
De stress van het profpeloton heeft plaatsgemaakt voor de pure liefde voor de sport. Bijna 10 jaar na zijn afscheid als professioneel mountainbiker heeft Rudi van Houts (42) een nieuwe balans gevonden. Al blijft de fiets de rode draad in zijn leven. Zo reed hij zaterdag de Grenspalenklassieker in Reusel, een buurtuitje voor de voormalig topper uit Luyksgestel. En ook professioneel zit hij opnieuw in de wielersport.

Nieuwe weg na de topsport
Het was 2016 toen Van Houts zijn professionele carrière beëindigde. Na de Spelen in Rio de Janeiro, was dat. Een abrupte overgang van een leven vol trainingsschema’s en wereldbekerwedstrijden naar een bestaan zonder vastomlijnd pad. “Ik ben wel een jaartje zoekende geweest”, bekent hij. Die zoektocht leidde me eerst buiten de fietsenbranche, met een baan van 7 jaar bij Belisol. Maar de wielerwereld bleef me trekken.”
De terugkeer kwam via een oude bekende. “Sinds oktober 2025 werk ik bij Scope Cycling. Ik kende de eigenaar, Niek Busser, al een beetje. Hij heeft ook een mountainbike achtergrond. Vorig jaar speelde toch geregeld de gedachte om weer wat met fietsen te gaan doen. Zo ben ik daar op mijn pootjes terechtgekomen.” De cirkel is daarmee rond. Van Houts is weer volledig ondergedompeld in de sport die hij zo goed kent, maar dan vanaf de andere kant van de lijn.
Zijn rol past hem goed. “Ik doe binnendienst verkoop. Dus ik heb veel contacten met klanten, stuur orders, regel facturaties en zo meer. Het is een functie waarin ik mijn ervaring kan gebruiken in een snelgroeiend bedrijf. Het is mooi om de progressie te zien, want dit jaar 2026 zitten we bijvoorbeeld bij INEOS Grenadiers in de WorldTour. Er is nog veel verbetering mogelijk omdat we zo hard groeien. Ik kan er echt mijn ei kwijt.”


Profleven op afstand
De koers volgt hij nog op de voet, zowel op de weg als op de mountainbike. “Het blijft me wel boeien”, vertelt hij. “Al moet ik wel zeggen dat er in het mountainbiken nu écht een nieuwe generatie rond rijdt. Zeker nu Nino Schurter gestopt is, ken ik er nog weinig mensen persoonlijk.” De vraag of hij het profcircuit mist, leidt tot een afgewogen antwoord. “De eerste jaren was dat wel zo, ja. Langs de andere kant moet je er ook heel veel voor doen. Je moet toch iedere keer aanstaan, elke dag. Op een gegeven moment merkte ik gewoon dat het goed was geweest. Ik had er dus ook wel vrij snel vrede mee.”
De constante druk en de opofferingen waren de prijs voor een carrière op het hoogste niveau. Een prijs die hij op een zeker moment niet meer wilde betalen. “Maar ik blijf wel een liefhebber van het fietsen”, benadrukt hij meteen nog eens. Alsof dat nodig was op deze festivalachtige afterparty van de Grenspalenklassieker 2026. “Het varieert heel erg, maar ergens tussen de 7.500 en 10.000 km per jaar lukt nog wel. Ik rijd zowel op de weg, gravel als mountainbike.”
Om scherp te blijven, heeft de oud-prof af en toe een stip op de horizon nodig. “Ik moet af en toe wel eens een doel moet hebben om me te blijven motiveren, ja. Want af en toe gaat het te makkelijk. Er zit nog wel wat talent in. Maar voor de echte uitdagingen volstaat talent niet meer. Dan moet je gewoon die lange afstand opzoeken, want dan moet je weer echt gaan trainen. Dan red ik het niet meer op talent en is het zaak van kilometers te malen.”


José Hermida
Concrete plannen zijn er al. “Ik twijfel nog om in juni de Borderride, een tocht van 400 km, mee te pakken. Dan weet je gewoon dat je deftig moet trainen.” Het sociale aspect is minstens zo belangrijk geworden. Hij fietst met een groepje in de buurt, maar zoekt ook bewust evenementen als de Grenspalenklassieker op. De vriendschappen uit zijn profcarrière onderhoudt hij nog steeds. “Ik heb nog vooral contact met José Hermida en Ralph Näf uit mijn Giant-tijd. Vorig jaar ben ik nog op bezoek geweest bij Ralph tijdens de Wereldbeker in Italië. Het is wel leuk om toch nog eens met die mannen te spreken.”
Het is de ontspannen sfeer die hem nu het meest bevalt. De prestatiedruk is weg, het plezier is gebleven. De perfecte dag bestaat uit een combinatie van inspanning en ontspanning. “Een lange rit en achteraf een biertje hoort er dan ook bij. Dat is het voordeel als je geen prof meer bent”, lacht hij. “Persoonlijk vind ik het top om ’s morgens gefietst te hebben en dan gewoon op de bank koers te kijken. Dat heeft wel mijn voorkeur.”