
2025 werd een echt doorbraakseizoen voor Paul Magnier. En toch ging niet alles hem voor de wind. De Fransman behoort tot 1 van de meest uitzonderlijke talenten van de nieuwe generatie en wil dit jaar 2026 nog een stap hogerop zetten. Moest hij vorig seizoen nog geblesseerd de winter in, dan dreef hij deze keer op een fameuze overwinningsreeks. We zijn benieuwd wat dat zal betekenen voor de komende klassiekers.


Prikken naar Tim Merlier
Bij Soudal Quick-Step staat Magnier naast Tim Merlier, momenteel de beste sprinter ter wereld. Dat zou de nodige druk kunnen geven, maar zo ziet Magnier dat niet. “Ik kijk echt op naar Tim. Hij helpt me met zijn ervaring het meest binnen ons team om progressie te maken”, klinkt het. “Zowel op vlak van fysieke als mentale voorbereiding leerde ik al veel. Het zou heel fijn zijn als we elkaar volgend jaar opnieuw kunnen bekampen om het hoogste aantal overwinningen.”
Zijn kwinkslag leert ons iets over de jonge Fransman. Na zijn doorbraakseizoen schijnt de spot van de media extra op hem, maar voorlopig geniet hij daar alvast nog van. Hij komt nog steeds over als een kind dat ervan houdt om zich uit te leven op de fiets. “Zeker en vast”, beaamt hij. “Fast and fun, zo kan je me wel omschrijven. Ik ben nog steeds maar 21 jaar. Volgens mij is genieten van het leven en het fietsen het belangrijkste. Wanneer je je goed voelt in je hoofd, dan komen de resultaten vanzelf.”
Magnier oogt erg expressief, je leest de emoties zo van zijn gezicht wanneer hij winnend over de eindmeet komt. “Je hebt renners zoals de Yates-broers waar je de inspanning niet van kan aflezen. Bij mij is dat helaas anders”, lacht hij. “Ik geef echt alles wat ik in mij heb en ik kan de emoties niet verstoppen. Een beetje zoals Julian Alaphilippe.”


Tegenvallende Giro als opmaat voor najaar
Het ging best hard in 2025 voor de Fransman, waarin hij zijn aantal profoverwinningen in vergelijking met het jaar voordien bijna verviervoudigde. “Ik kon het jaar al starten met een zege, dat was heel fijn. Na de crash het jaar voordien in de Tour of Britain moest ik met wat stress de winter in.”
Toch ging in 2025 Magnier niet alles voor de wind. “In april kende ik een moeilijke periode na een aantal valpartijen.” Daardoor bracht de Giro misschien niet helemaal wat hij ervan had verwacht. “Ik was voor de Giro wat vermoeid. Door de training en wedstrijden, maar ook door mentale vermoeidheid na de valpartijen in het voorjaar. Daarom nam ik voor de Giro rust en zag ik de Giro als trainingsopbouw.”
Hij startte dus niet in topconditie, maar ook andere omstandigheden zaten tegen. “Mijn lead-out Dries Van Gestel was afwezig. Met Luke Lamperti kwam de samenwerking er niet helemaal uit in de laatste kilometer. De Giro bleek wel de hefboom voor een geweldige 2e seizoenshelft. Vanaf de zomer genoot ik gelukkig terug van het fietsen. Dat dank ik ook aan het team, dat me de ruimte gaf om na 2 weken Giro af te stappen en nadien rust te nemen. Daardoor vlóóg ik in het najaar.”


Dries Van Gestel
Magnier werd de 1e Fransman in 28 jaar die 19 profoverwinningen in 1 wegseizoen behaalde. “Bij mijn 10e overwinning had het team er 13, denk ik. Toen werd het een wedstrijd tegen de ploeg”, lacht hij. “Toen ik 14 keer had gewonnen, las ik ergens dat Arnaud Demare Frans recordhouder was met 15 overwinningen in 1 seizoen. Bij mijn 15e winst stond ik gelijk met het team én het Franse record.”
Hij mag dan een levensgenieter zijn, toch beseft hij de vergankelijkheid van alles. “Na de Ronde van Slovakije had het ook gewoon klaar kunnen zijn. Toen brak ik een vinger, maar gelukkig kon ik toch verder koersen.” Het zijn niet altijd de grootste zeges die het meest blinken voor renners. “De mooiste overwinning behaalde ik in Bessèges, voor mijn grootmoeder. Ook die in Polen was mooi, toen won ik voor het eerst voor de ogen van mijn ouders.”
Magnier verwijst naar de rol van Dries Van Gestel. “Ik leerde Dries kennen tijdens het trainingskamp in december 2024. We hadden eigenlijk al snel een connectie. Zijn liefde en kennis over de klassiekers is echt mooi. Hij werkt erg hard en heeft veel grinta. Dat soort renners is erg belangrijk voor mij.”
Het 21-jarige toptalent ziet zichzelf ondanks zijn jonge leeftijd al als een leidersfiguur. “Zeker binnen bepaalde wedstrijden. Maar echt al een leider die het team draagt, dat niet. Ik hoop verder te evolueren in 2026. In de 1e plaats wil ik de volgende stap zetten in de klassiekers, om de finales mee te kunnen betwisten.”