossseizoen uitstekend begonnen. De renner van Acrog-Tormans behaalde tot nu toe een 100% score wat betreft podiumplekken, waarbij hij in Essen en Woerden op het hoogste schavot plaatsnam. Toch blijft hij vooralsnog bescheiden, en mikt hij op een top 10 op het EK in Middelkerke.


Solo-overwinning
Afgelopen dinsdagavond 21 oktober 2025 soleerde Delano Heeren in de Nacht van Woerden naar zijn 2e seizoenszege. Meteen na het vertrek ging hij alleen op avontuur, en niemand kwam meer in zijn wiel. Na afloop vertelde hij dat hij die tactiek vaker toepast. “Ik start nooit echt met een doordacht plan. Uit mezelf vertrek ik meestal snel, en dan zie ik wel wie er nog in het wiel zit. De laatste jaren was dat vaak niemand, en ook dinsdag was ik meteen weg.”
Toch vond Heeren het geen zogenaamde walk in the park. “Ik was wel meteen weg, maar ik kon nooit echt een comfortabele voorsprong opbouwen. Cas Timmermans is geen goeie starter, maar hij komt altijd sterk opzetten. Dat was nu wederom het geval”, vertelt Heeren, die lang een voorsprong van 15 seconden verdedigde.
“Ik voelde mij niet helemaal fit. Ik ben al een week behoorlijk verkouden, daarom dat ik ook geen dubbel weekend Essen-Ruddervoorde gedaan heb. Daarnaast is Cas ook gewoon een klasbak. Ik moest mijn focus behouden, en geen fouten maken. Vooral bij de balken kwam Cas dichterbij, want hij is technisch heel sterk. Hij kon springen, terwijl ik moest lopen. Daarna moest ik weer vol aanzetten om mijn voorsprong uit te breiden. Pas in de laatste ronde merkte ik dat bij hem de veer brak”, concludeert Heeren over de Nacht van Woerden.



Koksijde, Niel en Namur
Hoewel Heeren zich zichtbaar had moeten inspannen voor de overwinning, was het nog maar eens een bevestiging van zijn talent. Als nieuweling won hij vorig jaar bijna alle wedstrijden waaraan hij meedeed, inclusief topcrossen als Koksijde, Niel en Namur. Voor Heeren kwam deze seizoensstart dan ook niet als een verassing. “Ik had het wel een beetje verwacht dat ik zo goed zo zijn. De laatste 2 jaar won ik vrij veel bij de nieuwelingen. In de eerste 2 crossen (Dippach en Meulebeke, red) moest ik verder van achteren komen. Nu ik voorin start, kan ik mijzelf echt laten zien.”
Heeren wordt al getipt als kanshebber voor het EK in Middelkerke, maar tempert zelf de verwachtingen. “Als ik het EK mag rijden – want ik moet nog geselecteerd worden – dan wil ik mij daar zeker van mijn beste kant laten zien. Een top 10 is mijn doelstelling, misschien zou ik na dit begin aan een top 5 kunnen denken, maar het zal niet makkelijk worden.”
Heeren verwacht een open strijd gezien de brede top bij de junioren, maar kijkt in de 1e plaats naar een Belg als favoriet. “Giel Lejeune is natuurlijk de te kloppen man. Hij rijgt de zeges aan elkaar, en won vorig jaar ook een Wereldbeker. Maar er zijn veel kanshebbers. De Fransman Soren Bruyère Joumard werd bijna wereldkampioen. En wat te denken van de Italianen. Met Grigolini, Pezzo Rosola, Cingolani en Dell’Olio brengen ze een krachtig blok aan de start.”



Combi weg-veld
Heeren probeert het seizoen, ondanks druk en verwachtingen, aan te vangen als een leerjaar. Pas na het EK wil hij verder kijken. “Ik wil mijzelf graag laten zien in de Wereldbekers. Het WK is natuurlijk van iedereen een droom. Hulst is niet heel ver van waar ik woon, dus dat zou een halve thuiswedstrijd zijn. Maar ik pak het stap voor stap aan.”
Mathieu van der Poel, die uit dezelfde regio komt, noemt Heeren als zijn grote voorbeeld. “De manier waarop hij de weg met het veld combineert, spreekt mij enorm aan. Ik rijd zelf ook op de weg, maar kan het moeilijk voorstellen dat ik ooit moet kiezen tussen weg of veld. Ik doe het allebei enorm graag, en wil het net als Mathieu combineren.”
Voor Heeren staan er nog een paar wedstrijden op het programma voor het EK, maar Middelkerke is niet zijn droomparcours. “Als er een parcours is waarop ik zou willen winnen, dan is dat Namen. Ik heb daar vorig jaar gereden, en het parcours was echt kicken. Dat is er ene om nog een keer te doen, misschien bij het WK in 2030″, lacht Heeren.