
Het verhaal van het Motomediateam van de naar de provincie Luxemburg uitgeweken Antwerpenaar Dirk Van Laer leest als een sprookje. Een typevoorbeeld van een selfmade man, want Van Laer schoolde zich om van bouwvakker tot bedrijfsleider in een totaal andere sector. “We werken nu voor elke koers met een team van 12 mensen.”


Van ex-renner tot cameraman
“Ik ben zelf ex-renner en heb vele jaren gekoerst”, doet Dirk Van Laer zijn verhaal. “Als renner was ik eigenlijk al gefascineerd door de cameramensen die de koers in beeld brengen. Hoe doen ze dat, welk materiaal gebruiken ze, vanuit welk standpunt – letterlijk – bekijken ze de wedstrijd. Naarmate ik ouder werd, droomde ik er eigenlijk van om zelf cameraman op de motor bij wielerwedstrijden te worden. Ik ben dan zo’n 25 jaar geleden gestart met het coveren van wedstrijden met een klein cameraatje. Door mijn ervaring als renner kende ik heel wat organisatoren en kon ik dus bij hen mijn diensten aanbieden: Zellik-Galmaarden, Memorial Van Coningsloo,…. Dat waren belangrijke wedstrijden die toch niet rechtstreeks op televisie werden uitgezonden.”
“Je moest al minstens ‘Pro Series’ zijn om op tv-uitzending te kunnen rekenen. Ik zag een gat in de markt en stelde voor aan die organisatoren om low-budget reportages te maken en die online te zetten. In die tijd bestond dat helemaal niet, wij waren de eersten die dat deden. Dankzij ons aanbod konden organisatoren ook naar hun sponsors uitpakken met beelden die goed werden bekeken. Dat idee sloeg aan, de kijkers namen toe, de wedstrijden die we coverden namen toe, de reportages werden langer en langer en beter en beter. Wij konden zo verder investeren in steeds beter materiaal, waardoor onze kwaliteit ook opnieuw beter werd. Kortom, de zaak ging aan het rollen. Uiteindelijk kwam het systeem op de markt om live via het openbare netwerk reportages te brengen. Daar ben ik dan helemaal op gesprongen. Zo werd mijn droom bewaarheid.”



Topcompetitie
Van Laer is dan wel uitgeweken naar de provincie Luxemburg, dat hij afkomstig is uit Borsbeek bij Antwerpen – ongeveer daar waar de parking begint – kan hij niet wegsteken. In zijn sappig Antwerps gaat hij verder: “In het begin combineerde ik mijn uit de hand gelopen hobby nog met werken in de bouw. Ik ben nog van een generatie waarbij je bij je ouders niet moest afkomen met ‘ik ga cameraman worden’. Ze hadden me wellicht direct in een instelling geplaatst en psychische hulp gezocht. Ik vestigde me als zelfstandige in de bouwsector. Maar mijn hart bleef bij de koers en gaandeweg kreeg ik meer en meer cameraopdrachten. De eerste 10 jaar heb ik geen enkele dag verlof genomen. Ik werkte 7 op 7 en combineerde de bouw met het camerawerk. De 1e 15 jaar zat ik ook veel zelf op de motor.”
Dirk brommert verder: “Mijn doorbraak heb ik toch wel een beetje te danken aan Jos Smets, destijds organisator van de Topcompetitie. Die vroeg me om reportages te maken over de verschillende manches. Dat was meteen een grote opdracht. Ik stortte me daar fanatiek op omdat ik begreep dat dit mijn kans was. En deze opdracht opende deuren naar weer nieuwe bestellingen. Het gevolg is dat ik nu opnieuw 7 op 7 werk, maar dan uiteraard enkel nog rond het in beeld brengen van wielerwedstrijden. De bouw heb ik gelaten voor wat die was.” (lacht)
Dat de zaken goed gaan, blijkt uit het aantal medewerkers die Dirk tewerkstelt. Voor elke wedstrijd werken ze met een team van 12 mensen om alles in beeld te kunnen brengen, inclusief interviews. “Die groep is organisch gegroeid. We hebben nu een sterk team van mensen die op elkaar ingespeeld zijn. We doen bijvoorbeeld de Baloise Ladies Tour met 12 mensen, terwijl de omroepen het dubbel aantal mensen moeten inzetten voor een gelijkaardig resultaat. Wij werken heel compact. Onze medewerkers zijn ook multi-inzetbaar en doen bijvoorbeeld niet enkel 1 specifieke job. Iedereen neemt ook andere taken voor zijn rekening. Daardoor worden ze ook naar een hoger niveau getild.”



EMG
Het spreekt voor zich dat een kleiner team betekent dat je financieel een beter voorstel kan doen aan opdrachtgevers. “Maar tegelijk maakt het je veel flexibeler omdat je met minder mensen met elk hun eigen besognes moet rekening houden”, beklemtoont Van Laer. “Nu, de beste cameraploegen voor wielerwedstrijden zitten sowieso in België. Maar dat is goed, dat houdt ons scherp. Neem broadcaster EMG, dat voor Sporza werkt. Zij zijn wereldtop die overal worden ingehuurd en ook luchtbeelden kunnen brengen. Wist je dat de Giro door Belgen in beeld wordt gebracht? Belgische wielertelevisie is internationaal geroemd.”
“Als wij al eens in het buitenland in regie enkel de cameraploegen op de moto’s leveren, dan merken we dat ze altijd onder de indruk zijn. Dat is wel een fijn gevoel, dat geeft voldoening. En dat levert telkens nieuwe opdrachten op. De komende weken doen we de Tour de Wallonie, daarna de Egmont Cycling Race in Zottegem, dan de GP Lucien Van Impe voor vrouwen, dan het Belgisch kampioenschap, enzovoort. Het team zit daardoor in een positieve drive. Niemand bij ons heeft het gevoel dat hij hard moet werken en daarom werken ze hard.” (lacht)
